Het recht krijgt zijn loop niet na moord op Bousquet

PARIJS, 9 JUNI. Frankrijk heeft met afkeuring gereageerd na de moord op de collaborateur René Bousquet, de 84-jarige voormalige secretaris-generaal van politie ten tijde van het Vichy-regime in de Tweede Wereldoorlog. Bousquet werd gisterochtend voor de deur van zijn Parijse flat neergeschoten door de 49-jarige Christian Didier, die wordt omschreven als een geestelijk gestoorde werkloze schrijver. Didier zei na zijn aanhouding gehandeld te hebben “in naam van het Goede tegen het Kwaad”.

Veel Fransen veroordelen de moord vooral omdat er nu geen proces-Bousquet kan worden gehouden, waarin duidelijk zou moeten worden in hoeverre "Vichy' de nazi's heeft geholpen bij de jodenvervolging in Frankrijk. Tegen Bousquet, die duizenden joden uitleverde aan de nazi's, was een klacht ingediend wegens misdaden tegen de menselijkheid, een misdrijf dat in Frankrijk geen verjaringstermijn kent.

Over twee weken zou een rechtbank definitief moeten vaststellen of Bousquet zou moeten terechtstaan. De advocaat Serge Klarsfeld, voorzitter van de "Vereniging van Zonen en dochters van de gedeporteerde joden van Frankrijk', zei gisteren dat het zo goed als vaststond dat Bousquet voor een rechtbank, waarschijnlijk volgend voorjaar, verantwoording had moeten afleggen - “iets waarvoor we jaren hebben gestreden”, aldus Klarsfeld. “We zijn geschokt door deze gebeurtenis waarvan de consequenties negatief zijn.”

Behalve een "misdaad die geen recht doet' was de moord op Bousquet gisteren ook een media-gebeurtenis van de eerste orde. Didier ontkwam na de aanslag aanvankelijk en belegde vervolgens een personferentie in een hotelletje ten noorden van Parijs. Voor de televisiecamera's beschreef hij uitvoerig hoe hij Bousquet had doodgeschoten (“Ik had het gevoel alsof ik een slang vernietigde”). Daarna volgde een verwarde verklaring over de "spiritualiteit van de wereld'. De politie maakte met Didiers arrestatie een eind aan deze scène, die gisteravond op het grootste Franse tv-station TF 1 een kleine twintig minuten van het journaal in beslag nam.

Didier drong zeven jaar geleden door zich uit te geven als arts de gevangenis van Lyon binnen om de Duitse oorlogsmisdadiger Klaus Barbie, de voormalige Gestapo-chef van Lyon, te vermoorden. Bij een controle werd een pistool ontdekt. Hij werd tot vier maanden gevangenis veroordeeld. Binnendringen om aandacht te krijgen, onder andere voor zijn vier boeken die hij in eigen beheer uitgaf, was zijn specialiteit. Hij verscheen herhaaldelijk onverwachts in televisieshows en werd ook een keer aangetroffen in de tuin van het Élysée, spelend met de Labradors van Mitterrand. Hij was over het hek geklommen om met de president te spreken over de zaak-Wallenberg.

Bousquet duchtte geen gevaar in zijn flat met het naambordje "R.B.' in het dure zestiende arrondisssement van Parijs, waar hij dagelijks zijn herdershond uitliet. Nabestaanden van joodse gedeporteerden hielden af en toe demonstraties bij zijn woning. Bousquet, die na de oorlog carrière maakte als bankier, werd pas in 1991 aangeklaagd wegens misdaden tegen de menselijkheid. De vragen over zijn verleden hebben echter niet geleid tot een proces, maar zijn opgegaan in een "media-maskerade', zo constateert de Franse krant La Tribune vanochtend spijtig.