Goddelijk

EEN JAPANS SPROOKJE voltrok zich vandaag in het heiligste der heiligen van het keizerlijke paleis in Tokio.

In Middeleeuwse gewaden gehuld en gekapt in traditionele stijl traden daar, slechts in aanwezigheid van de zonnegodin Amaterasu, kroonprins Naruhito en Masako Owada volgens de shinto-rite in het huwelijk. Vorstelijke sprookjes vormen nog altijd het zout in de dagelijkse maaltijd van de massa. En zelfs waar zij in een tragedie eindigen, behouden zij de functie van bindend element in de samenleving. In die zin vindt de voortschrijdende individualisering een eigentijdse evangelisatie tegenover zich onder de symbolen van natie, vorstenhuis, religie en "the politics of meaning', aanbevolen door "first lady' Hillary Rodham Clinton.

Indien er een mythische rangorde zou bestaan zou het Japanse sprookje bovenaan moeten worden geplaatst. Want de goddelijkheid van de Japanse vorst en zijn nazaten is inmiddels, ondanks de destijds door de Amerikanen bevolen secularisatie van zijn persoon, uniek geworden. (Een goede tweede zou dank zij zijn relatie met de zeegodin de soesoehoenan van Solo hebben kunnen zijn, ware hij nog regerend vorst.) Bij begrafenissen en huwelijken van zijn leden manifesteert zich de goddelijkheid van het Japanse keizersgeslacht in verhevigde mate, reden waarom de heiligste plechtigheid aan het oog van gewone stervelingen wordt onttrokken.

DE KEERZIJDE van sprookjes is natuurlijk dat de mensen er de werkelijkheid door uit het oog verliezen: een irrationeel "wij'-gevoel kan ook een kiem zijn voor uitwassen en fanatisme. In Japan ligt het risico van ontaarding vooral in de politieke bedoelingen die achter de georganiseerde renaissance van de shinto verborgen worden gehouden. Het gaat dan ten dele om een herhaling van de geschiedenis, daar namelijk waar de conservatieve krachten hun greep op de Japanse samenleving trachten te behouden. Maar is dat nu juist niet het wezen van al te vorstelijke sprookjes?