Televisie

“Kijk jij wel eens Vrouwenvleugel”, vraagt Jetse terwijl hij - op mijn verzoek - het vrijgemaakte blad van zijn bureautje met een vochtige doek afneemt. Ik ben zijn huiswerkjuf en voel er niets voor om tijdens de les met mijn onderarmen aan het blad gekleefd te zitten.

“Filmnet dan?” Hij schuift de televisie met alle spelletjessnoeren tegen zijn bed en sleept, uit de keuken, een stoel voor mij aan. Ik stel voor dat we aan het werk gaan, maar hij heeft nog teveel op zijn elfjarige lever.

“Filmnet ook niet? Video's dan? Huur je nooit video's? Moet je doen. Goor jôh, echt wel!” Hij duikt ineen van de lach. Dan strekt hij zich plotseling, wijst naar mij en zegt gebiedend: “Zweer op je kist dat je niks tegen mijn ouders zegt!”

“Het idee”, antwoord ik op een toon die duidelijk moet maken dat zijn wantrouwen niet alleen volslagen ongegrond is maar mij bovendien kwetst. Hij steekt meteen van wal.

“Christiaan hè, die had een video van zijn vader gepikt toen hij hier kwam slapen. En toen hebben we 's nachts gekeken. Onder de dekens; dat mijn ouders niks hoorden. Gelachen! Echt wel. Je snapt wel, hè? Een vrouw met niks aan, die zat de hele tijd aan een snikkel te likken. Eerst zei ze tegen die man: "Doe je benen eens wijd.'

“Jij moet daar om lachen, hè”, zegt hij plotseling op de koele toon van een onderzoeker die uitsluitend zijn waarnemingen onder woorden brengt. “Jij vindt het leuk. En weet je op wie ze leek?”

Hij kijkt mij recht in de ogen en brengt spanning in zijn stem. “Weet je op wie ze leek?” Zijn gezicht nadert het mijne. Hij komt zo dichtbij dat ik mijn hoofd naar achteren moet buigen om hem nog scherp te kunnen zien. “Weet je op wie?” Nu heeft hij de doordringende blik van de rechercheur die er zeker van is, met zijn ogen de bekentenis uit de misdadiger te kunnen trekken. “Ze leek op jou!”

Hij brult, hij schatert, zwaait zijn armen boven zijn hoofd, springt op zijn bed en begint wild te dansen. “Zie je wel, je lacht. Ja, nu weet ik het zeker. Jij wàs het!”

    • Monica Metz