'Sparen op kosten fiscus aangepakt'

DEN HAAG, 8 JUNI. De Verzekeringskamer zal vanaf 1 juli nieuwe nep-levensverzekeringsovereenkomsten niet langer erkennen. Het gaat om spaarconstructies met een “flinterdun” levensverzekeringskarakter.

Tot dusver zijn de premies voor die overeenkomsten aftrekbaar van de inkomstenbelasting. Het gaat dus om sparen op kosten van de belastingen, hetgeen op gespannen voet staat met de bedoelingen van de wetgever.

Vanaf 1 juli vervalt die fiscale aftrekbaarheid, zo heeft de Verzekeringskamer gisteren bekendgemaakt. Het ministerie van financiën noch de belastingdienst heeft zich uitgesproken over de nieuwe richtlijn. Het is nog niet zeker of het ministerie zich erbij neerlegt dat Verzekeraars erkennen sparen op kosten van fiscus niet langer

overeenkomsten die tot 1 juli zullen worden afgesloten, nog vallen onder het bestaande regime, dat aftrekbaarheid van ingelegde premies garandeert.

De Verzekeringskamer sluit niet uit dat in de laatste weken van juni advertenties zullen verschijnen om potentiële klanten te wijzen op de laatste mogelijkheid met belastingaftrek te sparen.

In de werkgroep die de nieuwe richtlijn heeft voorbereid is overwogen om oude contracten niet te respecteren. Het alternatief van een periode van een half jaar waarin bestaande contracten zouden moeten worden gewijzigd, is echter verworpen. In de werkgroep zat een ambtenaar van het ministerie van financiën, die echter geen bevoegdheid had namens de minister zijn fiat aan de gekozen oplossing te geven. Als het ministerie het er niet mee eens is, zal de minister de Wet op de inkomstenbelasting moeten wijzigen, meent de Verzekeringskamer.

Ramingen over de omvang van de markt voor de nep-levensverzekeringen kunnen de Verzekeringskamer noch de Vereniging van Levensverzekeraars (NVL) geven. De aanbieders zijn zowel banken als verzekeringsmaatschappijen.

Een complicatie is dat buitenlandse verzekeraars niet aan de richtlijnen van de Verzekeringskamer gebonden zijn. Nederlandse belastingplichtigen die denken dat zij de premie op een buitenlandse nep-levensverzekering kunnen blijven aftrekken zullen merken dat de Belastingdienst dit niet langer accepteert, zo is de verwachting. Voor de fiscus moeten Nederlandse en buitenlandse verzekeraars gelijk worden behandeld.

Iemand die een levensverzekering afsluit moet “kans op voordeel” hebben. Er moet een mogelijkheid zijn dat hij substantieel meer krijgt dan de waarde die de verzekeraar opbouwt door het beleggen van de betaalde premies. In het algemeen moet de uitkering bij overlijden gedurende minimimaal de eerste helft van de looptijd ten minste tien procent hoger zijn dan een belegger zou krijgen die dezelfde bedragen in een spaarregeling heeft gestort. Ook als de verzekeringnemer op de einddatum van zijn levensverzekering in leven is, moet zijn uitkering hoger zijn dan die van een vergelijkbare spaaruitkering.

De nieuwe criteria om te beoordelen waaraan precies een levensverzekeringsovereenkomst moet voldoen zijn opgesteld omdat na het van kracht worden (op 1 januari vorig jaar) van de Wet "Brede Herwaardering', die de fiscale behandeling van levensverzekeringen veranderde, onduidelijkheden bleken te bestaan over de definitie van een levensverzekeringsovereenkomst.