"Spaans kabinet met partijlozen en veel vrouwen'

MADRID, 8 JUNI. Premier González gaat een minderheidsregering vormen met daarin enkele ministers die niet aan een partij gebonden zijn en zeker vier of vijf vrouwen.

Dit hebben naaste medewerkers van de minister-president gisteren gezegd. Volgens vice-premier Narcis Serra heeft González “de ploeg al ongeveer in zijn hoofd” en zal die een groot aantal nieuwe gezichten bevatten. De beëdiging van het nieuwe kabinet wordt begin juli verwacht.

Spanje trilde gisteren nog na van de onverwacht grote zege die de socialistische regeringspartij zondagavond heeft behaald. Volgens de meeste analyses is die overwinning te danken aan het vertrouwen dat de persoon van González nog altijd geniet, en kwam zij eerder ondanks dan dankzij zijn partij tot stand. Naast het formuleren van een nieuw regeringsbeleid wacht de premier dit najaar dan ook als tweede grote opgave een ingrijpende hervorming van de PSOE, die tegen het eind van het jaar tijdens een bijzonder congres zijn beslag moet krijgen. De naam van de huidige minister van binnenlandse zaken Corcuera wordt genoemd als de nieuwe sterke man in het hoofdbestuur, die de invloed van de huidige partijtop terug moet dringen.

De financiële markten reageerden gisteren verheugd op het aanblijven van González, die weliswaar een wijziging van het economisch beleid in het vooruitzicht heeft gesteld maar zeker niet het Europese systeem van vaste wisselkoersen (EMS) zal willen verlaten. De koers van de peseta steeg met twee procent. De beurs van Madrid verloor bijna vierenhalf procent, omdat de meeste handelaren hadden gerekend op een zege van de conservatieve Partido Popular (PP) en vervolgens op een snelle rentedaling.

De vakcentrales drongen aan op een “wending naar links” in de economische politiek en volgens werkgeversvertegenwoordigers zou González toch moeten overwegen een coalitie te vormen met de Catalaanse nationalisten van Convèrgencia i Unió, de partij van president Jordi Pujol. Dit zou garant staan voor een behoudender koers en meer aandacht voor beperking van het begrotingstekort.

Volgens de meeste socialisten is de relatieve meerderheid van 159 zetels in het 350 leden tellende Huis van afgevaardigden echter voldoende om alleen door te regeren, met de parlementaire steun van Catalaanse en Baskische nationalisten over de grote lijnen van het regeringsbeleid en ad hoc-coalities bij bepaalde wetsontwerpen. De grote nationalistische partijen in beide regio's vrezen na zondag bovendien een al te hechte band met de regering. Beide werden immers tot hun verdriet en verbazing in de eigen streek in stemmental voorbijgestreefd door de plaatselijke afdeling van de PSOE en dat is een resultaat dat zich bij de volgende verkiezingen voor de regionale parlementen niet mag herhalen.