Friesland in rep en roer over nieuwe gebieden voor industrie

LEEUWARDEN, 8 JUNI. Een advertentie van een halve pagina drukt bezoekers van Friesland op het hart volgend jaar gasmaskers mee te nemen. In Herbayum hangen spandoeken tegen het "jiskebeam (vliegas)'. Friesland is in rep en roer.

Het protest is gericht tegen de komst van twee "megazones' voor industrie, waarvan er een gebruikt moet worden voor de opslag van vliegas, een afvalprodukt van elektriciteitscentrales. Het eerste succes is binnen: de inwoners van Joure wisten een van de twee geplande industrieterreinen inmiddels uit hun gemeente te weren.

Eind januari tekende het college van Gedeputeerde Staten van Friesland met de gemeenten Harlingen, Franeker, Skarsterlân en Heerenveen een intentieverklaring om tot de aanleg van twee grootschalige industrieterreinen te komen. Langs het Van Harinxmakanaal bij Harlingen en in de Haskerveenpolder bij Joure zouden twee zones ter grootte van 300 hectare moeten komen. De weerstand onder de bevolking was zo groot dat de bestuurders het plan voor het industrieterrein bij Joure vorige week introkken. In de raad van Skarsterlân bleek er geen steun voor te zijn. De pop die langs de A7 bungelde, met het opschrift "Wiegel bedankt', is inmiddels weggehaald. De vlaggen gingen in Joure en omstreken in top. Onderzocht wordt of de megazone waar grootschalige industrie de broodnodige werkgelegenheid moet opleveren nu kan worden verplaatst naar een terrein bij de rotonde in Heerenveen.

Volgens burgemeester B. Kuiper van Skarsterlân stond de politiek hevig onder druk, zeker met het oog op de komende gemeenteraadsverkiezingen. “Emoties hebben de discussie vertroebeld. Ten onrechte wordt de indruk gewekt dat voor of tegen het industrieterrein een keuze is tussen kanker en koeien”.

Ook in Heerenveen lijken de bewoners weinig op te hebben met de komst van een superindustriepark. De eerste actiecomité's zijn hier ook al gevormd. De bevolking maakt zich zorgen om de leefbaarheid van de streek en vreest dat het imago van Friesland als provincie van schone lucht, ruimte en rust een fikse deuk krijgt. Bovendien zet ze grote vraagtekens bij het werkgelegenheidsaspect.

De megazones moeten Friesland redden van toenemende werkloosheid, vergrijzing en een dreigende verpaupering van het platteland, vindt het Friese college van GS. Friesland telt 53.000 werklozen. “De verborgen werkloosheid is groot”, verklaart de Friese gedeputeerde mr. F. Steijvers. “Van de prognoses word je niet vrolijk. De komende jaren zouden er maar tussen de 350 en 400 arbeidsplaatsen bijkomen, terwijl de aanwas van werkzoekenden doorgaat.”

Grootschalige industrie moet de werkgelegenheid een impuls geven. En Friesland moet het vooral hebben van industrialisatie, vooral nu de werkgelegenheid in de landbouw schrikbarend daalt (de laatste jaren verdwenen in deze sector, ooit het boegbeeld van de Friese economie, 5000 arbeidsplaatsen en de komende vijf jaar zullen dat er nog eens 2000 zijn). De provincie heeft zijn zinnen gezet op internationale, grote bedrijven uit de basischemie, de farmaceutische industrie, de biochemie, de elektronica en de vervoerssector.

“Als je een hengel koopt, weet je nooit of je er vis mee vangt. Het enige wat je kunt doen, is een ideale hengel kopen en lesnemen in handig vissen”, antwoordt Steijvers op de vraag of er concrete belangstelling is van bedrijven voor de terreinen.

Met de ontwikkeling ervan is haast geboden, meent de gedeputeerde. “Het is onzeker of de financiële fondsen, zoals het ISP (Integraal structuurplan Noorden des lands) en het 5b-project, een EG-subsidiepotje, blijven bestaan.” Met realisering van de beide industriële zones is een investering gemoeid van 400 miljoen, waarvan de helft moet worden gedekt met EG-gelden.

Een vlotte uitvoering van de plannen lijkt evenwel niet haalbaar. De beste locatie, die bij Joure, is ingetrokken en de politieke steun voor het plan Kanaalzone kalft gestaag af. De toekomst zal uitwijzen of een superindustriepark haalbaar is. NOM-directeur drs. A. van der Hek constateerde al in een vroeg stadium dat hij weinig heil zag in de ontwikkeling van zo'n park bij Harlingen. Openlijk vroeg hij zich op een informatieavond af waar 300 hectare voor dienden als er bij de Eemshaven 600 hectare braak ligt.