"De communicatie zal met Wallage geen probleem zijn'

De achterban van de PvdA lijkt ingenomen met de keuze van de PvdA-top om J. Wallage de fakkel te laten overnemen van de ten val gebrachte staatssecretaris Ter Veld.

DEN HAAG, 8 JUNI. “Het is een uitstekende keuze”, zegt G. Braam, voorzitter van het PvdA-gewest Drenthe. Braam, in het dagelijkse leven leraar op de middenschool in Oosterhesselen, kreeg Wallage vorige week op bezoek. “Hij heeft een prima indruk achtergelaten, hij voelt aan wat er onder de mensen leeft. Met Wallage zal communicatie geen probleem zijn”.

Wallage heeft, zo vindt het gros van de achterban, een voor de PvdA herkenbaar beleid gevoerd op het ministerie van Onderwijs en Wetenschappen. Hij is zo in de voetsporen getreden van J. van Kemenade, minister van Onderwijs in het kabinet Den Uyl (1973-1977). De wet op de basisvorming, de wet die meer aandacht geeft aan achterstandsgroepen in het onderwijs: Wallage wist ze door een labyrinth te loodsen waar het CDA een traditioneel sterke positie heeft. “Het CDA heeft altijd met argusogen gekeken naar twee PvdA-bewindslieden op Onderwijs”, zegt H. Smeets, gewestelijk voorzitter in Brabant. “Wallage weet het beleid uit te dragen en politieke klippen te omzeilen”.

Er heerst geen grote onrust in de PvdA-achterban over de putsch tegen Ter Veld. Ook in het PvdA-gewest Utrecht, de bakermat van Ter Velds machtspositie in de PvdA, is geen rouwbeklag te horen. “De val van Elske was een hoge prijs”, zegt gewestelijk voorzitter Q. Reesinck. “Maar ik heb begrip voor het besluit van de partijtop.” Via het gewest Utrecht wist Ter Veld in de jaren tachtig zich naar de top van de partij te worstelen. Ze had er een trouwe achterban die haar steevast bij elke verkiezing hoog op de lijst zette. “Ze was voor ons de heldin van de klassestrijd”, zegt Reesinck. “Ze stond vooraan bij de emancipatie.” Maar het beeld van Ter Veld brokkelde af toen ze in het kabinet in de zomer van 1991 met de WAO-voorstellen kwam en onlangs met het voorstel te korten op de bijstand. Dat uitgerekend "onze Elske' deze plannen door dik en dun verdedigde ging er bij haar achterban moeilijk in. “Het contrast was wel erg groot”, zegt Reesinck. Het werd het gewest Utrecht ook duidelijk dat Ter Veld in Den Haag vastliep. Vorige week, nog voor haar vertrek, stuurde het gewestelijke bestuur van Utrecht een brief naar Ter Veld om haar contact met de fractie van de PvdA in de Eerste Kamer te verbeteren. In de senaat worden de WAO-voorstellen van het kabinet behandeld en vooral de zaak van chronisch zieken is een conflict tussen kabinet en PvdA-fractie. “Ter Veld wil graag overtuigen en kan zelf erg moeilijk overtuigd worden”, zo klinkt het in het gewestelijk bestuur. Utrecht riep haar op on speaking terms te blijven met de PvdA-fractie die een regeling wil voor de chronisch zieken. Ook in andere de gewesten is dit een heet hangijzer. Toch vindt Utrecht “het jammer” dat Ter Veld op deze wijze is terechtgekomen op de PvdA-mestvaalt van de geschiedenis.

De manier waarop het PvdA-kader reageert op de commotie om Ter Veld verschilt duidelijk van enkele jaren geleden. In de zomer van 1991, toen het kabinet met het WAO-besluit kwam, revolteerden de PvdA-gewesten, kwam ook de partijraad bij elkaar en had partijleider Kok een speciaal congres nodig in Nijmegen om zijn positie te behouden. Aan de PvdA-basis woedde een veenbrand die de partijtop in grote moeilijkheden bracht. De PvdA organiseerde daarop veel vergaderingen om het WAO-besluit uit te leggen waarbij staatssecretaris Ter Veld al snel uit de vuurlinie werd weggehaald omdat ze de zalen vol met partijgenoten eerder bruuskeerde dan kalmeerde. In die bewogen zomer werd de toenmalige partijvoorzitter M. Sint het zoenoffer: zij trad af.

De PvdA heeft haar partijstructuur inmiddels aanmerkelijk veranderd. De macht van de zogenoemde gewestelijke partijbaronnen is gebroken, de partijraad is afgeschaft en het partijbestuur mag zich niet meer met de politieke leiding van de PvdA bemoeien. En de kandidatenlijst voor de Kamerverkiezingen wordt niet meer opgesteld door de PvdA-gewesten, maar in feite door de partijtop, vooral door de troka Kok, fractievoorzitter Wöltgens en partijvoorzitter Rottenberg. De PvdA heeft haar partijstructuur gecentraliseerd, volgens de voorstellen daartoe in het rapport "een partij om te kiezen' van de commissie-Van Kemenade. De feitelijke macht in de PvdA ligt nu bij de genoemde troka en grote invloed ligt niet bij gewestelijke voorzitters maar bij netwerken met medewerkers en adviseurs die "het oor hebben' van het drietal. Zo bleef de putsch tegen van Ter Veld beperkt tot een “chirurgische ingreep” aan de top van de partij en ging haar aftocht vrijdag niet gepaard ging met zenuwachtig vergaderende partijbaronnen in broeierige zaaltjes, die tot voor kort nog het beeld van de PvdA bepaalden.

    • Derk-Jan Eppink