Foto: Afgelopen weekeinde werd de ...

Foto: Afgelopen weekeinde werd de tafeltennisfinale van de Europa Cup voor clubteams afgewerkt.

In een sporthal en niet op een zolderkamer zoals de dames op bovenstaande foto uit 1939. Toen tafeltennis nog pingpong mocht worden genoemd. Vermoedelijk wegens het speciale geluid dat de houten batjes produceerde. Zeker niet omdat, zoals wel wordt gesuggereerd, de sport uit China zou zijn overgewaaid want in de Volksrepubliek werd tafeltennis pas ontdekt in de jaren vijftig.

De bakermat van het tafeltennis ligt in Engeland, waar de elite nog voor de eeuwwisseling in avondkleding "salon-tennis' speelde. Het verhaal wil dat de sport door Britse militairen in Indië is verzonnen. Tennissers op zoek naar overkapping wegens de tropische regenbui. Bewijzen voor deze historische constatering zijn er niet.

De AMVJ was in de midden jaren twintig de eerste Nederlandse vereniging die pingpong introduceerde. Wim Groenendijk won in 1935 de eerste nationale titel. Hij werd al gauw overvleugeld door de legendarische Cor du Buy die in de jaren dertig en veertig in totaal negen maal Nederlands kampioen werd.

Margot van Wijk was de eerste speelster die kon wedijveren met de heren. In de jaren zestig speelden mannen en vrouwen afzonderlijk. Later werd voor Bettine Vriesekoop een uitzondering gemaakt.

De laatste onenigheid binnen de internationale tafeltenniswereld behelst het aanstaande verbod op de vloeibare lijm. De stof die tussen het hout en het rubber wordt gespoten, heeft een verslavende werking op de Japanse schooljeugd. Hoe anders was dat in 1939. Toen was alleen de sport verslavend. (Foto Spaarnestad)

    • Jaap Bloembergen