Ultieme reclame

“Zoiets moet het worden”, zegt Miss Imaizumi Tomoko, aardig maar beslist. Langzaam laat de agente van het Japan Tourist Bureau (JTB) langwerpige, wazige foto's van tulpenvelden uit een groene envelop glijden. Ze zijn genomen in Japan, in de noord-oostelijke provincie Toyama.

De voorafgaande dagen regent het bij fotograaf Johan Vigeveno faxen uit Japan. “Tulips must be at their best.” En: “Please be reminded that there MUST be the scene of a windmill in the picture.” De orders komen van mister Kanamori Noboru, de man om wie het vandaag allemaal draait. Mister Kanamori is een belangrijke begrafenisondernemer - met honderdzestig werknemers in dienst - uit Nagoya. Hij is speciaal naar Nederland gevlogen om een portret van zichzelf te laten maken tussen de tulpen. Geen foto voor de aardigheid. Nee, er moet "iets' mee gebeuren na zijn dood.

Het is koud en de lucht is spierwit boven het Amsterdamse Okura-hotel, de verblijfplaats van mister Kanamori. Regen dreigt. Maar er is geen sprake van uitstel. Vastbesloten klimt mister Kanamori in de afgehuurde touringcar. Hij draagt een onberispelijk, donker pak. Dit is zijn dag. Toch heeft Miss Imaizumi, de agente van JTB, elf lichte buigingen gemaakt voordat de bus eindelijk kan vertrekken richting bollenvelden. Want er zijn nog tien Japanners naar Nederland gekomen. Geen kennissen, maar zakenrelaties. Leveranciers van begrafenisprodukten als lijkkisten en bloemen. Hun aanwezigheid is een bizarre vorm van public relations. De enige vrouw van het gezelschap is mister Kanamori's oudere zuster. Zij is president-directeur van Aichi Kankon Sosai Gojokai, een keten van ruim vijftig begrafenis- en bruilofthallen. Vergeleken bij haar is broer Kanamori Noboru een kleine jongen, slechts directeur van de afdeling begrafenissen.

Mister Kanamori was ervan overtuigd dat je in Nederland overal tulpenvelden en molens ziet, in welke richting je je blik ook zou laten rusten. Maar de dag voor de foto-sessie is het nog behoorlijk zoeken geblazen. Tulpenvelden mèt molens, daar blijken er in het hele land slechts een stuk of vier van te zijn. Een veldje naast de Keukenhof lijkt een perfecte locatie. Maar de bollenboer heeft slecht nieuws: vanwege de hitte moet er snel worden "gekopt'. Hoeveel tulpen er morgen nog zullen staan, dát weet hij niet.

De boer heeft aardig doorgekopt, zo blijkt vandaag. Het pad dat langs het veld loopt ligt bezaaid met glazige, half rottende bloemen. Maar verderop staan gelukkig ook nog wat tulpen rechtop. Met aan de horizon de molen van de Keukenhof levert dit een aardig reisfolder-plaatje op. De Japanners zijn tevreden. Het fotograferen kan beginnen.

In café-restaurant Het Huis met de Pilaren zit Miss Imaizumi er, voor het eerst vandaag, ontspannen bij. Haar missie is volbracht, de portretten zijn gemaakt. Mister Kanamori geniet rustig van zijn voorgerecht: aspergesoep. “Hij denkt dat hij binnenkort doodgaat”, zegt ze plotseling. “He's a very special man.”

Beroepsmatig ziet mister Kanamori veel gewone begrafenissen aan zich voorbij trekken. Zoveel dat hij zich verplicht voelt om van zijn eigen begrafenis iets exclusiefs te maken. Bij wijze van ultieme reclame-stunt.

Tulpen, daar is mister Kanamori dol op. Ja, die heb je ook in Japan. Maar in Japan kan iedereen een begrafenisportret tussen de tulpen laten maken. “Not everybody can do it in Holland”, zegt de agente van JTB. Zichtbaar tevreden over de belangstelling voor zijn stunt, voegt mister Kanamori zich bij ons. Op een papiertje verrijst een kinderlijke schets van Zijn Dag: een groot altaar met zichzelf erop. Keurig rechtop zittend en zonder de gebruikelijke kist. Achter hem een regenboog van vers geplukte tulpen. En daar weer achter hangen de vandaag gemaakte foto's.

Eigenlijk is er slechts één ding dat hij niet zelf kan regisseren: de datum van de begrafenis. Wat als hij buiten het tulpenseizoen sterft? Ook daar is over nagedacht. Stel mister Kanamori sterft in augustus, dan hebben zijn naasten de opdracht om zijn lichaam te conserveren tot april. Dan staan de verse tulpen weer rechtop in de velden. En kan hij, in perfecte staat, rechtop op zijn altaar zitten.