Partner is de baas

De bridgewereld wordt de laatste jaren overstroomd met publikaties van velerlei aard. De waarde ervan is wisselend. Het zojuist verschenen "Partnership Bidding at Bridge, The Contested Auction' van Andrew Robson en Oliver Segal uit Groot-Brittannië is in ieder geval wel een bridgeboek van formaat. Segal is (nog) geen bekende naam in het internationale bridge, maar Robson des te meer. Deze voormalige jeugdwereldkampioen vormt tegenwoordig een uiterst succesvol partnership met Tony Forrester. Zo won het duo al eens goud voor hun land op de Europese Kampioenschappen en sloten zij in een jaar zowel het Koning en Hartman Circuit als de Cap Gemini Top 16 winnend af.

De titel van het ruim vierhonderd pagina's tellende boek dekt de lading: hoe gaat een partnership om met (mogelijk) tussenbieden. De bedoeling van de auteurs is om partners op één lijn te krijgen. Ze beschrijven een aantal veel voorkomende situaties waarin een van de partners op zeker moment een biedbeslissing moet nemen met vèrgaande consequenties. Is die goed, dan wint hij de wedstrijd of de robber. Doet hij het fout, dan valt de hele wereld over hem heen. Dit soort beslissingen heeft bij gemiddelde spelers veel weg van een blinde gok, waarbij het balletje soms op rood en soms op zwart valt. Een rationele verklaring voor zijn keuze kan de bieder veelal niet eens geven.

Het aardige van het werk van Robson en Segal is dat zij de lezer suggesties aan de hand doen, die hem helpen in dergelijke situaties vaker de juiste beslissing te nemen. Noodzakelijk daarvoor is het aankweken van een bepaald gevoel. Maar dat gevoel moet op logica gebaseerd zijn. Begrippen als flair, table presence of vrouwelijke intutie zijn leuk voor de huis-, tuin- en keukenbridger, maar hebben niets met de echte wedstrijdsport te maken.

Waarin onderscheidt een expert zich dan van een gemiddelde speler? Talent speelt een rol, ongetwijfeld, maar vooral de bereidheid om hard te werken aan een biedsysteem. Topspelers schaven continu aan biedseries die anticiperen, respectievelijk reageren op tussenbiedingen. Robson en Segal geven tips om een partnership-understanding in competitie te ontwikkelen. Uitgangspunt is om zoveel mogelijk informatie aan partner over te dragen. Die informatie hoort de tegenstander natuurlijk ook, maar hij kan er veel minder mee. Een voorbeeld.

Zuid geverZuid

Allen kw.ß7 AV743

ß6 V

ß5 HB75

ß4 B65

West Noord Oost Zuid

1ß7

3ß4 4ß7 5ß4 ?

3ß4 was een zwak sprongvolgbod. Zuid heeft een lastige beslissing. Als noords 4ß7 voornamelijk gebaseerd is op veel troeven met een singleton of renonce klaveren, dan moet 5ß7 of een goede redding zijn of er misschien zelfs nog wel inzitten. Er zijn echter ten minste zoveel noordhanden te bedenken waarin 5ß7 nu van zuid desastreuze gevolgen heeft. Kortom een belangrijk moment waarover je goede afspraken moet hebben. Stel noord had iets als

ß7 HB65 ß6 1052 ß5 AV1092 ß4 4

dan is 5ß7 koud en 5ß4 ook. Maar maak van ß5A, ß6A, dan gaan deze beide manches down. Waar het bij de gegeven noord-zuid handen om draait is de ruitenaansluiting. Hoe weet je of die er wel of niet is? Robson en Segal bevelen dit biedverloop aan:

West Noord Oost Zuid

1ß7

3ß4 4ß5 5ß4 5ß7

Alles draait om het 4ß5 bod dat exact deze betekenis heeft: goede schoppenfit met een goede vijfkaart ruiten. Noord maakt met dit zeer beschrijvende bod zijn partner tot "boss' van het bieden en stelt hem in staat op hoog niveau de juiste beslissing te nemen. Met zijn uitmuntende ruitens mee ligt zuids beslissing voor de hand:

Noord

ß7 HB65

ß6 1052

ß5 AV1092

ß4 4

WestOost

ß7 9ß7 1082

ß6 A93ß6 HB8764

ß5 643ß5 8

ß4 HV10972ß4 A83

Zuid

ß7 AV743

ß6 V

ß5 HB75

ß4 B65

"Als je fit hebt, meld je dan zo snel mogelijk.' Uiteraard onderschrijven Robson en Segal dit gezonde principe ten volle. Toch hebben ze een enkel geval ontdekt, waarin partner vertraagd op fit wordt geattendeerd, met als doel hem te waarschuwen. Dit is een subtiele:

Zuid gever,Noord

NZ kw.ß7 B84

ß6 H84

ß5 B10842

ß4 H6

WestOost

ß7 AV962ß7 H1073

ß6 -ß6 VB107

ß5 HV95ß5 7

ß4 10742ß4 B953

Zuid

ß7 5

ß6 A96532

ß5 A63

ß4 AV8

Dit biedverloop lijkt normaal:

West Noord Oost Zuid

1ß6

1ß7 2ß6 3ß7 4ß6

4ß7 pas pas pas

Wie zal het west kwalijk kunnen nemen dat hij nog eens 4ß7 bood? Dat contract gaat één down, maar 4ß6 had voor twee down gedoubleerd kunnen worden. Robson en Segal geven oost een interessant advies. Omdat hij kan zien dat het bieden vermoedelijk niet zal uitsterven, kan oost in zijn eerste biedronde beter passen, om indien nog mogelijk daarna - vertraagd dus - de schoppens te steunen op driehoogte. West is dan gewaarschuwd dat zijn partner "tegenzit' en zal zich wel twee keer bedenken om nog eens 4ß7 te bieden.

"Partnership bidding, The contested auction' wordt uitgegeven door Faber & Faber Ltd., Londen. ISBN 0-571-16432-3 en is in Nederland verkrijgbaar bij de Bridge- en Boekenshop van de Nederlandse Bridge Bond, tel. 030-710219.