Overheid berooft jeugd van verleden

Sinds de invoering van de Mammoetwet in de jaren zestig is het Nederlandse onderwijs de speeltuin geworden van sociaal bewogen vernieuwers. Met nietszeggende kreten zoals: “Maatschappelijke relevantie, herkenbare samenlevingsvormen, basisvorming, kerndoelen, kwantitatieve informatieverwerking, spreiding van kennis en gelijke kansen voor iedereen”, is ons eens zo voortreffelijke onderwijs in nog geen 25 jaar tijd tot een karikatuur geworden van wat het eens was.

Niet bekend

De waarheid is echter anders. De mens leeft te kort om een maatschappij, een cultuur, wetenschap en kunst in één generatie op te bouwen. Bij alles wat wij doen staan wij op de schouders van de vele generaties die ons zijn voorgegaan. Alleen door te weten wat onze voorouders hebben gedaan, gedacht en doorleefd kunnen wij begrijpen waarom bepaalde dingen in ons leven wèl of niet goed gaan. Zonder de kennis van Louis Pasteur, Semmelweis en Fleming zouden nog steeds miljoenen mensen sterven aan onbenullige infecties.

Doch ook maatschappelijk is kennis van de historie van levensbelang. In een wereld die steeds kleiner wordt en de contacten tussen volken, rassen en religies steeds intensiever worden, is wederzijdse kennis van de historie onmisbaar voor onderling begrip en voor het vermijden van desastreuze conflicten. Een grondige en algemene kennis van de historie is ook één van de meest effectieve waarborgen voor een democratische maatschappij en één van de beste wapenen tegen een dictatuur. Het is geen toeval dat dictaturen, of deze nu links of rechts van aard zijn, altijd beginnen met het vervalsen van de geschiedenis. In de voormalige Sovjet-Unie zijn de geschiedenisboekjes op de scholen vele malen herschreven teneinde de jeugd op de gewenste wijze politiek te indoctrineren.

Indien thans politieke agitatoren beweren dat er ongewenste vreemde elementen in onze maatschappij zijn binnengedrongen en dat deze inferieur en crimineel zijn en bovendien de werkgelegenheid en onze cultuur bedreigen, dan herinnert een ieder die de jaren dertig en veertig bewust heeft meegemaakt deze leuzen al eens eerder te hebben gehoord. En men weet waar het op uitdraait indien er gehoor aan gegeven wordt. Het eindigt altijd met discriminatie, concentratiekampen en ten slotte volkerenmoord.

Geschiedenis is geen vrijblijvend bijvakje voor minder begaafden in de exacte vakken, doch de belangrijkste pijler van ons bestaan. Zonder kennis van de geschiedenis zijn de jongere generaties weerloos voor politieke agitatoren. Door gebrek aan kennis mist de jeugd het vermogen tot een kritische analyse van politieke manipulaties. Wellicht is juist dat wel de nimmer uitgesproken doch ware bedoeling van onze progressieve onderwijsvernieuwers.

Hoe essentieel kennis van de geschiedenis is, zelfs voor het voortbestaan van een land en een natie bewijst onder meer het joodse volk. Geen volk ter wereld in de loop van de laatste vierduizend jaar is zo bedreigd geweest in zijn bestaan als het joodse. Egyptische ballingschap, omzwervingen in de woestijn, Babylonische gevangenschap, vernietiging door de Romeinen, een eeuwenlange verstrooiing over de gehele aarde, verlies van het eigen land, de holocaust en enige oorlogen met Arabische landen. En toch vertelde jaar in, jaar uit waar ook ter wereld iedere joodse vader aan zijn kinderen tijdens de Pesach, het joodse Paasfeest, hoe Mozes het volk Israel 1300 jaar voor Christus uit de Egyptische slavernij had geleid. En dagenlang werd deze uittocht opnieuw beleefd door het gehele gezin waarbij zelfs etenswaren, zoals onder meer de matzos, een historische betekenis hadden. Eeuwenlang werd de Pesach-viering besloten met de woorden: “Tot volgend jaar, in Jeruzalem...”

En, na bijna tweeduizend jaar werd op 15 mei 1948 de joodse staat Israel gesticht en kwam er een einde aan de diaspora. Zonder meer kan men stellen dat door het onverzettelijk vasthouden aan de geschiedenis het joodse volk zijn identiteit heeft behouden en dat het daardoor niet ten onder is gegaan. Dat is de grote kracht van historisch bewustzijn. Joodse geleerden, rabbijnen en profeten wisten dat al eeuwenlang. Zij zijn de uitvinders van het vak geschiedenis. Niet voor niets zijn zij ook de schrijvers van het oudste geschiedenisboek der mensheid: de bijbel. En daarin kan men lezen waarom allerlei zaken wetmatig fout gaan en hoe men sociale rampen kan voorkomen. En deze historische wetmatigheden zijn heden ten dage nog net zo actueel als 4000 jaar geleden.

En wat doen de Nederlandse autoriteiten? Zij beroven de jeugd van het verleden van de mensheid. Zij brengen de leerlingen terug tot het culturele peil van de Neanderthaler die ook geen benul van historie had en veroordelen de toekomstige generaties tot het opnieuw doormaken van de harde lessen waar Nederlanders van vóór de Mammoetwet zo bitter voor hebben moeten betalen.

Waar blijft de Mozes die ons volk komt bevrijden uit de Egyptische duisternis van de onderwijshotemetoten?

    • B. Smalhout