Vooruitgang geboekt in Gatt-besprekingen

PARIJS, 3 JUNI. Op de topconferentie van de zeven belangrijkste industrielanden (G-7), volgende maand in Tokio, zal waarschijnlijk een principe-akkoord worden gesloten over de afbraak van de handelsbelemmeringen. De handelsvertegenwoordigers van de VS, Canada, de EG en Japan, die gisteren in Parijs in de marge van de jaarvergadering van de Oeso spraken over liberalisering van de wereldhandel, maakten dit streven bekend.

Een principe-akkoord over de handelstarieven zou een belangrijke stap zijn op weg naar succesvolle afronding van de al zeven jaar durende wereldhandelsbesprekingen in het kader van de Gatt. Op 23 en 24 juni zullen de handelsvertegenwoordigers van Japan, de VS, Canada en de EG in Tokio verder praten.

“We zijn dicht bij het grootste pakket handelsmaatregelen uit de geschiedenis”, zo zei de Amerikaanse handelsgezant Mickey Kantor op een persconferentie. Het streven naar een principe-akkoord in juli werd bekendgemaakt na drie uur overleg, maar geen van de gesprekspartners wilde aangeven welke geschillen precies opgelost zijn. De Japanse minister Kabun Muto zei dat “bepaalde punten nog uitgewerkt moeten worden”. EG-commissaris Leon Brittan zei te geloven “dat er een sprankje hoop gloort na dit handelsoverleg”. Hij voegde er aan toe dat er nog veel werk te doen is.

Volgens staatssecretaris Van Rooij van buitenlandse handel zit er nu duidelijk schot in het Gatt-overleg. “Ik draai nu al zo'n zeven jaar mee en het viel me op dat de sfeer positiever en constructiever is dan vorige jaren.” Volgens de staatssecretaris gaat het wel degelijk om meer dan loze beloften van de vier grootste handelsmachten. Behalve de markttoegang moeten nog andere kwesties worden afgerond, zoals intellectueel eigendom, de handel in textiel en het beslechten van handelsgeschillen.

De Amerikaanse minister van financiën, Lloyd Bentsen, greep de Oeso-vergadering aan om kritiek te leveren op Japan en Europa. Hij drong er bij beide op aan meer te doen voor de groei van de wereldeconomie. Hij ontkende echter dat hij graag een hardere yen zou zien. Een duurdere yen maakt Japanse export duurder en zou het stijgend handelsoverschot van Japan met de VS kunnen doen dalen. Volgens Bentsen vormt het handelsoverschot een bedreiging voor de groei van de wereldeconomie. “Dat moet veranderen”, aldus de bewindsman. De Japanse minister van economie en planning, Funada, verwierp de kritiek en zei dat import van meer Amerikaanse artikelen - teneinde het handelstekort van de VS terug te dringen - in tegenspraak zou zijn met de principes van de markteconomie.

Bentsen drong er bij de Europeanen op aan om in sneller tempo de rentetarieven naar beneden te brengen. “De wereld kan niet alleen op groei in de VS leunen om uit de recessie te komen”, zo zei Bentsen. (Reuter, AP, ANP)