Parijse Tuinen

Musée Départemental Albert-Kahn, Rue du Port, Boulogne-Billancourt. Di t/m zo 11-19u. Inl 09-33146045280.

Een hardnekkig gerucht gaat dat Parijs arm is aan groen. Niets is minder waar. Al tijdens het Ancien Regime loofden verslaggevers, vooral de buitenlandse, de pracht van de talrijke Parijse tuinen: Tuileries, Palais Royal, Luxembourg, Jardin des Plantes, Bagatelle. Dankzij de grootscheepse stadsreorganisatie door baron Haussmann, in opdracht van Napoleon de Derde, kreeg Parijs er tijdens het Second Empire 1800 hectare tuinen en parken bij: twee "monumenten' op de plaats van voormalige koninklijke jachtdomeinen, het Bois de Vincennes ten oosten, en het Bois de Boulogne ten westen van Parijs; twee andere, die onveilige "faubourges' in plekken voor braaf vertier veranderden, het Parc des Buttes Chaumont in het noorden en het Parc Montsouris in het zuiden van Parijs, en nog talrijke andere tuinen waaronder het romantische Parc Monceau in het achtste arrondissement. Heel vruchtbaar waren ook de perioden 1920-1930 die originele plantsoenen als bij voorbeeld Le Square René-Le-Galle, Le Square Saint-Lambert en het Parc de la Butte-du-Chapeau-Rouge voortbracht en de afgelopen vijftien jaren met onder andere het Parc Georges-Brassens, de Jardin des Halles, het Parc de Belleville, het Parc de la Villette, het Parc André Citroën en binnenkort het Parc de Bercy.

Vandaag telt Parijs vierhonderd parken, tuinen en plantsoenen die 2800 hectare bestrijken, wat neerkomt op ongeveer acht vierkante meter groen per inwoner. Een record voor een wereldstad.

Een aantal van deze tuinen is bij de meeste Parijzenaars en toeristen bekend. Zoals bij voorbeeld de Jardin du Luxembourg, de beroemdste, de tuin der tuinen, gesitueerd aan de rand van het "Quartier Latin', met zijn tuin "à l'Italienne' en "à l'Anglaise', zijn schitterende beelden van beroemde koninginnen als Clotilde, Berthe, Blanche, Marie Stuart en Marie de Médicis (die de tuin in 1612 liet aanleggen), zijn vloot van dertig tonijnvissersboten in het Grand Bassin waar de 87-jarige monsieur Paudeau zich al sinds 1927 over ontfermt en die kinderen voor twaalf franc per uur mogen navigeren, zijn 116-jarige Manège (draaimolen) Charles Garnier, zijn marionettentheater, bomenkwekerij (waarvan de opbrengst de eigenaar van het park - de Senaat - toekomt), zijn bijenkorventuintje, waar apicultuur-lessen worden gegeven en bovenal zijn onvergelijkelijke tijdloze charme.

Beroemd is ook Le Jardin des Tuileries, Parijs' oudste tuin die in 1565 in opdracht van Louis de Veertiende door Le Nôtre "a la Francaise' werd aangelegd. Deze tuin wordt, na tientallen jaren schandalige verwaarlozing, eindelijk grondig gerestaureerd en vernieuwd naar plannen van de drie tuinarchitecten Pascal Cribier, Louis Benech en de Belg Jacques Wiertz. Eind van de werkzaamheden: 1995. De maquette is zichtbaar op de Esplanade des Seuillants, dagelijks van 10u tot 18u.

Veel minder bekend bij toeristen, vooral door de weinig centrale ligging, zijn de twee buurt/volkstuinen, het Parc Montsouris (1878) in het veertiende en het Parc des Buttes Chaumont (1867) in het negentiende arrondissement, twee Engelse landschapstuinen compleet met "folies', meren, heuvels, watervallen, neprotsen en grotten. In de eerste staan veel schitterende honderdjarige exotische bomen, als iepen uit Siberië, en ook een beeldschone net gerestaureerde muziektent waar in de zomer volop concerten zijn. De tweede, de grootste (25 hectare) en meest exotische, heeft veertig meter hoge kliffen en wankelende bruggen van waaraf destijds veel romantische zelfmoorden werden gepleegd.

Heel bijzonder is de net gerestaureerde voormalige privé-tuin van de Franse financier en filantroop Albert Kahn (1860-1940) ten westen van Parijs. Deze humanist wilde niet alleen met zijn beroemde fotocollectie, de "Archives de la Planète', maar ook met zijn tuinencollectie (een Engelse, Japanse en Franse tuin een Vogezen-, goud en blauwbos, een fruit- en rozentuin), harmonieus samengebracht op vier hectare, een model voor een mogelijke vrede scheppen. In de voormalige wintertuin, een mooie ijzer- en glasconstructie uit 1895, kun je thee drinken. Een vredige plaats om uit te rusten van een Parijse tuinentocht.