Ons land kan plaats bieden aan grutto's èn zeearenden

Nederland is groot genoeg voor mensen, zeearenden en grutto's. Elke dag maakt Koos van Zomeren in deze krant de natuur tot voorpaginanieuws - de juiste plaats voor zo'n belangrijk onderwerp.

In aanvulling daarop verscheen in NRC Handelsblad van 29 mei een ander stuk van hem onder de titel "Waarom moeten we de natuur behouden?'. Dát stond op de opiniepagina - óók een plek waar het onderwerp bij uitstek thuis hoort. Want juist op dit moment speelt volop de discussie hoe ons land er over een aantal jaren uit moet zien: hoeveel plaats is er voor de natuur, hoeveel voor de landbouw, hoeveel voor de recreant en stinkt het nog steeds zo hevig in het Nederland van de toekomst?

Ik wil ingaan op de vraag die Van Zomeren zichzelf stelt. Niet zozeer op de vraag waarom we de natuur moeten behouden, maar op de vraag of hij “... de grutto boven zijn huis wil inleveren voor het idee van een zeearend in de uiterwaarden bij Nijmegen. Want dat is de samenhang: het één wordt verkocht, gelegitimeerd, met het ander” schrijft hij.

De keus waartoe Van Zomeren zich kennelijk gedwongen ziet hoeven we gelukkig niet te maken. Voor het Wereld Natuur Fonds is de grutto niet het wisselgeld voor de zeearend. Nederland is zó groot en er is een zó gevarieerde natuur mogelijk, dat voor beide soorten plaats is. Het Wereld Natuur Fonds wil daarmee niet zeggen dat we in Nederland geen keuzes hoeven te maken. Kiezen moet, maar niet tussen zeearenden en grutto's, maar voor zeearenden en grutto's.

Want precies diezelfde natuurbeschermingsmaatregelen die ervoor kunnen zorgen dat de zeearend zich weer thuis gaat voelen in Nederland, kunnen in de toekomst ook de grutto voor ons land behouden. Immers: zowel de grutto als de zeearend zijn vogels die van nature langs rivieren broeden. "Woningnood' daar heeft de zeearend verdreven en bezorgt nu de grutto grote problemen. Nieuwe woonruimte is dus nodig, 2000 km en wat ons betreft binnen tien jaar, niet alleen voor de zeearend maar ook voor de grutto.

Van Zomeren beschrijft treffend de jammerlijke slachting waaraan de Nederlandse grutto's elk voorjaar ten prooi vallen. Zelfs op plaatsen waar de overheid vergoedingen uitkeert om pas te maaien nadat de grutto's hun jongen hebben grootgebracht, zijn nesten dit jaar uitgemaaid.

Waardoor wordt die slachting veroorzaakt? Houden boeren niet van grutto's? Het lijkt me sterk. Is de controle te zwak? Mogelijk, maar dit jaar zijn overtredingen wel degelijk gerapporteerd. Het is dus niet een gebrek aan liefde dat de grutto's fataal wordt, of onoplettendheid van de natuurbescherming; het is het feit dat ze bijna alleen nog maar op riskante plaatsen terecht kunnen. Plaatsen die de Nederlandse samenleving voor iets anders dan grutto-broedgebied heeft bestemd: voor veeteelt bij voorbeeld, of voor de teelt van gras. Grutto's zijn in die gebieden een "bijprodukt'; mooi als het erbij kan, maar als het moet wordt er gekozen: niet voor grutto's, niet voor zeearenden, wél (uiteraard) voor de agrarische opbrengst.

Natuurlijk hoopt ook het Wereld Natuur Fonds dat de grutto boven de weilanden in de omstreken van Woerden zal blijven vliegen. Maar hun voortbestaan daar is uiterst penibel. Daarom willen wij dat er gebieden komen waarin het duurzaam voortbestaan van grutto's, naast zeearenden, bevers en al die andere soorten die in Nederland thuishoren, hoofddoel is.

Zulke gebieden zijn in Nederland nauwelijks te vinden. Hooguit vijf procent van ons land is voor de natuur ingeruimd en de natuurbescherming heeft zich tot het uiterste moeten geven om dat overeind te houden. Die vijf procent blijkt echter niet genoeg: het verdwijnen van zwarte ooievaar, eland, en zeearend en de kans dat we ook nog soorten als de grutto kwijt raken, wijzen daarop.

Daarom pleit niet alleen het Wereld Natuur Fonds, maar ook Natuurmonumenten, de Stichting Natuur en Milieu, Vogelbescherming en de Unie van Landschappen, voor een forse uitbreiding van woonruimte voor planten en dieren in Nederland.

Uit de dagelijkse ervaringen in het buitenland weten we dat, indien die ruimte er is, grutto's en zeearenden heel goed naast elkaar kunnen bestaan. En niet alleen in afgelegen gebieden, maar ook in de nabijheid van dorpen en steden. Voor ons ligt de keus daarom voor de hand: ook in Nederland moet weer plaats zijn voor én de zeearend én de grutto, liefst om de hoek.

    • Siegfried Woldhek