Omstreden vice-president Espina benoemt zichzelf tot staatshoofd; Guatemala blijft in bestuurlijk vacuüm

GUATEMALA-STAD, 3 JUNI. De politieke crisis in Guatemala is verder verscherpt nadat de vice-president, Gustavo Espina Salguero, zichzelf gisteren op verrassende wijze uitriep tot de nieuwe president. Tezelfdertijd begon het openbaar ministerie een strafzaak tegen Espina om zijn rol bij de machtsgreep die president Jorge Serrano een week geleden uitvoerde. Serrano, die gisteren door het leger uit zijn functie werd gezet, heeft het land inmiddels verlaten en verblijft in het buurland El Salvador.

De actie van vice-president Espina lijkt te worden gesteund door het leger. Maar in grote delen van de Guatemalteekse samenleving heerst ontevredenheid over de gebeurtenissen van de afgelopen vierentwintig uur. Velen vrezen dat het aanvankelijke herstel van de democratie nu weer is teruggedraaid. Duizenden mensen, vooral jongeren, demonstreerden gisteren voor het presidentiële paleis en het gebouw van het Congres, dat met leuzen werd beklad. De politie greep niet in. In de Guatemalteekse hoofdstad gaat het dagelijks leven overigens gewoon verder en zijn niet meer militairen op straat dan gewoonlijk.

Op een persconferentie gisteravond waarschuwde de speciale aanklager voor de mensenrechten, Ramiro de León Carpio, dat Guatemala zich nu “in een bestuurlijk en wettelijk vacuüm” bevindt en dat dit “bloedige consequenties kan hebben”. De León steunde de ingreep van het leger tegen Serrano, maar zei dat de minister van defensie, generaal José Domingo Garcá Samayoa, nu “het Guatemalteekse volk en de internationale gemeenschap moet uitleggen” wat er eigenlijk gebeurt.

De verwarring wordt nog verder vergroot door het Guatemalteekse Congres, dat gisteren bijeenkwam om zich te beraden op een opvolger voor Serrano, maar niet het benodigde quorum van tweederde bijeen kon brengen. Hierdoor kon het overigens ook niet als president bevestigen, zoals volgens de grondwet vereist is. Espina verscheen gisteravond laat in het Congres, waar hij er bij de afgevaardigden en leden van het Hooggerechtshof op aan drong het proces van “zelfreiniging” te beginnen. Hij vroeg de parlementariërs ook hun salaris te verminderen. Zelf zei hij “de presidentiële sjerp nu niet op de borst te willen hebben”, omdat hij een grotere consensus in Guatemala zoekt voor zijn presidentschap.

De politieke partijen lijken de alom geëiste “zelfreiniging” van corrupte elementen in hun gelederen niet te kunnen verwezenlijken. Werkelijke zuivering, zo menen waarnemers, zou een leeg Congres opleveren. Het dagblad La Hora stelde gisteren in een hoofdartikel voor “met de minst bevlekte” parlementariërs verder te gaan in een poging het land uit de politieke en institutionele crisis te helpen.

Nadat hij dinsdag president Serrano uit zijn post had gezet, zei minister van defensie generaal Garcá Samayoa dat de vice-president automatisch het nieuwe staatshoofd zou worden, maar dat deze tezamen met Serrano zijn ontslag had ingediend. Espina ontkende dat gisteren in alle toonaarden. Kort nadat Espina een persconferentie in zijn huis had gegeven waarin hij de machtsovername aankondigde, vervoegde generaal Garcá zich bij de vice-presidentiële woning om mee te delen dat het presidentschap van Espina “een voldongen feit” is en zijn ontslag een “vergissing”.

De politieke crisis in Guatemala begon vorige week dinsdag nadat president Jorge Serrano Elás via een zogenoemde "zelfcoup' en met de kennelijke steun van de strijdkrachten alle macht in het land naar zich toetrok, naar eigen zeggen wegens de onhoudbaar geworden corruptie in het openbaar bestuur. Onder grote binnen- en buitenlandse druk keerde het leger zich begin deze week tegen Serrano en schaarde zich achter een uitspraak van het grondwettelijke Hof dat Serrano's actie illegaal verklaarde.

Nadat hij de steun van de strijdkrachten had verloren, restte Serrano niet veel meer dan het land te verlaten. In de nacht van dinsdag op woensdag vloog hij met zijn familie in een privé-vliegtuig naar het buurland El Salvador, van waar hij waarschijnlijk zal doorreizen naar de Verenigde Staten. Het Amerikaanse ministerie van buitenlandse zaken liet weten dat Serrano in Texas zijn zieke moeder zal bezoeken, gebruikmakend van “een al eerder afgegeven toeristenvisum”. Serrano zelf zei dinsdagavond in een vraaggesprek met de Mexicaanse nieuwszender ECO dat hij nooit is afgetreden en herhaalde dat het land in de handen is gevallen van “drugmafia's”.

Volgens sommige waarnemers zijn de gebeurtenissen van de afgelopen vierentwintig uur minder verrassend dan ze op het eerste gezicht lijken. Volgens deze versie zou Serrano een akkoord met het leger hebben gesloten dat hij het land zou verlaten en Espina het presidentschap zou overnemen. Daarmee zou de situatie van vóór de zelfcoup zijn hersteld, zonder dat de machtsverhoudingen in het land zijn aangetast. Zowel Serrano als Espina wordt door onder andere de Guatemalteekse pers beschuldigd van grootscheepse zelfverrijking in de afgelopen jaren.

De complexiteit van de huidige situatie in Guatemala, waar niemand zich meer waagt aan analyses, laat staan voorspellingen, wordt onderstreept door uiterst neutrale commentaren van de Amerikaanse minister van buitenlandse zaken Warren Christopher. De VS wachten voorshands met herstel van de economische hulp aan Guatemala totdat meer duidelijkheid is ontstaan over de vraag of de democratie in het land is hersteld. De mensenrechten-ombudsman De León Carpio zei gisteren dat Serrano en de zijnen het land in “een politieke afgrond” hebben gestort. Hij verwachtte dat het Congres de benoeming van Espina tot president niet zou ratificeren.

De León Carpio wees er ook op dat de positie van de strijdkrachten, en met name die van generaal Garcá Samayoa, steeds onmogelijker wordt. In de afgelopen tien dagen heeft deze achtereenvolgens de zelfcoup van Serrano gesteund, daarna Serrano en Espina afgezet en zich vervolgens geschaard achter Espina's zelfuitgeroepen presidentschap. Volgens sommige waarnemers duidt dit erop dat het leger verdeeld is over de te volgen koers.