Normale rentestructuur is nabij

AMSTERDAM, 1 JUNI. Zoals verwacht heeft De Nederlandsche Bank de officiële rentetarieven in de afgelopen week verder verlaagd. De geldmarkttarieven lieten eveneens een daling zien hoewel deze beperkter bleef dan die van de officiële tarieven. De daling bleek genoeg om de D-mark steun te bieden. De koers was gisteren met 1,1219 gulden voor één D-mark weer op een vertrouwd niveau.

De renteverlaging door DNB heeft de inflatieverwachtingen van beleggers, een van de bepalende factoren voor de hoogte van de kapitaalmarktrente, niet negatief benvloed (hogere inflatie).

De slechte cijfers omtrent de nederlandse conjunctuur, die deze week bekend werden gemaakt door het CBS, hebben ook weinig invloed gehad op de inflatieverwachtingen. De economische groei in Nederland bleek met 0,6 procent te zijn gedaald (t.o.v. hetzelfde kwartaal 1992). Analisten gingen al uit van een negatief groeicijfer voor het eerste kwartaal. Doordat het jaar 1992 een schrikkeljaar was, kende het eerste kwartaal destijds een extra werkdag (66 i.p.v. 65). Dit zou in potentie een groeivermindering van 1,5 procent rechtvaardigen (enige voorzichtigheid is hier op zijn plaats). Bij ontstentenis van deze extra werkdag behoefde men dan ook niet onaangenaam verrast te zijn met het gepresenteerde groeicijfer. Gecorrigeerd voor deze werkdag zou de kwartaalsgroei 0,9% zijn geweest. De verwachting dat Nederland dit jaar gemiddeld genomen een positieve economische groei van circa 0,5 procent zal laten zien, behoefde vooralsnog geen aanpassing. Het conjunctuurcijfer liet de kapitaalmarkt dan ook koud.

Niettemin zit Nederland in een moeilijke economische periode. Dit pleit voor een verdere daling van de tenminste de korte rente. De ruimte daarvoor blijft aanwezig dankzij de sterke positie van de gulden in het EMS. Hopelijk zal de ruimte ook door DNB benut worden, vooral omdat het niet ingaat tegen haar primaire doelstellingen, het handhaven van een stabiele wisselkoers en een lage inflatie. Een lagere korte rente en een gelijkblijvende, of zelfs onder invloed van Duitsland oplopende, lange rente kan binnen afzienbare tijd in een normale rentestructuur (lange rente boven korte rente) uitmonden. Dit biedt het bankwezen na lange tijd weer de mogelijkheid op een "normale' wijze haar bedrijf, kredietverlenen, uit te oefenen. De lagere rente kan aldus een impuls zijn voor de economische activiteit, hetgeen gezien het conjuntuurverloop geen luxe is.

In de weekstaat valt te lezen dat, conform de verwachting, de Staat haar schulden aan DNB (ruim 2 miljard gulden) heeft kunnen afbetalen uit de ontvangen belastinggelden en bovendien de schatkist vulde met 5,5 miljard gulden. Deze verkrapping van de geldmarkt werd gecompenseerd door een verlaging van de kasreserve met 6,1 miljard gulden. De toeneming van de bankbiljetten in omloop moet toegeschreven worden aan het Pinksterweekende. Ook dit werkt verkrappend op de geldmarkt. Per saldo steeg het geldmarkttekort met 1,9 miljard gulden tot 8,3 miljard gulden. De verwachte uitgaven van de Staat en de retourstroom van de bankbiljetten de komende week wettigen de verwachting van een ruimere geldmarkt.

Bron: Economisch Bureau ING Bank