Kohls afstandelijke reactie krijgt kritiek

BONN, 3 JUNI. Bondskanselier Helmut Kohl krijgt binnen de Turkse gemeenschap in Duitsland, bij politieke partijen, ook in zijn eigen CDU, en in de media steeds zwaardere kritiek te verduren. Hem wordt verweten dat hij na de brandaanslag die zaterdagochtend in Solingen het leven kostte aan vijf Turkse vrouwen en kinderen niet ter plaatse van deelneming blijk heeft gegeven, niet op de televisie heeft gesproken en tot vanmorgen evenmin van plan was om vanmiddag in de Ditib-moskee te Keulen aanwezig te zijn bij de rouwplechtigheid voor de slachtoffers.

De SPD eiste gisteravond dat Kohl alsnog zou besluiten vandaag naar Keulen te gaan en het niet te laten bij de afvaardiging van bondspresident Richard von Weizsäcker, die in de moskee het woord zou voeren, en de ministers Kinkel (buitenlandse zaken) en Seiters (binnenlandse zaken). “De Turkse gemeenschap verwacht zo'n duidelijk teken van medeleven van de kanselier”, aldus SPD-secretaris Karlheinz Blessing. Ook uit de regeringsfracties klonken zulke geluiden, al liet men het daar voorzichtigheidshalve over aan minder prominente leden als de CDU'er Alfons Müller en Michaela Blunck (FDP).

In Duitsland hingen de vlaggen van overheidsgebouwen vandaag halfstok, de vakbeweging had tot korte werkonderbrekingen en herdenkingen opgeroepen, de televisie zou de rouwdienst in Keulen uitzenden. Kohl heeft zijn medeleven tot nu toe uitgedrukt in telegrammen aan de Turkse (waarnemende) premier Inüon en de familie van de slachtoffers en in een artikel, dinsdag, in het massablad Bildzeitung. Ook publiceerde hij met SPD-premier Johannes Rau van Noordrijn-Westfalen een oproep aan Duitsers en Turken om het recht niet in eigen hand te nemen en af te zien van geweld. Over zijn redenen om niet naar Solingen of, vandaag, naar Keulen te gaan en zich ook niet via een tv-toespraak tot de bevolking te richten, wordt in de Duitse media druk en kritisch gespeculeerd.

Pag 4: Kohl niet ter plaatse

Zes maanden geleden, na de rechts-radicale brandstichting die in het Noordduitse Mölln drie Turksen het leven kostte, had Kohl ook niet ter plaatse blijk van medeleven gegeven. Staatssecretaris Dieter Vogel, regeringswoordvoerder, zei toen in een alom gekritiseerde toelichting dat de slachtoffers en de Turkse gemeenschap niet geholpen zijn met "condoléance-toerisme'

Minister Blüm maakte gisteren een einde aan een na "Mölln' en "Solingen' pijnlijke discussie binnen de Duitse regeringscoalitie. Hij deelde mee dat alsnog was beslist om in een bij de Bondsdag aanhangig wetsvoorstel ook niet-Duitsers en burgers van buiten de EG met terugwerkende kracht recht op schadevergoeding door de overheid te geven als zij slachtoffer van aanslagen of ander zwaar crimineel geweld zijn geweest. De Beierse CSU had daartegen aanvankelijk bezwaar gemaakt omdat zij meende dat slachtoffers van geweld “binnen” groepen buitenlanders niet voor zo'n schadevergoeding in aanmerking zouden mogen komen. Zij had een apart fonds voor buitenlanders gewild.

De Duitse justitie en politie gaan er nu vanuit dat de zondag gearresteerde 16-jarige jongen de enige dader is van de brandstichting in Solingen. De jongen woonde schuin tegenover het huis van de getroffen Turkse familie Genç. Hij zou geen lid zijn van een rechts-radicale groep of partij, maar volgens buurt- en schoolgenoten wel bekend staan om zijn haat jegens buitenlanders. De jongen, die dronken zou zijn geweest, ging naar dezelfde school als twee van de omgekomen meisjes.

In Solingen bleef het de afgelopen nacht vrij rustig, maar in Hamburg kwam het na een vreedzame demonstratie van enkele duizenden Duitsers en Turken tot een veldslag tussen de politie en circa driehonderd plaatselijke “Autonomen”, van wie er 40 werden aangehouden.