Kauwenliefde duurt een leven lang

Open huis in de kauwenkolonie van Achilles Cools, 8 juni tot 8 juli. Dag 10-20 u. Houterveld 5. 2440 Geel. Inl 09-32-14586380.

Hij zat zomaar op de straatweg. Een haveloos mormel met een kaalgepikte kruin, slordig aaneengekoekte veren en tot op het vleugelbot geknipte slagpennen. Vandaar de naam, Scharminkel. Het beestje werd liefdevol opgenomen in de kolonie van zo'n vijftig, merendeels uit vogelasiels afkomstige tamme kauwen die de Vlaamse beeldend kunstenaar Achilles Cools door de jaren heen rondom zijn huis heeft opgebouwd.

De lotgevallen van Scharminkel en zijn vrienden worden levendig beschreven in het boek Kauwen in de Spiegel dat vorige zomer verscheen. Het is een inspirerend verslag van jarenlange inspanningen om door te dringen in het geheime leven van een doodgewone vogel.

Kauwen zijn vanouds weinig populair. Namen als "zwarte soep' - naar de vroegere bestemming van de jonge vogels -, "zwarte dief' en heksenvliegers spreken boekdelen. Weinig mensen weten dat in deze alledaagse straatschooiers zulke intelligente, speelse, toegewijde en sociale kolonievogels schuilen. Zelden vindt men onder dieren zo'n hoog ontwikkeld familieleven en zo'n sterke sociale band als bij de kauw. “Een kauwenliefde duurt een leven lang”, zegt Achilles Cools. De Vlaming is constant omringd door zijn "nonnekes'. Hij volgt hun doen en laten de hele dag en bestudeert hun geroep en gekras met speciale geluidsapparatuur. Wie de "poeha-schreeuw' en de "verloren kind-roep' eens met eigen oren wil horen is welkom. Nu het boek zijn vierde herdruk beleeft en steeds meer lezers de kauwenkolonie met eigen ogen willen aanschouwen, heeft de schrijver besloten op de verzoeken in te gaan en een maand lang "open huis' te houden. Cools: “Nu, in de broedtijd, zijn de vogels bijzonder tam. Ze hippen gewoon rond je voeten.” Over de toestroom van al die pottekijkers rond zijn huis is hij zonnig gestemd. “Ik denk dat mensen die de moeite nemen om speciaal hiervoor naar Geel te reizen, ook echt belangstelling hebben. En ik verwacht daar zelf ook plezier aan te beleven.”

    • Marion de Boo