SER is tegen schrappen van verplichte advisering

DEN HAAG, 2 JUNI. De Sociaal-Economische Raad (SER) is tegen het schrappen van de plicht van de overheid om adviezen te vragen bij de beleidsvorming. Wat de SER betreft moet het kabinet hem vooraf advies blijven vragen over maatregelen op sociaal en economisch terrein.

Dit heeft de SER gisteren het kabinet geadviseerd. Spoedheidshalve is het advies vastgesteld door het dagelijks bestuur van de SER, waarin de voorzitters van de werkgevers- en werknemerscentrales zitting hebben, alsmede vier Kroonleden.

Het kabinet had eerder laten weten af te willen van alle wettelijke adviesverplichtingen en had over dit voornemen een - verplicht - advies aan de SER gevraagd met het verzoek dit vóór 15 juni uit te brengen. Het SER-bestuur stelt unaniem dat met het schrappen van de adviesplicht een belangrijk fundament onder de overlegeconomie zou verdwijnen. De bestaande situatie “schept zowel voor de overheid als de sociale partners verplichtingen en geeft uitdrukking aan opvattingen over de wenselijk geachte inrichting van ons maatschappelijk bestel”, aldus de SER.

Is het kabinet niet langer verplicht de SER te raadplegen, dan zullen ook de wederzijds verplichtende verantwoordelijkheden van overheid, werkgevers en werknemers sterk verminderen, denkt het bestuur. Het "maatschappelijk commitment' van sociale partners aan kabinetsbesluiten zal afnemen, voorspelt de SER.

Inmiddels is voor een centraal overleg tussen kabinet, werkgevers en werknemers (via de Stichting van de Arbeid) de datum van 18 juni vastgesteld. Minister De Vries had 9 juni met de sociale partners willen praten, maar dan zit de vakcentrale FNV middenin een driedaags congres.