Nostalgie

Niet alleen laat nostalgie zich geen enkele wet voorschrijven, maar ook geen enkele wedstrijd.

Toch was het leuk om Feyenoord en Celtic, 23 jaar na de historische Europese bekerfinale van Milaan, opnieuw in (nu wat belegen) actie te zien. Het was een idee van de NCRV-televisie en de licht-verouderde knarren gingen er gretig op in. Misschien vanwege hun spreekwoordelijke zuinigheid, of omdat zij destijds met 2-1 de verliezers waren, gaven niet alle Celtic-spelers gevolg aan de uitnodiging alles, in het klein en in het vriendschappelijke, nog eens over te doen. Met enige goede wil kwamen we vijf van de elf van toen in de opstelling van pinksterzaterdag tegen. Het waren Williams, de keeper, Tommy Gemmell de linksback, Bobby Lennox de linksbinnen, Jim Craig (reserve in Milaan) en als klap op de vuurpijl: Jimmy Johnstone, de rechtsbuiten. Feyenoord stelde daar de bijna complete elf van Milaan tegenover. Alleen Theo Laseroms, in 1991 overleden, ontbrak.

Omdat 23 jaar minstens een hele voetbalgeneratie omspant, moest het tempo een stuk lager liggen dan in 1970. Vergeleken bij destijds was er nóg een aanmerkelijk verschil: toen moest Feyenoord alle zeilen bijzetten om de Schotse orkaan te bedwingen en tot één doelpunt achterstand te beperken, ditmaal was er helemaal geen orkaan en was het Schotse briesje na rust voldoende om de Rotterdammers naar adem te doen snakken. Maar zij hadden een geldig excuus. Ten minste twee Celtic-spelers (MacLeod en McCarvey) waren baardeloze jongelingen van beneden de 40 - MacLeod was zelfs een jonkie van 34. Bijna alle Rotterdammers zaten in de buurt van de vijftig lentes, met Eddy Pieters Graafland zelfs al dicht tegen de zestig aan. Toch verrichtte hij nog een aantal knappe reddingen.

Je kon duidelijk zien, wie nog volop in de voetballerij zitten en zie niet. Kindvall, uit Zweden overgekomen, heeft een baan bij de Zweedse Lotto (zijn zoon voetbalt bij Norrköping). Pieters Graafland en Moulijn raken zeer zelden meer een bal aan en moesten het dus helemaal van hun natuurlijke aanleg en routine hebben. Cor Veldhoen begon geblesseerd en moest spoedig uitvallen; voor Wim Jansen gold hetzelfde. Maar Rinus Israël, doorgaans in de buurt van het Nederlands elftal vertoevend, ging er nog flink tegenaan. Frans Hasil, tegenwoordig trainer van de jeugdelftallen van Rapid Wien, begon sterk, maar wilde te veel en moest dat later bekopen. Ook in twee maal 25 minuten kun je behoorlijk moe worden op zo'n groot veld. Vooral benieuwd was ik naar Willem van Hanegem, die loom schuivend begon, maar adem overhield voor de tweede helft. Hij speelde toen goed en scoorde via een allerkromste draaibal het enige doelpunt van de Rotterdammers, die met 5-1 verloren en na rust duidelijk lucht tekort kwamen. Maar de interessantste speler zat bij de Schotten. Jimmy Johnstone heeft wat vet aangekweekt sinds zijn spelersjaren. Bovendien heeft hij een zittende baan, want hij is vrachtwagenchauffeur. Aan zijn typische loop is hij nog te herkennen, maar de rode krulletjes zijn verdwenen. Onder zijn kale schedel herbergt hij nog altijd een boel voetbalgein en een zeer grote animo. Hoewel hij 49 is dartelde hij over het veld als een jonge god. Weliswaar kwam hij aan scoren persoonlijk niet toe, maar hij was ongetwijfeld de grote animator van de wedstrijd. Ook Tommi Gemmell, die in 1970 de goal van Celtic scoorde, is zo'n onverslijtbaar type, al hebben bij hem de buikspieren hun grootste elasticiteit verloren. Omdat nostalgie mij niet vreemd is, houd ik wel van zulke ontmoetingen. De tijd staat dan even stil, bij wijze van spreken. Want in feit blijkt de tijd gewoon te hebben gedaan waarvoor hij is aangesteld: de jaren laten wegtikken.