Tweede Pinksterdag

PRACHTIG WEER, een lang weekeinde, 210 kilometer file op vrijdagmiddag en een voetbalkampioenschap in Rotterdam. Zo'n extra dag vrij komt veel mensen goed uit om op stap te gaan, klusjes thuis te verrichten of om te genieten van een week die maar vier werkdagen telt.

Pinksteren is een christelijke feestdag, de viering van de uitstorting van de Heilige Geest vijftig dagen na Pasen. In de Middeleeuwen is daar een tweede Pinksterdag aan toegevoegd op de liturgische kalender. Zo wortelen ook tweede Kerstdag en tweede Paasdag in de middeleeuwse traditie van liturgische feesten en heiligendagen. Dat waren vrije dagen, waarop niet gewerkt en niet verdiend werd.

Ondanks de ontkerkelijking heeft de traditie van tweede Pinkster-, Paas- en Kerstdag stand gehouden. Deze vrije dagen behoren inmiddels tot de verworven rechten, waarop gerekend wordt net zoals op de vrije zaterdag, de 38-urige werkweek, vier weken vakantie en ADV-dagen.

DE NEDERLANDSE economie heeft op tweede Pinksterdag bijna een miljard gulden aan produktie van goederen en diensten laten liggen - buiten de omzet in de strandtenten. Eén werkdag levert volgens het CBS ongeveer 0,6 procent van het bruto binnenlands produkt per jaar op. Als tweede Pinksterdag een gewone werkdag was geweest, zou de nationale economie zoveel geproduceerd hebben dat de recessie die inmiddels officieel bevestigd is, statistisch zou zijn weggewerkt.

Vrije dagen behoren bij de aangename verworvenheden van de post-industriële samenleving. Toch dringt de houdbaarheid van een groot aantal niet-produktieve dagen zich op nu de kosten van de welvaartsmaatschappij en het concurrentievermogen in West-Europa ter discussie komen. Het gaat daarbij niet alleen om vakbondskwesties ten aanzien van ADV of ziektedagen, maar ook om tradities uit de Middeleeuwen zoals een mooie tweede Pinksterdag.