"Spontaan geweld niet te stoppen'

BONN, 1 JUNI. De brandaanslag in Solingen is met vijf dodelijke slachtoffers de ernstigste in de na-oorlogse Duitse geschiedenis. De Duitse binnenlandse veiligheidsdienst (BfV) klaagde ook het afgelopen Pinksterweekeinde dat het wel mogelijk is om neonazistische organisaties in het oog te houden of, als zij in strijd zijn met de wet, te verbieden maar dat het zeer moeilijk is om het veelal “spontane instant-geweld” van vaak heel jonge en ongeorganiseerde rechts-radicalen als de zogenoemde skinheads te voorzien. Wel zijn die jongeren - babyskins - gevoeliger voor harde straffen dan ideologisch genspireerde radicalen, aldus de BfV, die meent dat de straffen van het afgelopen half jaar in dit opzicht enige afschrikkende werking hebben gehad. Ook massale protesten van de Duitse bevolking, via de zogenoemde Lichterketten in vele grote steden, hebben dat effect gehad, menen de BfV en de Duitse landelijke recherche (BKA).

Na de schok van de moordaanslag in het Noordduitse Mölln, waarbij 23 november vorig jaar drie Turkse vrouwen en meisjes omkwamen, is het aantal grotere en kleinere aanvallen op buitenlanders en hun woonoorden in Duitsland gedaald van omstreeks 1000 tot circa 500 per maand. Vorig jaar kwamen bij zulke aanvallen 22 mensen om, van wie 15 in West-Duitsland.

25 november 1990. Skinheads vallen zwarte Afrikanen aan in een discotheek in Eberswalde (Brandenburg), waarbij aan Angolees om het leven komt.

3 oktober 1991. In Hünxe (Noordrijn-Westfalen) wordt brand gesticht in een opvangcentrum voor asielzoekers. Twee Libanese meisjes worden levensgevaarlijk gewond.

18 maart 1992. Neonazistische jongeren doden in Buxtehude (Nedersaksen) een man die zich negatief uitliet over het Derde Rijk.

25 april 1992. Een 21-jarige man, die zegt zich verbonden te voelen met de Deutsche Volksunion, steekt in Berlijn een Vietnamees dood.

22 augustus 1992. Rechtse jongeren belegeren twee dagen een lang een opvangcentrum voor asielzoekers in Rostock-Lichtenhagen. Een door Vietnamezen bewoond pand wordt in brand gestoken.

26 september 1992. Neonazi's steken de "joodse barak' in brand op het terrein van het voormalige concentratiekamp Sachsenhausen.

12 november 1992. Twee skinheads doden in Wuppertal een werkloze slager en steken hem in brand.

23 november 1992. Twee Turkse vrouwen en een Turks meisje vinden de dood bij een door rechts-extremisten gestichte brand in Mölln (Sleeswijk-Holstein).

Uit wiskundig oogpunt, zo voegt Ribet hier aan toe, is het bewijs voor het vermoeden van Taniyama veel belangrijker dan de toepassing ervan op Fermat. Wat natuurlijk niet wegneemt dat het leuk is om de hardnekkigste breinbreker uit de geschiedenis van de wiskunde te hebben gekraakt. Als het bewijs echt klopt, maakt Wiles aanspraak op de Wolfskell-prijs van de Göttingse Academie van Wetenschappen, groot ongeveer 7500 DMark (toen deze prijs in 1908 werd ingesteld bedroeg hij 100.000 DMark, maar daar staat tegenover dat hij vlak na de Eerste Wereldoorlog, tijdens de devaluatie, minder waard was dan een cent). Volgens de reglementen zou de prijs op 13 september 2007 worden ingetrokken als er op die dag nog geen kloppend bewijs zou zijn geleverd. Wiles is dus zeer ruim op tijd.