Als HDM kansen niet benut, rest alleen nog een trieste troostprijs

BRUSSEL, 1 juni. Het is negen uur, maandagmorgen, wanneer de hockeyers van HDM afslaan voor een troostprijs. Het regent, er is weinig publiek en de tegenstander spreekt niet tot de verbeelding. Durkheim wint wel van HDM, met 4-2. De Duitse kampioen wordt vijfde, de Nederlandse kampioen van 1992 zesde. De laatste keer dat een nationale vertegenwoordiger zo zwak presteerde op een Europa Cup-toernooi was in 1976, toen Amsterdam op dezelfde positie eindigde. In 1971 werd Tilburg zevende. De laatste zestien jaar was er minimaal een vijfde plaats weggelegd voor een Nederlandse deelnemer. Kampong, Klein Zwitserland en Bloemendaal wonnen de beker.

“We hadden meer verdiend dan de zesde plek. Natuurlijk zijn we beter dan die Belgen. Maar als je de kansen niet benut ... Het is het oude liedje.” HDM-coach Pieter Versteegh was zichtbaar teleurgesteld na de blamage tegen Durkheim. Niet over de laatste nederlaag, want vijfde of zesde: het is allebei niet best. Wel over de gemiste kansen tegen Leopold en Egara. Die eerste wedstrijd was achteraf een sleutelduel. De Belgen beperkten zich zeventig minuten tot verdedigen en sleepten een gelijkspel uit het vuur. Een ploeg vol dertigers, spelend voor een bond met tienduizend leden. “Het lijkt wel of het catenaccio ook in het hockey is gentroduceerd”, klonk er vrijdag nog vertwijfeld. Zaterdag won HDM moeizaam van het zeer zwakke Kelburne. Zondagmiddag was de twijfel omgeslagen in een diepe teleurstelling. HDM was heel dicht bij de finale geweest. Tegen het Spaanse Egara had de ploeg het betere van het spel. Eindelijk kon er vrijuit gehockeyd worden, omdat ditmaal de tegenstander zich niet terug trok in de eigen cirkel. Maar de kansen die er kwamen, werden niet benut.

Meer dan eens zullen spelers en begeleiding afgelopen weekeinde hebben terugverlangd naar het enfant terrible van HDM. Martin Middeldorp was een plaag voor medespelers en voor tegenstanders. Een spits die oorlog maakte. Iemand die zijn teamgenoten uitfoeterde, met een positief effect op hun spel. Middeldorp nam vorig jaar afscheid met de landstitel. De huidige selectie heeft genoeg talent, maar geen afmaker. Volgens Pieter Versteegh mist HDM kracht en explosiviteit. “Ik ben geschrokken van het verschil tussen de Duitsers clubs en de rest van Europa. Zij eten waarschijnlijk meer biefstuk of zo. Bij Uhlenhorst (de kampioen, red.) lijkt iedereen twee meter lang en een meter breed.” De ironie wil dat HDM niet eens door de Duitsers uitgeschakeld is.

Versteegh is sinds twee maanden tijdelijk teruggekeerd bij HDM. “We hebben wel aan krachttraining gedaan, maar in zo'n kort tijdsbestek kun je de fysieke tekortkomingen niet ongedaan maken. Hockey is een coördinatiespel. Een technische sport. Echte krachttraining moet je in de voorbereiding van het seizoen doen.” Voor de Duitsers was het ongetwijfeld een voordeel dat zij pas halverwege het seizoen zitten. Een fitte selectie. Door het befaamde "Hallenhockey' is de buitensport pas in maart begonnen. HDM heeft echter het hele jaar afgestemd op de Europa Cup. In de hoofdklasse eindigde de club op een teleurstellende, maar ingecalculeerde zesde plaats. Met Pinksteren zou het immers gaan gebeuren.

Tien minuten hockey tegen Egara verknalden het hele toernooi. HDM scoorde na twee en een halve wedstrijd dan eindelijk uit een strafcorner, 1-1. De Hagenaars kregen kansen op een tweede goal die een finaleplaats zou garanderen. Tot Wouter Tazelaar met een gele kaart naar de kant werd gestuurd. Gevolgd door Koen Pijpers. Met negen man tegen elf werd aangevallen tegen beter weten in. Het verstand zei dat HDM op safe de wedstrijd zou moeten uitspelen. Met een wedstrijd om de derde plaats als beloning. Het hart was overmoedig. HDM verwaarloosde de verdediging en kreeg een tweede Spaanse treffer om de oren. Door een slechter doelsaldo dan Leopold werd het team van Pieter Versteegh verbannen naar die veel te vroege maandagmorgen.

Tegen Durkheim stond HDM binnen een kwartier met 3-0 achter, waarna de ploeg nog enigszins terugkwam. Het vermoeden dat HDM een maatje te klein was voor de Europese top, werd bevestigd. Pech of niet, Belgen en Fransen spelen onder elk Nederlands hoofdklasse-niveau. De Nederlandse counterploeg moest in Brussel het spel maken. De strafcorner die het hele seizoen al slecht draait, leverde wederom geen succes op. De corner die zo vaak uitkomst brengt wanneer het veldspel niet draait.In de wandelgangen werd even getwijfeld of de nieuwe landskampioen, Bloemendaal, volgend jaar nog wel mag uitkomen in het A-toernooi van de Europese beker. Of betekende de zesde plaats van HDM degradatie naar de B-poule? Bloemendaal-manager Cees Bovelander kon niet geloven dat zijn team naar Tsjechië zou moeten afreizen. En hij kreeg gelijk van de rekenmeesters. Die afgang blijft het Nederlands hockey bespaard. Bloemendaal kan volgend jaar aantonen dat technisch hockey ook succes kan opleveren in Europa.

    • Jaap Bloembergen