Voetballende guerrillero

Zou Jan Wouters na zijn poging tot moord goed hebben geslapen? Woensdagavond maakte de middenvelder van Oranje met één beweging duidelijk dat justitiële vervolging van voetballers wegens grove overtredingen binnen de lijnen niet alleen het rechtsgevoel zou bevredigen, maar waarschijnlijk ook de enige redding van de esthetiek op het veld is.

We schrijven de veertigste minuut van Engeland-Nederland. Links en rechts zijn de Britten - geheel in strijd met hun reputatie van onelegante pollenbijters en hoog-voor-de-pot-schoppers - de spelers van het Nederlands elftal voorbijgelopen. Hun voorsprong is niet het minst te danken aan Paul Gascoigne, die het voorkomen van een stoomwals paart aan de motoriek van een balletdanser. Als er een bal uit de lucht komt vallen, gaat de Engelse publiekslieveling een kopduel aan met Jan Wouters.

Hier moeten we de beschrijving van het wedstrijdmoment even onderbreken. Jan Wouters is de Gene Hackman van het internationale voetbal: die wenkbrauwen, die snor, die stocijnse grijns, die blik van "jij gaat plat'. Hoe herinnerde Richard Witschge (FC Barcelona) zijn voormalige Ajax-collega vorig jaar ook alweer in NRC Handelsblad?

“Tijdens oefenpartijtjes dreigde hij mijn benen te breken. Ik heb heel wat keren tegen het hek gelegen. Probeerde ik hem te passeren, kreeg ik een elleboog, een trap of een zwieper - Jan raakt je altijd wel.”

Jan raakt je altijd wel. Dat ondervond ook Paul Gascoigne. Zij aan zij met Wouters sprong hij naar het dalende leer, maar op het hoogste punt plaatste de Nederlandse aanvoerder zijn elleboog met een welgemikte stoot tegen het hoofd van de tegenstander. In gedachten hoorde ik een oogkas kraken. De groggy Gascoigne was niet in staat de tweede helft te spelen, en met hem verdween het raffinement uit de Engelse aanvalsgolven. Oranje bevocht uiteindelijk een 2-2 gelijkspel. Op Wembley, de bakermat van het fair play. Dankzij Jan Wouters, onze eigen voetballende guerrillero.