Advies: vaccinatie van kinderen tegen polio niet verplicht stellen

ROTTERDAM, 30 APRIL. Een verplichte poliovaccinatie dient in Nederland achterwege te blijven. Ook baby's en kinderen tot twaalf jaar moeten niet onder staatsdwang worden gevaccineerd. Oudere kinderen moeten onafhankelijk van hun ouders kunnen beslissen of ze zich tegen polio laten beschermen. Personeel in de gezondheidszorg dat beroepsmatig in contact komt met patiënten van wie het afweersysteem niet meer goed werkt, moet misschien wel worden verplicht om zich te laten vaccineren.

Dit schrijft een commissie van de Nationale Raad voor de Volksgezondheid (NRV) in haar rapport "Vaste prik?' dat eind mei aan staatssecretaris Simons (volksgezondheid) wordt aangeboden. Simons had in november, toen de polio-epidemie op haar hoogtepunt was, de NRV om advies over verplichte poliovaccinatie gevraagd.

De recente polio-epidemie bleef, evenals andere polio-epidemieën, sinds de invoering van de vaccinatie in 1957 beperkt tot leden van vijf kerkgenootschappen die vaccinatie afwijzen omdat bescherming tegen een ziekte zou getuigen van hoogmoed jegens hun God.

De godsdienstvrijheid komt wel aan de orde in de redenering die leidt tot het afwijzen van verplichte vaccinatie door de NRV-commissie. Maar het respect voor autonomie van de mens, afgewogen tegen het algemeen belang van de volksgezondheid en de wil van de arts om goed te doen, was voor haar van groter belang. Praktisch gezien lijkt het de commissie niet handig om dwang te introduceren in een vaccinatieprogramma (tegen kinkhoest, difterie, tetanus en binnenkort ook haemophilus influenza B) dat op vrijwilligheid is gebaseerd. Artsen zouden worden gedwongen om een medische handeling uit te voeren bij mensen die dat niet willen. Dwang zou veel mensen afschrikken. Bovendien zijn niet-gevaccineerden alleen een gevaar voor andere niet-gevaccineerden.

Met de afwijzing van verplichte vaccinatie voor volwassenen sluit de commissie aan bij een algemene opvatting. Anders ligt dat bij vaccinatie van baby's en jonge kinderen. Baby's zijn wilsonbekwaam, ze kunnen niet over zichzelf beslissen, en daarom is een aantal bezwaren die bij volwassenen gelden voor hen niet van toepassing. De commissie concludeert dat er veel voor verplichte kindervaccinatie valt te zeggen, en in België bestaat die bijvoorbeeld ook. Toch is het advies tegen een verplichting omdat die binnen de Nederlandse verhoudingen niet is te handhaven.

In haar aanbevelingen schrijft de commissie dat de overheid bij iedere gelegenheid tegenover de "bevindelijke' groeperingen en andere potentiële weigeraars moet herbevestigen dat vaccineren in Nederland de norm is. De discussie met de weigeraars moet voortduren, ook nu de epidemie weer voorbij is. Er moeten discrete, laagdrempelige vaccinatiemogelijkheden komen voor pubers en volwassenen die zich alsnog willen laten vaccineren. Wellicht zouden de gereformeerde scholen voor voortgezet onderwijs moeten worden gedwongen om voorlichting te geven over de voordelen van vaccinatie.

De commissie beveelt tenslotte aan om beter te volgen of het poliovirus in Nederland circuleert. Dit kan bijvoorbeeld door regelmatig rioolwater op virus te onderzoeken. De Wereldgezondheidsorganisatie heeft als doel om polio in 2000 definitief uit te roeien. Daarvoor is het nodig ziektegevallen bij te houden en te weten of het virus niet meer rondwaart.