Nederlanders blijven kwalitatief, taktisch en technisch ver achter bij Engelsen; Oranje vindt bescherming bij voetbalgoden; Treffers Bergkamp en Barnes hoogtepunten van interland; Regelaar Gascoigne geveld door elleboog van Wouters

LONDEN, 29 APRIL. Hoeveel heiligen het Nederlands voetbal goed gezind zijn, is niet na te trekken. Duidelijk is dat Nederlands bijna beste vertegenwoordigers gisteren in het Wembley-stadion van Londen bescherming vonden bij de voetbalgoden. Het zou een verklaring kunnen zijn voor de wonderbaarlijke redding die Oranje beleefde op de smalle weg naar het wereldkampioenschap. Voor zover het resultaat van een voetbalwedstrijd zich leent tot een zinnige analyse, dan geldt dat nauwelijks voor het gelijk spel (2-2) waarmee Engeland en Nederland hun kwalificatieduel besloten.

In de conclusies van de Nederlandse spelers was na afloop slechts plaats voor verregaande tevredenheid, alsof zojuist een overwinning op onverslaanbare Engelsen was behaald. Natuurlijk telt slechts het resultaat. Maar de nogal fortuinlijke wijze waarop het tot stand kwam zou de Nederlanders aan het denken moeten zetten. Maar in hun euforie van verwondering zal het gisteravond daarvoor nog wel te vroeg zijn geweest.

De uitslag heeft tot gevolg dat het Nederlands elftal nog niet uitgeschakeld is voor kwalificatie. In theorie zijn er zelfs nog volop kansen om als eerste van de poule voor het wereldkampioenschap te eindigen. In praktijk heeft het er veel van weg dat het Nederlands elftal bezig is zijn executie uit te stellen. Excuses voor de trieste vertoning als de afwezigheid van een trio als Koeman, Jonk en Van Basten liggen voor de hand. Maar dan wordt vergeten dat bij de Engelsen ook belangrijke spelers als Pearce, Shearer en Wright of zelfs Waddle ontbraken.

Dat Marc Overmars vier minuten voor het einde niet meer te achterhalen was voor Walker en in het strafschopgebied door de Engelsman werd neergetrokken kwam zo onverwachts als ontwikkelingen van een voetbalwedstrijd maar kunnen voorkomen. Het zijn momenten als deze die voetbal zo aangenaam maken. Zoals de manier waarop Peter van Vossen zich vervolgens de strafschop met de stoere overtuiging van een Zeeuw toeëigende en koelbloedig benutte. Het einde van een thriller die hoort bij de mythologische traditie van Wembley.

Zoals het prachtige openingsdoelpunt van John Barnes in de tweede minuut van de wedstrijd. Dat er een foutieve pass van Frank de Boer en een overtreding van Rob Witschge op Paul Ince aan voorafging is niet belangrijk meer. De manier waarop de Jamaicaan met de gouden voeten de bal in de kruising van het doel van Ed de Goey schoof, was van een schoonheid die in Nederland op deze specialiteit niet te bewonderen is. De Liverpool-ster rekende meteen af met de kritiek die het Engelse publiek op hem heeft. Hij oogt lui en laat te weinig zien waartoe men hem in staat acht. Maar dat hij kan voetballen, bleek gisteravond weer na twee jaar van blessures en tegenslag. Zo subtiel, zo heerlijk passjes strooiend. Een genot.

Nadat David Platt de verwachting dat Engeland opnieuw zou scoren, beantwoordde met een logische treffer, schreeuwde Dennis Bergkamp om internationle erkenning. Uit een fraaie hoge pass van Jan Wouters tilde hij de bal ineens met een volley over doelman Chris Woods in. Alsof hij wilde aangeven dat Wembley het mooiste podium is waar men dient te excelleren. Het schot was anders, minder strak en hard, dan maandag op de training, maar met meer gevoel. Bergkamp wilde wel toegeven dat die treffer van twee dagen eerder hem het gevoel had gegeven dat het “weer lekker ging”.

De doelpunten van Barnes en Bergkamp waren hoogtepunten van een wat betreft spanning hoogstaande wedstrijd. Kwalitatief, taktisch en zelfs op technisch vlak bleven de Nederlanders ver achter bij de Engelsen. Al heeft bondscoach Dick Advocaat gelijk dat het met een snelle voorsprong gemakkelijker voetballen was voor de Engelsen en problematischer voor de Nederlanders. Dat is de psychologie van de sportwedstrijd. Zoals hij aangaf, kun je vijf dagen in trainingskamp zijn, afspraken maken en taktieken bespreken, als je in de tweede minuut zo'n doelpunt tegen krijgt, kan alles voor niets zijn.

Hij verzuimde er aan toe te voegen dat een paar Nederlanders al in die cruciale minuten kennelijk hun opdrachten waren vergeten. En zelfs ná dat doelpunt meenden de meesten de wedstrijd op hun eigen superieure Hollandse wijze naar hun hand te zetten. Maar dan vergisten zij zich toch weer in de agressieve speelwijze van Engelsen en deze keer ook in hun technische en taktische vermogens. Op het middenveld werden Wouters en vooral Witschge en Winter afgetroefd door de hardlopers Ince en Palmer en de magistrale Gascoigne. Om nog maar te zwijgen over de manier waarop Rijkaard zich door tot rechtsback Ferdinand vergeefs verweerde en Blind bijna radeloos en nerveus de verdediging op orde trachtte te brengen.

Het keerpunt van de wedstrijd zou op vijf minuten van de rust gelegen kunnen hebben. De elle boogstoot waarmee Wouters de Engelse regelaar Gascoigne een bloedende hoofdwond bezorgde, moet van invloed zijn geweest op de ontwikkeling van de wedstrijd. Zelf heeft "Gazza' niet de reputatie een aardige jongen in het veld te zijn. Mogelijk heeft de Engelsman eerder (in de wedstrijd of nog verder terug in het verleden) Wouters iets aangedaan. Het zou een reden voor de Nederlander kunnen zijn zo misdadig revanche te nemen. Scheidsrechter Mikkelsen greep niet overtuigend in. Hij gaf alleen een vrije trap, waaruit Barnes nu geen doel trof. Hij vond de uitstekende spelende De Goey op zijn weg.

Gascoigne keerde na rust niet terug. Hij ging naar het ziekenhuis, waar men vaststelde dat zijn blessure meeviel. Wouters voetbalde gewoon door. Maar had de reputatie van het Nederlandse voetbal een flinke deuk had bezorgd. Zoals eerder van Ajax toen hij achtereenvolgens de Volendammer Steur op zijn hand trapte en diens elftalgenoot Pastoors een elleboog gaf. Na een van deze vergrijpen werd hij op alsnog op grond van televisiebeelden geschorst. Wouters haalde gisteren zijn schouders op bij de vraag waarom Gascoigne niet terugkeerde. “Dat moet je de Engelsen vragen.” En zweeg verder.

Het Nederlands elftal profiteerde nauwelijks van de afwezigheid van Gascoigne, de man om wie de Engelse bondscoach Taylor het spel wilde laten draaien. Met John de Wolf als verdediger (in plaats van Bosman) en Rijkaard als speler achter de spits Bergkamp moest de achterstand ongedaan worden gemaakt. De Wolf werd verslagen op de manier die Advocaat al vooraf vreesde. Op snelheid dus, door invaller Paul Merson, en incasseerde een gele kaart. Nederland kreeg geen enkele kans, zo treurig was het spel. De Engelsen zaaiden een paar keer paniek met snelle counters, maar misten de lijn in het spel die Gascoigne voor rust in samenwerking met Barnes en Platt uitzette.

Aandoenlijk was het enthousiasme van Ruud Gullit. Zo hard werken, zo veel willen laten zien en toch slecht spelen. Volgens Advocaat had Gullit al een paar dagen last van zijn knie. En trainde hij daarom een paar keer niet mee. Opvallend was echter de manier waarop hij maandag met krachtenslopende schaar- en kapbewegingen duels aanging. Gisteravond verscheen hij met een bandage om in het veld.

Halverwege de tweede helft verving Advocaat Gullit door van Peter van Vossen. Verontwaardigd en woedend ging Gullit naar de kleedkamer. “Belachelijk”, noemde hij zijn vervanging. Hij had wat last van zijn kuit gehad, verder niets. Het zag er op dat moment naar uit dat Nederland van Engeland zou verliezen en daardoor het wereldkampioenschap definitief kon vergeten. Het einde van de carrière leek nabij. Een ultieme sprint van Overmars en een beheerste strafschop van Van Vossen hielden Gullit en zijn Nederlands elftal nog in de race.

“Onverdiend, een punt”, sprak Advocaat reëel. “Maar tegen Polen (2-2) verloren we een punt en nu winnen we een punt.” En Engeland verloor een punt en Noorwegen won er twee. Voetballen heeft iets mathematisch gekregen. Als dat maar geen Nederlands trekje is.