Het verleidelijke geratel van Marklin-treintjes; Een museum voor jongensdromen

Rail-Toy Museum, Hoflaan 16, Oostvoorne. Inl 01815-5085/3042. Maart t/m december, wo t/m za 10u30-16u30u, zo 13-16u30. In de museumwinkel zijn oude treinmodellen e.d. te koop. De prijzen lopen tot in de vele honderden guldens.

Landgoed Mildenburg ligt tegen het dorp Oostvoorne aan, tussen Zeeweg, Stationsweg, Hoflaan en Zwartelaan. Topografische kaart 37 A,C. Beschrijving in het gidsje van deze stichting: Natuurterreinen in Zuid-Holland, SDU uitgeverij, Den Haag.

Een van de aardigste, kleine en betrekkelijk nieuwe musea in het Deltagebied is het Rail-Toy Museum in Oostvoorne. Het is gevestigd in het voormalige hotel Buitenlust en bestaat net drie jaar.

De kern van de museumcollectie wordt gevormd door speelgoedtreinen uit de periode 1890-1940. De meeste zijn van Märklin; breedspoortreinen met spoorbreedten 0 (35 mm), I (48 mm), II (54mm) en III (75mm). Locomotieven, wagons en rails zijn ongeveer twee keer zo groot als wat tegenwoordig aan elektrische speelgoedtreinen wordt verkocht. De treintjes van vroeger laten zich, wat grootte betreft, het best vergelijken met de trein die Lego nu op de markt brengt. Rail-Toy is een privé-museum, opgezet door oud-ondernemer C.J. Spreeuwenberg, die als hobby - inderdaad - speelgoedtreinen heeft.

De treinen staan niet alleen te kijk, maar rijden ook periodiek rond. Vanuit een van de propvolle vitrines die met elkaar in verbinding staan, klinkt geratel en gezoem: een treintje vertrekt en zijn tocht voert van de linker modelkast via de middelste naar de rechter vitrine. Van de aanwezige bezoekers - kinderen en volwassenen - maakt zich een zichtbare opwinding meester. De kinderen hollen met de trein mee. Vaders volgen ingetogen - een enkele met een onderdrukt huppelpasje. Met deze treinenloop kun je je een middag vermaken.

Er is ook ander tot de verbeelding sprekend materiaal: tinnen soldaten, zoals het hoort in slagorde opgesteld. En een gave blikijzeren cavaleriekazerne uit de periode 1895-1900, van Rock & Graner. De kazerne scharniert in het midden en kan open en dicht. De manschappen op de exercitieplaats zijn Würtemberger Ulanen van het negentiende regiment.

Even verderop kan de bezoeker "genieten' van een tafereel uit de Eerste Wereldoorlog. Kinderen kregen met Sinterklaas een operatiewagon van Märklin (bouwjaar 1915), met bijgeleverde hospikken, brancards en soldaatjes met bebloede bandages. In de verstilde opstelling van wagon, gewonde militairen en hun helpers vind je snel de dramatiek van het slagveld terug.

Op de demonstratietafel van het museum staat nog een jongensdroom: de stoommachine met aandrijfmodellen. Af en toe wordt het apparaat in werking gezet en degene die het demonstreert vindt het iedere keer weer net zo mooi als zijn publiek. Niets laat de triomf der techniek beter zien dan deze wonderketel-op-schaal. Hij drijft met zijn stoom asjes, katrollen en lijnen aan, die op hun beurt een cirkelzaag aanjagen, een boomzaag, twee voorhamers en een smid die op een aambeeld slaat. Vooral van de kloppende smid kan niemand genoeg krijgen. Drie keer gilt de stoomfluit van de ketel. Ten minste één volwassene kan de verleiding maar nauwelijks weerstaan om te vragen of hij ook eens mag. Vroeger liet je met zo'n fluit je naam in morse horen.

Als de kinderen mottig worden - dat duurt in dit museumpje veel langer dan in Boymans of het Stedelijk - steek je de straat over en maak je een wandeling in het aanpalende Landgoed Mildenburg. Dit grote binnenduingebied is eigendom van de stichting het Zuidhollands Landschap, die in de provincie tal van natuurgebieden in beheer heeft.

In Mildenberg staan eiken, beuken, essen en iepen, er zijn weiden, een boomgaard en ruige duinen. De beukenmanteling en de lange beukenlanen zijn volgens een beschrijving van vóór 1800. Over verende bosgrond volg je langs paaltjes met rode koppen de wandelroute. Middenin het gebied ligt een klein kampeerterrein.

Op een koude dag in maart bloeien alleen het helgele speenkruid en het maarts viooltje. Maar later in het jaar vind je er ook wilde hyacinten, gevlekte aronskelken, bostulpen, sleutelbloemen en lelietjes van dalen. "Stinsenflora' noemen Heimans en Thijsse deze plantesoorten, afgeleid van het Friese woord stins (een woning voor de adel).

Mildenburg is toegankelijk voor "begunstigers' met een kaart, meldde een toegangsbord. Maar dat werd niet gecontroleerd.