Fokker in eredivisie vliegtuigbouw; "Oranje-gevoel' overheerst bij de Kamer tijdens de goedkeuring van contract met het Duitse Dasa

DEN HAAG, 29 APRIL. Het "Oranje-gevoel' blijft Fokker achtervolgen. Gisteren debatteerde de Tweede Kamer met minister Andriessen (economische zaken) over de overname van Fokker door Deutsche Aerospace (Dasa). Tegen het einde van het debat maande plaatsvervangend Kamervoorzitter Franssen de minister tot spoed en de Kamerleden tot onthouding van interrupties. “Om een ieder bekende reden zijn er velen die het debat op een ordelijk tijdstip beëindigd wensen te zien.”

Om 19.43 uur klonk de hamer van de voorzitter in de Tweede Kamer. De Kamerleden kwamen tot de conclusie dat Fokker met de nieuwe samenwerking zich heeft gekwalificeerd voor de ere-divisie in de vliegtuigbouw. In het Wembleystadion eindigde later op de avond de voetbalwedstrijd Engeland-Nederland in een gelijk spel. Nederland behoudt de kans op kwalificatie voor het wereldkampioenschap.

De Kamer ging akkoord met de overname van 51 procent van de aandelen Fokker door Dasa. Een debat voor de Bühne, want een dag eerder was in het Kurhaus op Scheveningen het contract al getekend door Andriessen, Fokker-topman Nederkoorn en Dasa-topman Schrempp. In een besloten overleg had de vaste Kamercommissie van economische zaken vorige week al het groene licht gegeven.

“Fokker krijgt een steviger fundament dan het ooit heeft gehad”, concludeerde D66'er Tommel. De nieuwe samenwerking “geeft geen garantie, maar wel vertrouwen in de toekomst”. Alle afgevaardigden uitten stevige kritiek op de manier van onderhandelen. “De minister en zijn departement hebben te veel meegedaan aan de vuilspuiterij over en weer”, constateerde Rosenmöller (Groen Links).

Andriessen en Kamerleden roemden de kracht van tegenpartij Dasa. Precies, alert, grondig en slim speelde de Duitse vliegtuigbouwer het spel. Tegenover Dasa stond een Nederlands kamp dat slechts bij hoge uitzondering eensgezind opereerde en bovendien kampte met moeizame persoonlijke verhoudingen.

Andriessen typeerde het onderhandelingsresultaat als “redelijk”. Volgens PvdA'er Vos had het “veel beter gekund”. Maar aan Nederlandse zijde ontbrak een alternatief. “Je kijgt de meeste korting op een nieuwe automobiel wanneer er nog een andere dealer is die bereid is om je voor zoveel guldens extra korting te geven”, aldus Vos. En Fokker wilde alleen met Dasa samenwerken, alle andere potentiële partners liet de vliegtuigbouwer links liggen. Fokker liet de besprekingen goeddeels over aan de toekomstige partner.

De minister deelde de kritiek van Vos. In een vraaggesprek in deze krant in november zei Andriessen: “Ik zou zelf een andere strategie hebben gekozen”. De Nederlanders hadden bij voorbeeld besprekingen kunnen openen met Duitsers èn Fransen om tot een Europese samenwerking te komen. Als voordeel van die optie zag hij “iets meer evenwicht in de uitkomst”.

In oktober sloten de Nederlandse overheid, Dasa en Fokker een overeenkomst voor de overname van 51 procent van de Fokker-aandelen door het Duitse concern. Naast de overname van het overheidspakket in Fokker neemt Dasa een nieuwe aandelenemissie van Fokker voor zijn rekening. De zaak leek in kannen en kruiken en alleen wanneer uit het boekenonderzoek (het zogenoemde due dillegence onderzoek) zou blijken dat Fokker tijdens de onderhandelingen een te rooskleurig beeld van de onderneming had geschetst, konden de Duitsers nog onder de principe-overeenkomst uit.

In de laatste maanden van vorig jaar keerde een team van accountants, juristen en technici van Dasa en moederconcern Daimler-Benz de Nederlandse vliegtuigbouwer binnenstebuiten op zoek naar een "lijk in de kast', dat niet werd gevonden. Maar voor de Duitsers was Fokker veel minder waard, dan Fokker zelf vond, zei Andriessen gisteren in de Kamer.

Onder druk van Daimler-Benz schroefde Dasa begin dit jaar de financiële eisen op. Met de rug tegen de muur gaf Andriessen toe, maar hij weigerde om ook na de overname geld bij te passen voor eventuele reorganisaties bij Fokker. De financiële positie van Fokker verslechterde drastisch; met een financieel noodverband van de overheid kon een surséance van betaling worden voorkomen. De precaire financiële positie van Fokker verhinderde de Staat “Dasa in rechte te dwingen tot nakoming van de overeenkomst” van oktober.

Andriessen hekelde de critici die berekenden dat zijn langdurig nadenken ongeveer 400 miljoen gulden heeft gekost. Hij speelde de bal terug. De Duitsers waren traag - “In Duitsland heeft men nu eenmaal langer vakantie” - en tussen half maart en eind oktober waren “door mijn schuld drie weken verspeeld”.

In februari zei Andriessen: “Wanneer je alle appels en peren bij elkaar optelt en je gaat uit van het meest negatieve scenario dan is deze deal 400 miljoen gulden duurder dan de afspraak van oktober”. Gisteren rekende Andriessen de Kamerleden voor dat in het “allerzwartste scenario” de opbrengst voor de Staat 90 miljoen gulden lager uitvalt en voor het Nederlands Instituut voor Vliegtuigontwikkeling en Ruimtevaart 103 miljoen gulden.

De minsiter deelde de “huiver” die verschillende Kamerleden uitten over eventueel toekomstige afslankingen bij het vliegtuigconcern. Andriessen: “Maar je moet een keer in het diepe”.