De prijs van de liefde

Een paar jaar geleden wekte de film Fatal Attraction aardig wat opschudding. De film ging over een gelukkig getrouwd echtpaar, waarvan de man zich in een onbewaakt weekend liet verleiden tot een slippertje. Toen hij weer bij zijn positieven kwam, wilde hij dit incident zo snel mogelijk onder het vloerkleed vegen, maar zijn medespeelster in de seksuele roes had heel andere plannen en ontpopte zich na de afwijzing door haar minnaar als een wrekende furie met als gevolg moord en doodslag. Het publiek in de zaal scheen zich nogal aangesproken te voelen door dit thema en moedigde Michael Douglas, die zijn huis en gezin moest beschermen, luidkeels aan met "Kill the bitch!'

Volgens Susan Faludi, auteur van het boek Backlash over de inspanningen van de media om het feminisme de kop in te drukken, was Fatal Attraction een duidelijk voorbeeld van anti-feministische Hollywood-propaganda. Het gezinnetje moest immers gered van een vuige indringster, een emotioneel gefrustreerde carrière-vrouw, voor wie regisseur Adrian Lyne een bestemming op het oog had, waar geen misverstand over mogelijk was: de enige goede alleenstaande vrouw is een dooie.

Adrian Lyne beschikt in ieder geval over het talent om tot de verbeelding sprekende onderwerpen aan te snijden, want zijn recente film Indecent Proposal zorgt voor niet minder opwinding. Weer gaat het over een gelukkig echtpaar - de vrouw wordt gespeeld door Demi Moore - en weer is er een indringer, Robert Redford, die in een casino zijn lustvol oog laat vallen op Demi Moore. Hij biedt de man een miljoen dollar in ruil voor een enkele nacht met Demi (no strings attached). Na enig wikken en wegen neemt het echtpaar het aanbod aan, omdat ze op die manier hun droomhuis in Californië zullen kunnen financieren. Makkelijk verdiend tenslotte met één nacht werk. Het venijn schuilt erin dat Demi zich tijdens haar peesnachtje meer amuseert dan verstandig zou zijn.

Twee soorten reacties zoemen er nu rond. In het talkshow-circuit neemt men de film zoals hij is en stort men zich op de vraag "wat zou jij doen, als je zo'n aanbod kreeg?' Onder leiding van Oprah Winfrey komt daar beslist een geanimeerde discussie van, waarbij de zaal zich voorspelbaar opsplitst in een aantal vrouwen dat roept: "voor geen prijs! voor geen prijs!' en een (grotere) groep die er geen bezwaar tegen zou hebben een nachtje met Robert Redford door te brengen en daar een miljoen voor toe te krijgen. Het dilemma zelf wordt er intussen niet reëler op. Dit komt vooral door het exorbitante bedrag. In de betaalde liefde variëren de prijzen tussen een geeltje en een paar duizend gulden per geleverde klus. Je kunt je wel afvragen wat je zou doen als iemand een miljoen op tafel legt voor een paar uur nachtelijk vertier, maar het is een vraag uit de categorie "wat gebeurt er als de hemel naar beneden valt' (antwoord: dan hebben we allemaal een blauwe hoed).

Interessanter is dan ook de vraag of de film inderdaad getuigt van een anti-feministische mentaliteit. Is Adrian Lyne een seksist omdat hij een verhaaltje spint rond prostitutie zonder het verhullende decor van het rosse leven? Juist het ontbreken van een noodzaak tot prostitutie maakt het verschijnsel naakter, minder omfloerst, zoals dure call-girls in het algemeen minder zielig worden gevonden dan armzalige herone-hoertjes. Maar een essentieel verschil tussen beide beroepsgroepen is er niet. Ze maken allebei gebruik van schaarste om er zelf beter van te worden. De vraag houdt het aanbod in stand en vice versa.

Prostitutie is niet de meest aangewezen vorm om seksuele betrekkingen in te gieten, maar het verschijnsel heeft wel een lange staat van dienst en heeft zich overal aan weten te onttrekken. Zelfs dwingende ideologieën als het christendom en het communisme kregen er geen greep op, dus wat wil het feminisme, ook in militante vorm nog altijd softer dan religie of politiek, nou helemaal voor elkaar krijgen?

In Californië eiste onlangs een man in een echtscheidingszaak elfduizend dollar van zijn vrouw, nadat ze toegegeven had dat ze hem vanaf het begin seksueel onaantrekkelijk had gevonden. Het bedrag moest een compensatie vormen voor tien jaar gederfd seksueel genot (de rechter wees het toe). Heel in de verte had de redenering nog iets met het feminisme te maken, althans volgens de rechter, want was het niet zo dat vrouwen in strafzaken financiële genoegdoening konden eisen (en ook vaak kregen), als ze verkracht waren? Waarom zou die weg niet open staan voor een man die tien jaar lang door zijn wettige vrouw op seksueel dood spoor werd gehouden en wie weet daardoor wel op hoge kosten buitenshuis werd gejaagd?

Aan elke gradatie van leed hangt blijkbaar een prijskaartje. Ook in het feminisme bestaat er een neiging onrecht om te rekenen in geld. Het is nogal absurd om van een verkrachter een paar duizend gulden persoonlijke schadevergoeding te eisen, alsof de zaak daarmee weer in evenwicht zou zijn. Wat dat betreft is er geen verschil met de rest van de mensheid, die zich bijvoorbeeld bezighoudt met het opeisen van smartegeld, nadat hun familieleden zijn omgekomen bij een vliegramp.

Medeplichtigheid aan de trend om overal een slaatje uit te slaan maakt het afwijzen van prostitutie in woord of beeld er niet geloofwaardiger op. Maar afgezien daarvan heeft het ook geen enkele zin er feministische criteria op los te laten, behalve dan misschien als het gaat om secundaire arbeidsvoorwaarden (pensioenregelingen, betaalde vakanties).

De prostitutie glibbert onder elk moreel raster uit, evenals trouwens uit de hand gelopen wraakacties, of die nu wel of niet door alleenstaande carrière-vrouwen worden bedreven.