Dasa-topman somber over vliegmarkt

SCHEVENINGEN, 28 APRIL. Dasa hoopt binnen tien jaar het bedrag tussen de 500 en 700 miljoen gulden die de overname van Fokker gaat kosten, terug te verdienen. Voorzitter Jürgen Schrempp verklaarde gisteren tijdens de ondertekening van het officiële contract tussen Dasa en Fokker in het Kurhaus dat is ingecalculeerd dat de vliegtuigmarkt zich niet voor 1995 zal herstellen.

Door Dasa wordt er daarom rekening mee gehouden dat Fokker de komende jaren in de rode cijfers terecht komt. Van de marktsituatie hangt het af of er op korte termijn een opvolger van de Fokker 100 zal komen. Er wordt gestudeerd op een nieuw type straalvliegtuig voor de korte en middenlange afstand, waarbij Fokker bij de ontwikkeling de leidende rol krijgt toebedeeld. Opmerkelijk is dat Schrempp de deur op een kier houdt voor concurrenten als het Italiaanse Alenia en het Franse Aerospatiale - maatschappijen waarmee Dasa eerst een regionaal straalvliegtuig wilde ontwikkelen voordat het definitief voor Fokker koos - om in een later stadium tot de Dasa-Fokker alliantie toe te treden. Of zoals Fokker-president Nederkoorn preciseerde: “Er is buiten een oorlog gaande op de markt voor vliegtuigen. Geen enkele maatschappij in geen enkel land kan het nog helemaal alleen.”

Schrempp benadrukte het belang van een sterke concentratie op de Europese markt om buitenstaanders buiten de deur te houden. Vooral voor de concurrentie uit het Verre Oosten toont de Duitser zich bevreesd. British Aerospace heeft al een samenwerkingsverband met Taiwan, terwijl de Japanners zich uitgebreid aan het oriënteren zijn bij Boeing. Fokker - officieel de vierde vliegtuigbouwer op de wereldranglijst - die 1150 gebouwde vliegtuigen operationeel heeft bij 175 klanten in 75 landen - is volgens Schrempp dé partner bij uitstek voor Dasa om aan die concurrentie het hoofd te bieden.

Synergie moet van de overname een succes maken. In alle geledingen zullen er tussen Dasa en Fokker personeel en gegevens worden uitgewisseld. Dat een eerdere samenwerking tussen Fokker en een Duitse partner, VFW, op een fiasco uitliep komt volgens Schrempp omdat er toen sprake was van een fifty-fifty verhouding tussen beide partners. Bovendien waren de Duitsers te gefixeerd op de technische kant van de samenwerking en was Fokker in feite alleen maar genteresseerd in de commerciële kant van de deal.

Tot nu toe maakt Fokker voor zijn toestellen gebruik van Rolls Royce-motoren. Maar via het dochterbedrijf van Dasa - MTU uit München - krijgt ook Pratt & Whitney binnenkort een voet tussen de deur bij Fokker. Een andere mogelijkheid is dat de samenwerking tussen Rollys Royce en BMW zulke goede resultaten oplevert dat wordt besloten met de vertrouwde Engelse motorenleverancier door te gaan. Fusiebesprekingen tussen MTU en BMW liepen vast omdat de Duitse automobielfabrikant een meerderheidsbelang in dat samenwerkingsverband eiste.