Sanering vuile bodem Rotterdam-Kralingen kan dit jaar beginnen

ROTTERDAM, 27 APRIL. De bodemsanering in de Rotterdamse wijk Kralingen, die met 300 miljoen gulden behoort tot de duurste in de Nederlandse geschiedenis, kan nog dit jaar beginnen. Minister Alders (VROM) beloofde dit gisteren na een rondtocht door de Vlinderbuurt, waar bewoners hem opwachtten in T-shirts met opdruk als "We willen je ja-woord' en "We zijn het wachten zat'. De buurt verkeert al dertien jaar in onzekerheid over sanering van de wijk.

In het buurthuis zei de bewindsman nog dit jaar “20 tot 30 miljoen” beschikbaar te hebben voor de verhuizing en schadeloosstelling van bewoners. Als de gemeente meewerkt, kan de operatie al in september beginnen, aldus Alders. Door de saneringsoperatie moeten 700 van de in totaal 1.100 betrokken huishoudens tijdelijk verhuizen en worden 110 huizen afgebroken.

De minister maakte wel duidelijk dat de saneringsoperatie over vijf jaar uitgesmeerd moet worden. Technisch gezien kan de operatie in 3,5 jaar voltooid zijn, maar dan onstaan problemen met de financiering. Alders: “VROM heeft voor grote saneringsprojecten 125 miljoen beschikbaar. Ik kan u goed verkopen dat u daarvan jaarlijks meer dan de helft krijgt, maar dat zal elders moeilijker liggen.”

VROM neemt jaarlijks 90 procent van de kosten van de bodemsanering van grote projecten (meer dan 10 miljoen) voor rekening, de overige 10 procent wordt betaald door de gemeente. De gemeente Rotterdam en het ministerie hadden tot deze week problemen met de financiering van de sanering van de Vlinderbuurt. Rotterdam wilde delen van de operatie voorfinancieren, maar VROM bleek niet in staat de rente over dat geleende bedrag te betalen. Nu VROM heeft 50 miljoen per jaar heeft aangeboden, is dat probleem uit de wereld.

De vervuiling van de Vlinderbuurt, Gerdesiagebied en de Gashouderbuurt, die in 1980 werd ontdekt, is veroorzaakt door een gasfabriek die in 1934 gedeeltelijk werd gesloopt. Op verscheidene plaatsen in de Vlinderbuurt is de bodem ernstig vervuild met stoffen als fenolen, aromaten, cyanide, tolueen en olieprodukten. De gemeente zou de vervuiling aanvankelijk alleen "beheren' (indammen), wat 50 miljoen kostte. VROM vroeg in 1990 echter om een grondig onderzoek om een "domino-effect' te vermijden - bij eerdere saneringsoperaties was al gravend steeds meer vervuiling ontdekt.

In 1991 waren de verwachte kosten al gestegen tot 150 tot 200 miljoen. In oktober vorig jaar bleek "multifunctionele sanering' van het gebied - waardoor de grond weer geschikt wordt voor alle mogelijke activiteiten - liefst 550 miljoen gulden te kosten. Rotterdam en het ministerie kwamen daarom een minder ambitieuze opzet overeen: ernstig vervuilde grond, soms tot twaalf meter diep, zal worden verwijderen, minder vervuilde plaatsen worden ingedamd, waarna 99 procent van de vervuiling in de loop van een eeuw uitgefilerd en opgepompt wordt.