Akkoord over aanvulling op WAO bij Akzo

ARNHEM, 27 APRIL. De directie van Akzo en de vakbonden zijn het vannacht eens geworden over volledige aanvulling van de verlaagde uitkeringen bij arbeidsongeschiktheid (WAO) voor de bijna 20.000 werknemers bij het chemieconcern in Nederland.

De afspraak maakt onderdeel uit van de nieuwe Akzo-CAO. Het overleg daarover werd vannacht na het WAO-akkoord afgebroken. Vanmorgen is het hervat. Rond het middaguur waren er nog drie geschilpunten: de looptijd van de CAO, de loonsverhoging en het aan-/verkopen van verlofdagen.

Akzo heeft het omstreden voorstel om de salarisaanpassing meer af te stemmen op het persoonlijk functioneren van werknemers vanmorgen ingetrokken. Met name de industriebonden van FNV en CNV verzetten zich ertegen. Zij beschouwden het als een verwerpelijke vorm van prestatiebeloning. Eerder was overeenstemming bereikt over een bijdrage-regeling die de financiële gevolgen verzacht van de geleidelijke afschaffing van de collectieve VUT, waartoe vorig jaar werd besloten.

De regeling voor de WAO-reparatie wordt ondergebracht bij het bedrijfspensioenfonds en kost de werknemers een premie 0,35 procent van hun loon (tot 75 mille). Ze zijn niet verplicht mee te doen. Behalve met de premiebijdrage hebben de bonden ingestemd met beperking van de bovenwettelijk uitkeringen aan gedeeltelijk arbeidsongeschikten en met beperking van de bovenwettelijke uitkeringen aan arbeidsongeschikte werknemers bij Akzo pharma en Akzo zout- en basischemie. Deze laatste werknemers kennen nu royalere aanvullingsregelingen. Deze worden gelijkgestrokken met die voor het overige Akzo-personeel, waardoor het ziekengeld het eerste jaar wordt aangevuld tot 100 procent, de WAO-uitkering in het eerste jaar tot 90 procent en in het tweede jaar tot 80 procent. Akzo had voorgesteld het ziekengeld in het tweede halfjaar te beperken tot 92,5 procent en de WAO-uitkering alleen in het eerste jaar aan te vullen (tot 85 procent).