Serviërs voeren twee etmalen lang toneelstuk op

BELGRADO, 26 APRIL. Hoog spel speelden de Servische politici dit weekeinde, zowel de Bosnische Serviërs die in Bijeljina het vredesplan Vance-Owen verwierpen, en op die manier verdergaande sancties over Servië en Montenegro afroepend, als die andere, die in Belgrado riepen dat zij het vredesplan juist heel bevredigend te vinden - maar ja, die Serviërs in Bosnië willen er niet aan ... Om zes uur vanochtend trad Resolutie 820 van de Veiligheidsraad in werking, enkele minuten voordat uit Bijeljina het fatale "nee' werd ontvangen, dat behalve verdergaande sancties tegen Joegoslavië (Servië en Montenegro) ook de kans op internationaal militair optreden tegen de Bosnische Serviërs in zich draagt.

Het was de ontknoping van een twee etmalen durend en adembenemend diplomatiek theaterstuk:

ZATERDAG

0.900 uur. In een villa in Belgrado begint het gesprek tussen de bemiddelaar van de Europese gemeenschap, Lord David Owen, en Radovan Karadzic, "president' van de door de Serviërs in Bosnië-Herzegovina uitgeroepen "Servische republiek' in Bosnië. Van hem moet het ja-woord tegen het vredesplan komen. Owen heeft tevoren in de Montenegrijnse hoofdstad Podgorica, waar de politieke leiding schoon genoeg heeft van de sancties tegen Servië en Montenegro, onthuld wat hij de Serviërs voorstelt: een extra-territoriale corridor in Noord-Bosnië, om de Servische gebieden in Bosnië en Kroatië met elkaar en met Servië te verbinden, aan weerszijden vijf kilometer gedemilitariseerd en gegarandeerd door troepen van de VN. “Een eervol compromis”, noemt Owen zijn voorstel. Bij het betreden van de villa heeft Karadzic andere ideeën over Noord-Bosnië: “Het is Servische grond, die wij hebben bevochten”, meent hij. Die geef je niet op.

12.00 uur. “Nee”, reageert een geagiteerde Owen op de vraag, of de zaak geregeld is. Hij beent weg, een auto in. Karadzic is spraakzamer: “Wij kunnen geen corridor door vijandelijk gebied accepteren”. Verder babbelt hij wat over een "eeuwenoud' conflict in Bosnië-Herzegovina, dat zich niet zomaar in vrede laat omzetten. “Waarom wil de internationale gemeenschap met alle geweld dat wij als hond en kat samenwonen?” Hij gaat naar Bosanski Novi, om de verzamelde parlementen van de Serviërs in Bosnië en Kroatië de zaak uit te leggen. Inmiddels spreekt Owen in Belgrado met sterke man Slobodan Milosevic, president van Servië, en met Dobrica Cosic, de president van Joegoslavië.

15.30 uur. Owen komt in de Kroatische hoofdstad Zagreb aan. “Meneer Karadzic is een gevaarlijke weg ingeslagen, en sleept de hele Servische natie met zich mee”, zegt Owen op het vliegveld. De Kroatische president Franjo Tudjman legt in het openbaar plotseling een zonderling gebrek aan enthousiasme voor het vredesplan Vance-Owen aan de dag, ofschoon "zijn' Kroaten in Bosnië-Herzegovina ermee hebben ingestemd. Bosnië moet maar een confederatie worden van drie staten, onder mandaat van de VN, vindt Tudjman.

19.30 uur. De nieuwslezer van de Servische staatstelevisie verontschuldigt zich, over de inhoud van het gesprek Owen-Milosevic-Cosic niets te kunnen vertellen - een beetje theater, want het is algemeen bekend dat Milosevic van het tv-journaal min of meer hoofdredacteur achter de schermen is. In latere uitzendingen meldt Karadzic per telefoon, dat het plan als een soort voorlopige regeling toch nog aanvaard kan worden. Milosevic en Cosic bespreken de dreigende nationale ondergang met Pavle, de patriarch van de orthodoxe kerk in Servië.

ZONDAG

12.00 uur. Owen komt weer aan in Belgrado, officieel voor nieuwe gesprekken met Cosic en Milosevic. Het parlement van de Bosnische Serviërs verhuist van het verre Bosanski Novi naar het dichtbij de Servische grens gelegen Bijeljina. Owen zegt op verzoek van Milosevic en Cosic naar Belgrado te zijn teruggekeerd. Als het ware over de hoofden van de politici heen, wendt Owen zich al op het vliegveld tot de Serviërs. “U bevindt zich op de drempel. Het risico is dat als de sancties vannacht in werking treden, ze niet in binnen afzienbare tijd zullen worden opgeheven”.

19.15 uur. Owen komt de zogeheten Servische villa in Belgrado uit, om een luchtje te scheppen. Hij heeft er alweer zeven uur gesprekken opzitten met Milosevic en Cosic, waarbij zich dan ook nog de Montenegrijnse president Momir Bulatovic heeft gevoegd. Karadzic, die 's morgens ook al bij patriarch Pavle langs is geweest, mag in een nabijgelegen villa braaf wachten tot hij geroepen wordt. Na een uurtje of twee gaat hij terug naar zijn parlement. In de uren daarna wordt bekend dat, overigens geheel in overeenstemming met het oorspronkelijke vredesplan, de Servische partij nog een belangrijke verzekering heeft ontvangen. Ook in de provincies in Bosnië waar zij geen meerderheid vormen, hoeven de Servische dorpelingen niet bevreesd te zijn voor Kroatische of moslim-soldaten: daar zullen soldaten van de VN de Servische bevolking beschermen.

22.00 uur. In het cultuurhuis van Bijeljina, tegenover de plaats waar de Serviërs de plaatselijke moskee hebben opgeblazen, begint de zitting van het parlement van de Bosnische Serviërs met een toespraak van Karadzic, waarin deze het vredesplan aanbeveelt noch afraadt. Wel merkt hij op dat het vredesplan in feite een "dictaat' is, dat op zijn merites voor de Servische zak moet worden bekeken. 41 sprekers komen in de uren daarna aan het woord, waarvan er slechts één een paar goede woorden voor het plan heeft. De anderen verwerpen het met een kleurrijke uitbarsting van emoties, die zelfs in deze radicale kring opzien baart. “Dronken lord en goedbetaalde bluffer”, krijgt Owen naar zijn hoofd. De Amerikanen, die “genocide uit de lucht” op de Serviërs in de zin zouden hebben, heten “conquistadores” die na de Indianen nu de Serviërs willen wegvagen.

“Zelfs God zal ons vergeven als we nu een wrede beslissing nemen”, meent een spreker. Een ander zinspeelt op de mogelijkheid groepen burgers te posteren op het vliegveld van Banja Luka, om dit voor bombardementen te vrijwaren. Menigeen roept zijn gestorven kameraden aan, in een appel aan alle Serviërs, de grond der vaderen tot de laatste snik te verdedigen, in de derde grote Servische oorlog in deze eeuw. “Als twaalf miljoen Serviërs opstaan, heeft de NAVO geen kans”.

In het Hyatt-hotel in Belgrado zoeken Owen en zijn delegatie inmiddels het bed op. Men is moe, de afgelopen 48 uur zijn behalve Belgrado ook Skopje, Athene en Zagreb aangedaan. Als uit Bijeljina het verlossende "ja' komt, verzekeren delegatieleden, is men bereid zich ijlings in de auto's te werpen om, nog voor het fatale tijdstip van 06.00 uur, ergens halverwege de weg tussen Belgrado en het Bosnische stadje Karadzic de documenten te laten tekenen.

MAANDAG

0.3.15 uur. Radio Novi Sad, die in tegenstelling tot de zenders in Belgrado de zitting in Bijeljina live uitzendt, kondigt een pauze aan en begint aan een urenlang programma van nationalistische liederen. De Servische tv blijft in de lucht met Servische volksdansen. De radio meldt dat uit Belgrado de Joegoslavische minister van buitenlandse zaken, Vladislav Jovanovic, in Bijeljina is aangekomen en dat de zitting achter gesloten deuren verdergaat.

0.400 uur. De Servische televisie leest een brief van Milosevic, Cosic en Bulatovic aan de Bosnische Serviërs voor, waarin zij worden opgeroepen op te houden met hun gepraat en met het vredesplan in te stemmen: “Dit is geen tijd voor patriotisme, maar voor ferme beslissingen”. Er moet een eind komen aan het bloedvergieten, aan alle rechten van het Servische volk binnen een nieuw Bosnië wordt door het vredesplan tegemoet gekomen. “U hebt niet het recht, twaalf miljoen mensen [de bevolking van Servië en Montenegro, red.] bloot te stellen aan sancties. U stort alle Serviërs in de ellende”.

Owen en de zijnen slapen rustig verder, wachtend op een eventueel seintje van Karadzic, dat hij wil tekenen. De nachtportier van het hotel vertelt, dat de delegatie voor kwart over zes het telefonisch ochtendreveil heeft besteld.

06.00 uur: Uur U. Uit Bijeljina geen nieuws. Verslaggevers ter plaatse melden tot tranen toe kwade afgevaardigden, tumult in de zaal, geschreeuw dat door de gesloten deuren hoorbaar is: “U moet instemmen”, “Dacht u dat ik dit zou doen als ik niet dacht in het belang van het Servische volk te handelen?”

06.09 uur. De Servische radio en televisie melden: unaniem verworpen. De Bosnisch-Servische parlementsvoorzitter, Momcilo Krajisnik, heeft een verklaring uitgegeven die neerkomt op een Bosnisch-Servische oorlogsverklaring aan de rest van de wereld. “Wij zijn een oud orthodox volk, waarvan de eer, de cultuur en het recht op waarachtigheid en vrijheid wederom met de ondergang worden bedreigd. Wij roepen allen op, met ons de wapenen voor de Servische identiteit op te nemen. Wij nemen ons lot in eigen handen”.

07.30 uur. Op weg naar het vliegveld legt Lord Owen in de hal van het hotel een forse verklaring af. Hij noemt een confrontatie tussen Europa en de Bosnische Serviërs nu “onvermijdelijk”. Als Servië en Montenegro zo kritisch tegenover hen staan, als de brief uit Belgrado doet vermoeden, dan moet Joegoslavië meehelpen de grens tussen Joegoslavië en de Bosnische Serviërs af te sluiten met VN-soldaten, voor alle bevoorrading, ook die met voedsel.

“De Bosnische Serviërs zijn verantwoordelijk voor enkele van de ergste schendingen van humanitair recht in deze eeuw”, aldus Owen. “Zij worden daarvoor collectief verantwoordelijk gehouden, en dat geldt in het bijzonder voor wat zij nog zullen doen. Europa wil met het Servische volk samenleven en samenwerken, maar niet met de Serviërs die in hun zelfgedachte parlement de weg naar de ondergang inslaan.” Als het leiders van Servië en Montenegro geen ernst is met de volledige isolering van de Bosnische Serviërs, aldus Owen, of - nog erger - het Joegoslavische leger de Bosnische Serviërs blijft steunen, moet ook Joegoslavië met verdergaande maatregelen en confrontatie rekening houden.

Dan vertrekken Owen en de zijnen richting thuisbasis Genève. Het vredesplan zal worden gerealiseerd, zegt Owen nog, ook tegen de wil van de Bosnische Serviërs. “Het vredesplan is niet dood, het is springlevend”.