Familie en pèla helpen Molukkers van de drugs

Herwaardering van Molukse normen en waarden staat centraal bij de behandeling in het Landelijk Ontwenningscentrum voor Molukkers (LOCM) in Leusden. De bewoners moeten de waarde van de familie weer inzien, de “enige instantie die ze kosteloze hulpverlening kan aanbieden”. Vierde deel uit een serie over afkick-centra.

LEUSDEN, 26 APRIL. Eigenlijk druist professionele hulp aan mensen met psychische problemen lijnrecht in tegen de Molukse cultuur. De familie moet alles kunnen oplossen. Toch worden in een villa in de bossen van Leusden Molukse ex-verslaafden door Molukse hulpverleners voorbereid op een 'cleane' terugkeer in de maatschappij.

In het Landelijk Ontwenningscentrum voor Molukkers (LOCM) moeten ex-gebruikers de Molukse normen en waarden leren herwaarderen. Normen en waarden die ze volgens Simon Pattiata (39), algemeen directeur van het LOCM, door hun jarenlange druggebruik hebben weggestopt: "pèla', voorouders en familie.

Volgens Pattiata heeft het Molukse groepsgevoel een minder gunstige kant: mode- en trendgevoeligheid. Dat ziet hij aan de kleding die jonge Molukkers dragen, maar ook aan hun druggebruik. In de zestiger jaren waren veel Molukkers al heel snel aan het experimenteren met LSD en 'speed', in de zeventiger jaren deden zij dat met herone en nu ziet hij hij hetzelfde gebeuren met de "feestdrug' XTC. Andere oorzaken voor de verslavingsproblemen van de Molukkers zijn volgens de directeur problemen met taal, onderwijs en de eigen identiteit.

De klanten van het LOCM zijn lichamelijk al afgekickt. Dat gebeurt op andere instellingen, die de ex-gebruikers doorverwijzen naar Leusden. Daar worden gemiddeld tien mensen door veertien Molukse hulpverleners minimaal acht maanden behandeld. Alle categorieën ex-verslaafden zijn welkom: ex-gedetineerden, moeders, ouderen en jongeren.

Het programma begint met de "Brgaul-fase'. Brgaul betekent omgang; de nieuwe bewoners leren de groep kennen, tot rust komen en aan een vast leefritme wennen door bijvoorbeeld precies op tijd uit bed te komen en op vaste tijden te werken. De Brgaul-fase duurt anderhalve maand. De bewoners mogen dan geen familie of vrienden ontvangen.

Tiro (28) is sinds een maand bewoner van het centrum. Hij is twaalf jaar verslaafd geweest aan hard drugs en heeft al veel Nederlandse behandelcentra voortijdig verlaten. Tiro: “Daar gaan ze je brainwashen, ze breken je Molukse en je individuele waarden af. Je krijgt bijvoorbeeld een overall aan, dan is gelijk je imago weg. Je word helemaal klein gemaakt. En ze begrijpen je niet. Nederlandse hulpverleners denken dat er wat loos is als je opgefokt word. Hier weten ze gewoon dat je temperament hebt.”

Tiro zegt heel goed te beseffen dat hij in een beschermde omgeving zit, verscholen in het bos en omringd door Molukkers. “Maar ik ben niet bang dat ik niet meer zal kunnen integreren. Hier leer ik weer wat het betekent om een Molukker te zijn en wat ik als Molukker kan gebruiken om in Nederland te kunnen functioneren. Bijvoorbeeld hoe ik tegen Nederlanders moet praten als ik kwaad word.”

Respect voor ouderen in het algemeen en de eigen ouders in het bijzonder is het belangrijkste aspect. Via groepsgesprekken, en door de familie na de eerste anderhalve maand veelvuldig op bezoek te laten komen. Filip (25) zegt na drie maanden vooral te hebben geleerd zijn overleden Molukse vader te respecteren. Filip: “Ik ben Nederlands opgevoed, ik at Nederlands en volgde Nederlands onderwijs. Mijn vader is overleden toen ik zeventien was. Toen raakte ik ook aan de drugs. Ik zag op de lagere school bijvoorbeeld kinderen met dure gymschoenen en die wilde ik dan ook van mijn vader. Maar hij had geen geld, hij was een voormalig KNIL-strijder. Dan werd ik ontzettend kwaad. Nu kijk ik met liefde op hem terug, ik heb geleerd dat je je geschiedenis niet moet vergeten.”

Een andere Molukse waarde die een belangrijke rol speelt tijdens de behandeling is het geloof: op de Molukken leven protestanten en moslims in vrede naast elkaar. Volgens Pattiata is dit mogelijk door het groepsgevoel onder Molukkers: de familie- en pèla-banden. Men is pèla van elkaar als ooit het dorp waar de (voor)ouders vandaan komen een verbond gesloten heeft met een ander Moluks dorp of eiland. Pèla's dienen elkaar altijd te helpen. Om dit groepsgevoel weer te doen herleven is de behandeling groepsgericht.

Tijdens de behandeling gaan de bewoners op zoek naar de kwaliteiten die ze wel in zich hebben, maar zijn vergeten. “Sommige mensen hier weten niet eens dat ze eigenlijk heel goed kunnen leren”, zegt Filip. Na vele maanden van groepsgesprekken en rollenspelen kunnen de bewoners weer de wereld in: ze voeren gesprekken met huisvestingsinstanties, de sociale dienst en arbeidsbureau's. Wanneer de behandeling klaar is, hebben ze als het goed is een stage-plaats, een baan of volgen ze een opleiding.

WVC betaalt het LOCM per jaar zo'n tachtigduizend gulden. De sociale diensten betalen per bewoner 770 gulden per maand. Het 'rendement' van de behandeling is volgens Pattiata redelijk. Van de 29 mensen die van augustus 1991 tot en met augustus van dit jaar zijn behandeld, is dertig procent 'teruggevallen' in druggebruik. De rest heeft werk of doet een opleiding.