Vroege Prinsjesdag

ALLEEN DE KONINGIN en de Gouden Koets ontbraken nog, voor het overige was het gisteren in Den Haag net Prinsjesdag.

Premier Lubbers en vice-premier Kok presenteerden, vijf maanden tevoren, een nagenoeg complete begroting voor 1994. Het verkiezingsjaar, al wijzen de aangekondigde maatregelen daar niet op. Want electoraal gezien getuigt de begroting van politiek masochisme. De uitkeringen van AOW tot en met kinderbijslag worden bevroren, en hetzelfde geldt voor de ambtenarensalarissen. Verder worden de bijstandsuitkeringen voor jongeren tot 21 jaar afgeschaft, de studiebeurzen flink versoberd, en komen er nieuwe kortingen op de huursubsidie, de rijkssubsidie voor nieuwbouwwoningen wordt beperkt, openbaar vervoer wordt duurder, autorijden waarschijnlijk ook, en in de gezondheidszorg komen eigen bijdragen.

Dat is de ene kant van de balans. Aan de andere kant staat, ondanks het forse pakket, een financieringstekort dat minder daalt dan was afgesproken in het regeerakkoord, nogal wat eenmalige maatregelen, stijgende werkloosheid, en een denivellerend inkomensbeeld. Vooral dat laatste valt op, maar de begroting is dan ook nog niet af. Wat de beide leidslieden van het kabinet gisteren presenteerden, was slechts een tussenstand.

Deze zomer zal moeten blijken of het kabinet het ook intern eens zal kunnen worden over een "evenwichtiger' inkomensbeeld. Gezien de ervaringen in het verleden zal dat nog flink wat discussie vergen. Een debat dat vooral zal worden gevoed door de politieke wilsvraag bij de coalitiepartners om met elkaar door te gaan.

De concept-begroting ademt de geest van werk boven inkomen en van investeren boven consumeren. Dat is ook de politieke betekenis van het stuk dat Lubbers en Kok gisteren in een zo nadrukkelijke eendrachtigheid presenteerden. De kiezer wordt niet gepaaid met cadeautjes maar geconfronteerd met maatregelen. Het woord is nu aan de politieke concurrentie. De VVD wordt geprovoceerd met een nog strenger pakket te komen, D66 wordt gevraagd kleur te bekennen. Wat dat betreft hebben Lubbers en Kok een politiek zeer tactische zet gedaan: al gauw zal blijken dat het echte alternatief er niet zal zijn.

En zo kunnen CDA en PvdA zich profileren als partijen die de nare boodschap durven te vertellen. Voor het CDA is dat niet nieuw, maar voor de PvdA blijft het een gewaagd experiment. Tot nu toe hebben de kiezers uitingen van moed van die partij niet willen belonen, zoals bijvoorbeeld bleek in de WAO-discussie. Dat de PvdA desondanks op de ingeslagen weg doorgaat, geeft aan dat gekozen is voor de lange termijn, waarbij electoraal verlies desnoods voor lief wordt genomen. Zo'n instelling zou het nu voorziene verlies wel eens behoorlijk kunnen beperken.

EEN JAAR GELEDEN balanceerde de coalitie langs de afgrond. Dat het kabinet nu de eindstreep fluitend zal halen, is wellicht te sterk uitgedrukt maar het ziet er wel beter uit. De regeringsgezinde fractieleiders Brinkman en Wöltgens hebben op straffe van een intern partijconflict nauwelijks een andere keuze dan het kabinet te steunen, terwijl de oppositie geen echte bedreiging kan vormen. Het is al met al geen slecht uitgangspunt voor het kabinet. Temeer daar hiermee de programmatische basis voor een voortzetting van de coalitie is geleverd.