Nieuwe stichting moet cultuurtoerisme bevorderen

DEN HAAG, 23 APRIL. De ministeries van WVC en Economische Zaken richten samen de Stichting Cultuurhistorisch Toerisme op om het cultuurtoerisme naar Nederland te bevorderen. Dezestichting zal in de komende vier jaar twee zogenoemde "pilotprogramma's' opzetten die als proef moeten dienen voor eventuele latere projecten. De thema's van de programma's zijn "Leven tussen Water' en "De Verenigde Oostindische Compagnie'. Dit werd eergisteren tijdens een klein symposium in de Rolzaal op het Binnenhof bekend gemaakt.

De twee pilotprogramma's zijn gericht op West-Nederland. "Leven tussen Water' concentreert zich op de kop van Noord-Holland, op het polder- en dijkenlandschap en op de vestingwerken en marinecomplexen in Den Helder. Het VOC-project richt zich op de steden waar vroeger een kantoor van dit bedrijf gevestigd is geweest, te weten Amsterdam, Hoorn, Enkhuizen, Rotterdam, Delft en Middelburg. Daar staan nog de pakhuizen en kantoren uit de tijd van de VOC. Daar zijn scheepvaartmusea die de toerist het verhaal van de Compagnie moeten vertellen.

De Stichting Cultuurhistorisch Toerisme krijgt vier jaar de tijd om de twee projecten levensvatbaar te maken. Daarna moeten ze projecten zelfstandig kunnen bestaan en moet er voldoende ervaring zijn opgedaan om met andere projecten op het gebied van cultuurtoerisme te beginnen.

Het cultuurtoerisme groei, werd op het symposium gesteld. Om de concurrentiepositie van Nederland ten opzichte van het buitenland te versterken willen EZ en WVC ons land beter profileren als cultureel toeristenland.

Nederland biedt met zijn rijk geschakeerd erfgoed vele toeristische mogelijkheden, zowel op het gebied van de monumenten als op dat van de cultuurhistorische landschappen, aldus sprekers op het symposium. Zij benadrukten het economisch en educatief belang van het cultuurtoerisme. Het kan leiden tot een grotere historische bewustwording en een betere zorg voor de monumenten.

De schaduwzijde, het risico van vervlakking en massatoerisme werd aangestipt, maar het waren vooral twee Engelse gastsprekers die hiervoor waarschuwden. In Engeland bestaat een veel langere ervaring op dit gebied. De chief executive van de English Heritage, Jenny Page, wees erop dat een gezonde symbiose tussen cultuur en toerisme alleen mogelijk is als de plaatselijke bevolking er direct bij betrokken is en ook meewerkt. De andere Engelse gast, de directeur van het National Science Museum in Londen, Neil Cossons benadrukte het belang van de blijvende overheidsverantwoordelijkheid en van structurele steun, die niet alleen van financiële, maar ook van politieke en intellectuele aard moet zijn.