Europarlement met zichzelf in de knoop over Bosnië; Chamberlain in Straatsburg

STRAATSBURG, 23 APRIL. Sommigen kwamen met gebogen hoofd naar buiten en zeiden dat ze “een beschamende vertoning” hadden meegemaakt, een dieptepunt in hun parlementaire bestaan. Anderen spraken boos over “een schande” of “een botte schande” en trokken een bittere vergelijking met de houding van de Britse premier Chamberlain tegenover Hitler. Weer anderen voelden zich misschien wel wat schuldig en trokken zich stilletjes terug in hun werkkamertjes.

Zo verwerkte gisteren in Straatsburg iedereen op zijn eigen manier de ontknoping van het zoveelste debat in het Europese Parlement over Bosnië. De eindstemming mondde uit in wat misschien wel de meest ontluisterende vertoning van machteloosheid was die de Europese Gemeenschap sinds het uitbreken van de burgeroorlog in Joegoslavië heeft laten zien.

Formeel speelt het Europese Parlement geen enkele rol in het buitenlandse beleid van de EG en het moet zich beperken tot het aannemen van goedbedoelde resoluties. Maar deze keer raakten de Europarlementariërs bij de eindstemming onderling zo in de knoop over de gewenste tekst dat zelfs geen enkele resolutie een meerderheid kreeg. Nadat woensdag nog hartverscheurende woorden waren gesproken over het lijden van de Bosnische bevolking, en de Servische agressors in harde taal werden veroordeeld, volgde daarom gisteren slechts een stilzwijgen. Behalve geen bevoegdheden heeft het Europese Parlement nu kennelijk ook geen boodschap meer als het om Bosnië gaat.

Het vaakst werd gisteren na afloop met de beschuldigende vinger gewezen naar de socialisten in het Europarlement. Al sinds afgelopen oktober neemt het Europarlement resoluties aan waarin het gebruik van “beperkt geweld” niet wordt uitgesloten om de Servische agressie in Bosnië te stoppen. Ook deze keer wilde de socialistische fractie niet verder gaan, al is er, zo liet woordvoerder Eisso Woltjer weten, een minderheid voorstander van het gebruik van wat meer militair geweld. Maar hij onderwierp zich gisteren aan de partijdiscipline.

Voorstanders van hard ingrijpen, zoals het bombarderen van aanvoerlijnen van Servische troepen en mogelijk zelfs het aanvallen van Servische artilleriestellingen, zijn te vinden in de fracties van de christen-democraten, de liberalen, de Groenen en in de Regenboogfractie. Die fracties vinden dat na onder andere het drama in de stad Srebrenica de etnische opdeling van Bosnië zo ver is gevorderd dat het Europese Parlement het niet langer kan maken een oude stelling te blijven betrekken en dat er, in navolging van bijvoorbeeld EG-bemiddelaar Owen, veel krachtiger taal moet worden gesproken.

Pag.5: Geweld brug te ver voor socialisten

“Het is waarschijnlijk de laatste keer dat we ons over Bosnië kunnen uitspreken”, zei bijvoorbeeld een geëmotioneerde Arie Oostlander, woordvoerder namens de christen-democratische Europese Volkspartij (EVP). Oostlander, die afgelopen weekeind nog met een team van Artsen Zonder Grenzen de belegerde stad Tuzla bezocht, verwacht dat de “Endlösung der Bosnische Frage” niet lang meer op zich zal laten wachten. Dan is Bosnië verdeeld tussen de Serviërs en de Kroaten en blijven voor de moslims slechts de getto's over.

Bij belangrijke vraagstukken proberen de socialisten (de grootste fractie) en de christen-democraten (de tweede fractie) het achter de schermen altijd eens te worden over een compromistekst voor een eindresolutie. Maar deze keer bleek de wens van de EVP en de andere fracties om een stap verder te gaan dan in voorgaande resoluties over Bosnië, een brug te ver voor de socialisten. Met als gevolg dat bij het begin van de eindstemming twee belangrijke resoluties op tafel lagen: één waarin “het gebruik van geweld niet langer kan worden uitgesloten” en waarin het vredesplan van Vance/Owen in feite tot een door Servische kogels kapotgeschoten en achterhaald plan werd gereduceerd, en één waarin de geweldsoptie werd omzeild en waarin nog met nadruk steun werd betuigd aan het opdelingsplan.

Het vervolg was chaotisch: 105 afgevaardigden stemden voor het artikel waarin werd gesproken over toepassing van geweld, 105 stemden tegen en 2 parlementariërs onthielden zich van stemming. In de verwarring die daarop volgde, sneuvelden alle voorgestelde resoluties. De voorstanders van meer geweld voelden er niets voor om een socialistische tekst te steunen die in feite minder ver gaat dan voorgaande resoluties, en dat op een moment dat het einde van Bosnie nabij lijkt. Dan is het beter om als Europarlement maar helemaal geen boodschap uit te dragen, zei Jan Willen Bertens, woordvoerder van de liberale fractie.

Zo bleven alleen de harde verwijten over die de volksvertegenwoordigers elkaar naar het hoofd slingerden. “Het is goed dat op deze dramatische dag is vastgelegd waar iedereen staat, nu Bosnië in handen valt van de fascistische troepen”, zei Oostlander na afloop.