Theater voor koopjesjagers

In bijna alle grote steden bestaat buiten het district met de grote, erkende, theaters een circuit van kleine en heel kleine zalen: de "fringe'-theaters. Soms zijn deze theatertjes zó klein dat de acteurs moeten oppassen dat zij niet struikelen over de benen van het publiek op de eerste rij. Het merendeel van de kleine theaters bevindt zich buiten het centrum van de stad, sommige zijn gevestigd in het "officiële' theaterdistrict. J.J. Peereboom bezocht een aantal fringe-theaters in Londen en Parijs.

Theatre de la Huchette, 23 Rue de la Huchette, 5e, 43263899

Guichet-Montparnasse, 15 Rue du Maine, 14e, 43278861

Poche Montparnasse, 75 Boulevard du Montparnasse, 6e, 45489297

Métamorphosis, t/o 198 Quai de Jemmapes, 10e, 42613370

Théatre du Marais, 37 Rue Volta, 3e, 42780353

Le Lucernaire, 53 Rue Notre Dame des Champs, 6e, 45445734

Espace Marais, 22 Rue Beautreillis, 4e, 48049155

Bezoekers van Londen gaan naar het theater; die van Parijs gaan naar de musea, en zitten op caféterrassen.

Zo doen zij gewoonlijk, niet omdat het Parijs aan theaters ontbreekt want er zijn er 110, maar omdat voor de meesten Frans moeilijker te verstaan is dan Engels. Daar komt bij dat de theaters duur zijn: de Comédie Française valt nog mee: 160 francs voor de duurste plaatsen, maar op het niveau van de Comédie des Champs-Elysées (een stuk van Neil Simon) en van de Oeuvre (een stuk van Anouilh) verlangen zij 250 francs, 85 gulden.

Er zijn verschillende redenen om dan maar eens de kleine theaters te proberen. Die zijn vaak avontuurlijker in hun programmakeus, over het algemeen minder duur, en de toeschouwers zitten dichter bij het toneel zodat zij makkelijker verstaan wat er gezegd wordt.

Wie in de Pariscope kijkt, het wekelijkse blad met het volledige programma-overzicht, raakt misschien ontmoedigd bij het beschouwen van de lijst van alle 110. Het heeft weinig zin om stukken aan te bevelen die er deze en volgende week gespeeld worden, want over een paar weken is er alweer iets anders; zo gaat het in alle kleine theaters.

Er is wel een aantal namen die in de lange lijst aangestreept verdienen te worden omdat zij vaak iets bijzonders bieden, en in sommige gevallen omdat er een prettige stemming heerst zelfs al is de lopende opvoering niet erg gelukt.

Het Théâtre de la Huchette, vlak bij de Place Saint-Michel, is het meest bekende van alle kleintjes, voornamelijk omdat het al een jaar of veertig met korte onderbrekingen dezelfde twee eenakters van Eugene Ionesco opvoert, La Cantatrice Chauve en La Leçon, die het Parijse equivalent van de Londense Mousetrap zijn. Dat heeft iets grappigs, maar daar blijft het niet bij: er is de laatste tijd ook na die twee, als afzonderlijke voorstelling om half tien, L'Augmentation van Georges Perec, een komedie over een kantoorwerker die zich afvraagt of en hoe hij bij zijn chef opslag zal gaan vragen. Een van de komische elementen is de herhaling van woorden en zinswendingen, ideaal voor de onwennige Fransspreker, en het stuk is pijnlijk natuurgetrouw in zijn uitbeelding van de onzekere mens.

Nog weer een stuk kleiner dan de Huchette is de Guichet-Montparnasse, dicht bij het station met dezelfde naam, die beweert vijftig plaatsen te bieden maar dat niet waar zal kunnen maken als er zwaargebouwde figuren komen. De toeschouwer zit er in een kamer met een toneel, en het paste laatst precies voor een eenmansvoorstelling van La Chute, de roman van Albert Camus over een advocaat die overstelpt door zijn besef van tekortschieten is uitgeweken naar Amsterdam. Dat stuk is alweer weg, maar de Guichet is in ieder geval een ondernemend zaakje, met twee of drie opvoeringen op een avond.

Aan de andere kant van de Boulevard Montparnasse ligt de Poche Montparnasse, het originele vestzaktheater dat opgeklommen is in de wereld: twee zalen, en duurder dan vroeger, maar met toch nog iets obscuurs, zoals het hoort. Op het ogenblik is een van de stukken daar - wie weet hoe kort nog - een bewerking van teksten van Montaigne, de zestiende-eeuwse essayist die de meeste grote theaters boven de pet gaat.

Een metrostation voorbij Montparnasse ligt de Lucernaire, waar iedere avond behalve zondag zes voorstellingen gegeven worden, verdeeld over het Théâtre Rouge en het Théâtre Noir (allebei 130 plaatsen). Daar is altijd iets te vinden - op het ogenblik zelfs een Summer Lightning van P.G. Wodehouse; op sommige avonden in het Engels, op andere in het Frans. Er zijn ook bioscoopzalen in het gebouw, zes films per dag, en er kan gedineerd worden in een behoorlijk restaurant.

Wie zich liever op de rechteroever van de Seine ophoudt kan de Marais proberen: de Espace Marais die programmeert als een kleine Comédie Française (Molière, Marivaux, Beaumarchais, Feydeau), of het Théâtre du Marais dat, hoewel minder wisselvallig dan de meeste (al 300 keer L'École des Femmes van Molière), toch een van de kleinste is, met tachtig plaatsen.

Verder naar het noorden, in de omgeving van het Gare de l'Est, is ook theater te beleven. In het Canal Saint-Martin, aan de Quai de Jemmapes, ligt een aak gemeerd die als het theater Métamorphosis is ingericht. De voorstelling die daar gegeven wordt gaat nog een paar maanden door: Mixed media, met oude filmpjes van Georges Méliès, magicien van de film aan het begin van de eeuw, en een levende magicien dat wil zeggen een goochelaar op het toneel. Iets zuidelijker aan de kade speelt zich ook theaterleven af in de Espace Jemmapes: twee stukken per avond, het eerste begint om half zeven.

Er zijn ook theaterboten op meer traditionele plaatsen: er liggen er twee in de Seine dicht bij de Pont Neuf. De een heet de Ouragan - verontrustend voor bezoekers die geneigd zijn zich af te vragen of het werkelijk veilig is op het water.

Hiermee is de lijst van kleine theaters niet volledig, maar lang genoeg voor één keer. Men kan zich de vraag stellen of het typisch Nederlands is om op zoek te gaan naar goedkope vermakelijkheden; Nederlanders staan op dit punt onder verdenking niet alleen van de Belgen, maar ook van zichzelf. Zit er misschien iets calvinistisch in? Het kan zijn, maar alle naties hebben hun eigen zuinigheid. Het is mij zelden gebeurd dat ik bij een Parijse theaterkassa niet iemand vóór mij in de rij had die op gedempte toon aan de kassière liet weten dat hij genaamd was A en een toezegging had van de heer B dat er gratis plaatsen voor hem zouden liggen op dag C.

Ook het Parijse theater is een wereld van koopjesjagers. Het hoeft niet eens op gedempte toon vermeld te worden dat er een groep van veertig zich noemende Théâtres Privés de Paris is die voor een reeks vroege voorstellingen van ieder nieuw stuk 50% korting geeft. Men raadplege zijn gids!