Stoppard smeedt subtiele banden tussen heden en verleden

Tom Stoppard, de toneelschrijver die de laatste jaren minder succes oogstte dan in het begin, is terug met een nieuw stuk, dat vorige week bij het National Theatre in Londen in première ging.

LONDEN, 21 APRIL. Het is alweer vijf jaar geleden dat er voor het laatst een stuk van Tom Stoppard in Londen op het toneel te zien was, maar nu wordt het wachten meer dan beloond. De belofte die hij in 1972 toonde in Jumpers, van een toneelschrijver die talentvol kon jongleren met abstracties, erotiek en speelsheid, werd in zijn volgende stukken nauwelijks ingelost - ze neigden naar oppervlakkige handigheid en waren uiteindelijk niet overtuigend. In Arcadia, zijn nieuwe stuk, bereikt hij met behulp van dezelfde ingrediënten een zeldzaam en delicaat evenwicht.

Het is 1809. De lokatie is Sidley Park, een groot landhuis, waar de briljante dertienjarige dochter des huizes, Thomasina (Emma Fielding), algebra-les krijgt van haar knappe jonge leraar Septimus Hodge (Rufus Sewell), een vriend van Lord Byron. Al snel ontdekken we dat Septimus zelf over heel wat van de talenten van zijn beroemde vriend beschikt, vooral waar het de dames betreft.

In de volgende scène bevinden we ons in het heden, maar de kamer is nog dezelfde. Op tafel liggen dezelfde boeken en ook hetzelfde schildpadje is er nog. De schrijfster Hannah Jarvis (Felicity Kendal) verricht onderzoek voor een boek over de pittoreske hermitages die men tweehonderd jaar geleden graag zag in Engelse privé-parken. Valentine Coverly (Samuel West), de zoon van de huidige eigenaar van het huis, is wiskundige. Hij bestudeert gegevens over de korhoenderspopulatie en maakt daarbij gebruik van de ter plekke bewaarde jachtboeken waarin eeuwenlang werd opgetekend wie wat wanneer heeft geschoten. Nu verschijnt de academicus Bernard (Bill Nighy), op zoek naar aanwijzingen dat Byron rond 1809 enige tijd in het huis zou hebben gelogeerd, kort voordat hij om onbekende redenen twee jaar lang uit Engeland wegging.

De actie gaat van scène naar scène heen en weer, terwijl het publiek altijd dat weet wat de personages op het toneel niet weten over het verleden of niet kunnen weten over de toekomst. Op dat patroon heeft Stoppard een briljante voorstelling geweven, waarin hij het classicisme afzet tegen de romantiek, het naturalisme - of de vaak bedrieglijke opvatting die wij daarvan hebben - tegen de gekunsteldheid (in Sidley Park is in 1809 een romantische, 'natuurlijke' tuinarchitectuur toegepast), en chaos tegen orde - die andere grote illusie aller tijden, dat het mogelijk zou zijn het stadium van alwetendheid te bereiken. “It's wanting to know that makes us matter,” zegt de studieuze Hannah, een amoureuze toenadering afwerend.

De banden tussen de twee werelden zijn op subtiele wijze gesmeed. De jonge wiskundige Valentine komt erachter dat de jonge Thomasina bijna twee eeuwen eerder, zonder de hulp van moderne computers, intutief begon te werken aan een kwestie die ook hem bezighoudt: een methode om alle vormen van natuurlijk leven te reduceren tot cijfers. De boeken bestuderende onderzoekers Bernard en Hannah bevinden zich op nog onzekerder terrein. Bernard heeft "bewezen' (en zelfs via de Breakfast Television verkondigd) dat Byron in 1809 uit Engeland vertrok als gevolg van een in Sidley Park gevochten duel - de ultieme uitingsvorm van de dualiteit, die één van de basiselementen van het stuk is. Een ander is de tijd, zoals Stephen Hawking die heeft benaderd. Bernard, de academicus, vindt dat alle wetenschappers kunnen doodvallen, behalve “die ene in de rolstoel”.

De humor, altijd belangrijk voor Stoppard, krijgt dit keer nimmer de kans de structuur te vertroebelen. In de scènes die zich in 1809 afspelen, komen bij vlagen Wilde-achtige zinswendingen voor, terwijl ook in de hedendaagse taferelen geen overmaat aan humor is verwerkt - en toch is Arcadia een bijzonder grappig stuk.

Niet alle personages zijn bevredigend uitgewerkt. Thomasina's moeder, lady Croom (Harriet Walter, allerminst op haar plaats), is niet meer dan een groteske persiflage op de groteske persiflage Lady Bracknell en de bijfiguren blijven tweedimensionaal. Men kan vermoeden dat Stoppards sympathie vooral uitgaat naar Valentine, die door Samuel West met grote toewijding wordt gespeeld als een wetenschapper die zich tegenstribbelend neerlegt bij de onzekerheid. “Now nature is having the last laugh,” moet hij aan Hannah toegeven. “The freaky stuff is turning out to be the mathematics of the natural world.”

Het stuk stelt aanzienlijke eisen aan het publiek, niet alleen op wiskundig gebied, en nog meer op het terrein van de Engelse literatuur. Het gaat uit van een zekere voorkennis, maar wat daar aan extra wetenschap aan wordt toegevoegd, is bekwaam en op een niet-didactische manier verwerkt. En in de discrete, niet opdringerige regie van Trevor Nunn krijgt Arcadia alle ruimte om voor zichzelf te spreken.