Geen junk is reddeloos in Bloemendaal

DEN HAAG, 21 APRIL. Het praten vindt Rob moeilijk. Als onderdeel van een ontwenningskuur moet de verslaafde aan drugs 's ochtends vertellen hoe hij zich voelt en wat hij die dag gaat doen. Het zwaarst vindt hij de "encountergroepen', groepstherapieën waarbij de verslaafde een lawine van kritiek over zich heen kan krijgen, “terwijl ik helemaal niet tegen kritiek kan”.

Het Verslavingscircuit Bloemendaal in Den Haag, waar Rob is opgenomen, hanteert de filosofie dat verslavingsproblemen geen chemische, maar menselijke problemen zijn. De therapie is gericht op gedragsverandering en emotionele groei; de zwakke plekken van de bewoners worden aangepakt. Nog een tiental andere klinieken in Nederland bereidt langdurig verslaafden voor op een "cleane' terugkeer in de maatschapij. Van der Meer: “Langdurig verslaafden worden steeds meer als hopeloze gevallen wbeschouwd.” Het credo van Bloemendaal luidt: geen enkele junk is reddeloos verloren. Twintig jaar geleden begon Bloemendaal, wegens de strakke hiërarchie door andere klinieken lang met argusogen bekeken.

Rob (23) is opgenomen op de detoxificatie-afdeling van Bloemendaal. Op de detox kicken jaarlijks 350 junks af met behulp van methadon, van wie er slechts zeventig doorstromen naar het vervolgprogramma van Bloemendaal. Het overgrote deel meldt zich alleen aan om even aan te sterken en vervolgens weer de straat op te gaan. Rob wil écht stoppen. “Het afkicken was een makkie”, zegt hij. Volgens Van der Meer valt de lichaamlijke ontwenning de meeste junks mee. “Dat komt mede door ons volle dagprogramma.”

Rob wil nu naar de Emiliehoeve, de therapeutische gemeenschap van Bloemendaal met 38 bewoners. Confrontatie is er belangrijk. Van der Meer: “Het liegen, bedriegen en chanteren moet worden doorbroken, door wederzijdse controle, confrontatie en het aanbieden van nieuwe waarden als eerlijkheid en verantwoordelijkheid. Het is een soort omkering van de omgangsvormen in de scene. De essentie van de therapie is het evenwicht tussen gedragscorrectie en nieuwe, positieve ervaringen binnen de veiligheid van de gemeenschap.”

Gemiddeld blijven de ex-verslaafden veertien maanden op de Emiliehoeve en volgen daarna een terugkeerprogramma. Ongeveer dertig procent van de verslaafden die tussen 1983 en 1986 zijn behandeld was drie jaar later nog clean en had een baan, terwijl ze voordien gemiddeld acht jaar verslaafd waren geweest. .

Mark, een 28-jarige Hoeve-bewoner, vertelt over de verantwoordelijkheden en de hiërarchie: “Iedereen heeft hier een functie: van beddenopmaker via kok tot groepsleider. Toont iemand veel verantwoordelijkheid, dan komt hij een treetje hoger op de ladder.” De regels zijn streng. Alleen de chef-huishouding mag het eten proeven, al staat iemand anders de hele dag te koken. Strenge regels gelden ook wanneer iemand kritiek heeft op gedrag van een medebewoner. Plaats, tijd en aard van het voorval moeten op een speciaal briefje worden ingevuld, dat via bewoners die hoger in de hiërarchie staan naar een staflid gaat dat uiteindelijk bepaalt wat er gebeurt.

Soms wordt een bewoner voor de voltallige groep op zijn zwakke plekken gewezen. Of iemand wordt een tijdje in "de wasteil' gezet - Emiliehoeve-jargon voor de laagste tree op de hiërarchische ladder. Mark: “Je kunt daar niets anders doen dan nadenken. Aardappels schillen, tafel dekken en afwassen, dat zijn typische teilenklusjes. In het begin zag ik de teil als straf, maar je leert er ontzettend veel.”