Excessen in strijd tussen moslims en Kroaten in Bosnië

SARAJEVO, 21 APRIL. Bij de strijd tussen moslims en Kroaten rond Vitez in Centraal-Bosnië zijn deze week op grote schaal wreedheden begaan. Voor het eerst in twee weken is in het noorden van Bosnië de stad Tuzla door de Serviërs beschoten. De Amerikanen lijken intussen steeds meer te voelen voor een militair ingrijpen in Bosnië.

In Tuzla, het toevluchtsoord voor zeker vijftigduizend moslims die het oosten van Bosnië zijn ontvlucht, kwamen vanochtend diverse granaten neer, die volgens een plaatselijke moslim-bevelhebber vanuit de heuvels rond de stad waren afgevuurd door eenheden van de Bosnische Serviërs. Er vielen bij de beschieting van vanochtend geen doden of gewonden. De beschieting leek vooral te zijn gericht tegen fabrieken in de stad. In het overbevolkte Tuzla stijgt overigens de humanitaire nood als gevolg van de gevechten tussen de Kroaten en de moslims in Centraal-Bosnië. Door de strijd zijn de verbindingswegen tussen Tuzla en de Adriatische kust onveilig en kunnen voedselkonvooien de stad niet meer bereiken.

De bevelhebber van de VN-troepen in Bosnië, generaal Philippe Morillon, slaagde er gisteren in Vitez, op tachtig kilometer ten noordwesten van Sarajevo, in om met een bestand even een eind te maken aan vijf dagen van felle strijd tussen de Kroaten en de moslims. Vandaag werd dit bestand echter direct op grote schaal geschonden. Vooral in en rond Vitez zelf werden vanochtend zware artillerieduels uitgevochten tussen Kroaten en moslims. Een zondag gesloten staakt-het-vuren was maandag al op grote schaal genegeerd. Bij de gevechten zijn volgens Britse VN-soldaten in het gebied zeker 250 doden gevallen. Het werkelijke dodencijfer ligt ongetwijfeld hoger. De Britten zijn er nog niet in geslaagd alle dorpen in het omstreden gebied te bereiken. In dorpen waar ze wel zijn geweest, liggen veel lijken van vermoorde burgers langs de straat en in de doorgaans in brand gestoken huizen.

Vitez zelf is volgens de Britten voor een groot deel verwoest. In het centrum werd zondag vlakbij de moskee een met explosieven volgestouwde vrachtwagen tot ontploffing gebracht, waardoor een groot deel van het centrum werd verwoest of zwaar werd beschadigd. Volgens een woordvoerder van het Britse VN-contingent is de schade zo groot dat gisteren talrijke doden nog niet waren geborgen.

Bij de gevechten worden op grote schaal wreedheden begaan van Kroaten tegen moslim-burgers en van moslim-soldaten tegen Kroatische dorpelingen, zo blijkt uit verslagen van het Britse VN-personeel. Zij treffen in de dorpen hele gezinnen aan die in hun huis zijn vermoord. Twee artsen, die op weg waren van Zenica naar Travnik, werden bij een wegversperring aangehouden, gedentificeerd en doodgeschoten. Onduidelijk is of de daders moslims dan wel Kroaten waren.

Pag.5: VN: veel wreedheden in gevechten tussen moslims en Kroaten

Volgens verslagen van ooggetuigen is de verdrijving van de bevolking van hele dorpen schering en inslag; wie weigert binnen drie uur te vertrekken, wordt doodgeschoten. Ook zijn er berichten over verkrachtingen op grote schaal. Bij het hoofdkwartier van de Britten in Vitez stonden gisteren tientallen wanhopige moslims die om bescherming smeekten.

In Sarajevo in het oosten van Bosnië loopt vandaag de tijdslimiet voor de inlevering van wapens door de moslim-verdedigers af, zoals die in het zaterdag gesloten bestand was afgesproken. De VN-soldaten ter plaatse hebben gemeld dat de moslims dit onderdeel van het bestand tot vanochtend vrijwel unaniem hebben genegeerd en dat nauwelijks wapens zijn ingeleverd. Vanochtend evenwel, enkele uren voor af gelopen van de tijdslimiet, werden wel wapens ingeleverd. De VN hadden de Bosnische Serviërs om een verlenging van de tijdslimiet met 72 uur gevraagd, maar dit verzoek was direct van de hand gewezen. De plaatsvervangende bevelhebber van het Bosnisch-Servische leger, generaal Milan Gvero, zei dat “de Servische kant zich aan het getekende akkoord houdt” en eiste dat de moslims dat ook doen.

De ontwikkelingen van de laatste weken rond Srebrenica hebben de VN-hulporganisatie UNHCR er gisteren toe gebracht haar verzet tegen de vorming van "veiligheidszones' (safe havens) in Bosnië op te geven. De twee laatste moslim-enclaves in oost-Bosnië, de steden Gorazde en Zepa, zouden - zo zei gisteren een UNHCR-woordvoerder in Genève - tot veiligheidszones moeten worden uitgeroepen. Dat houdt vooral in dat er VN-troepen moeten worden gelegerd om de steden te beschermen tegen eventuele Servische artilleriebeschietingen. In Gorazde bevinden zich naar schatting 70.000 moslims, in Zepa tussen 20.000 en 30.000.

De secretaris-generaal van de VN, Boutros Boutros-Ghali, heeft gisteren gewaarschuwd dat alleen de Veiligheidsraad - en niet individuele landen - moet beslissen over verdere acties tegen Servië of tegen de Serviërs in Bosnië. Boutros-Ghali reageerde met zijn waarschuwing op het debat dat vooral in de VS wordt gevoerd over een eventuele opheffing van het wapenembargo tegen Bosnië (dat wil zeggen: de moslims) en de mogelijkheden van een militair ingrijpen tegen de Serviërs, bijvoorbeeld door middel van precisie-bombardementen op Servische stellingen of op de door de Serviërs gebruikte verbindingswegen.

De Amerikaanse president Clinton houdt sinds zondag intensief contact met de Westerse bondgenoten over de oorlog in Bosnië. Hij sprak telefonisch langdurig met de Britse premier Major en de Franse president Mitterrand en wil volgens zijn woordvoerder dit overleg de komende dagen voortzetten. Clinton staat onder druk van Congresleden die eisen dat de Amerikanen in actie komen tegen de Serviërs. De VS hebben “geen donder” voor de moslims gedaan, zo zei gisteren bijvoorbeeld de Democratische senator Joseph Biden: “We hadden honderden vrouwen en kinderen die zijn afgeslacht, kunnen redden.” De Amerikaanse minister van buitenlandse zaken, Warren Christopher, hield echter gisteren de boot af. Hij zei dat acties vanuit de lucht worden overwogen, maar dat moet worden bedacht dat die de humanitaire hulpverlening aan de moslims op de grond in gevaar kunnen brengen. Christopher maakte echter duidelijk dat de Amerikaanse regering zich “op een keerpunt ten aanzien van de Bosnische situatie bevindt”. Waarnemers maken daaruit op dat Washington de mogelijkheden van militaire actie zeer serieus overweegt.

De NAVO meldde gisteren dat voor het eerst sinds het begin van de operatie Deny Flight - waarmee de naleving van het vliegverbod boven Bosnië wordt gecontroleerd - een geverifieerde schending van het vliegverbod is geconstateerd. De piloten van twee Amerikaanse F-16's zagen gisteren even ten zuiden van Banja Luka een witgeschilderde vrachthelikopter zonder identificatietekens. Ze konden vaststellen dat het niet om een helikopter van de VN ging. De helikopter werd verder ongemoeid gelaten en landde in Banja Luka, een bolwerk van de Bosnische Serviërs. (Reuter, AP, AFP)