Proefaanleg tunnel mogelijk bij Dordrecht

AMSTERDAM, 20 APRIL. Het Sophia-tracé, een zeven kilometer lang stuk van de Betuwelijn tussen het rangeerterrein Kijfhoek bij Dordrecht en Papendrecht, zal waarschijnlijk een proefproject worden om ervaring op te doen met het boren van tunnels.

Het ministerie van verkeer en waterstaat wil twee van dergelijke proefprojecten opzetten, zo maakte minister Maij-Weggen eind vorig jaar bekend. De bij het gisteren geopende internationale congres "Options for Tunnelling' in Amsterdam aanwezige deskundigen menen dat het Sophia-tracé een van de proefprojecten zal zijn, en noemen verder als mogelijke kandidaten de verdubbeling van de spoorlijn in Delft en de tunnel voor langzaam verkeer naast de Heinenoordtunnel bij Barendrecht.

Bewoners van de Alblasserwaard en de Betuwe pleiten voor ondergrondse aanleg van de Betuwelijn, die de haven van Rotterdam met Duitsland moet verbinden. Bij Verkeer en Waterstaat bestaat echter de vrees dat tunnelaanleg de kosten opdrijft en de komst van de lijn zal vertragen. Vandaag en morgen buigt de Tweede Kamer zich over de Tracéwet, die de besluitvorming over belangrijke wegen en spoorlijnen juist moet versnellen.

Professor T. Glerum, voorzitter van de Afdeling voor Tunneltechniek van het Koninklijk Instituut voor Ingenieurs, toonde zich zeer verheugd over de komst van de proefprojecten. “Belangrijk is dat we in Nederland eindelijk eens een tunnel met een behoorlijke diameter gaan boren. In dichtbebouwd gebied is dat de enige mogelijkheid.”

Alternatieven als het afzinken van tunneldelen of graven zorgen bijna altijd voor forse schade. Voor een deel is dat schade aan gebouwen, maar belangrijker is meestal de economische schade als gevolg van de beperkte bereikbaarheid van bedrijven. Die schade is bij het boren van tunnels beperkt. Uit berekeningen van Geotechniek Delft blijkt dat zelfs de heipalen waarop het grootste deel van westelijk Nederland is gebouwd, op hun plaats blijven.

Wat betreft de kosten is er eveneens reden tot optimisme. Zo blijkt uit een studie van het ingenieursbureau van de NS en aannemers verenigd in de Boor Tunnel Combinatie, dat een geboorde spoortunnel in Delft slechts tien procent duurder is dan een tunnel die vanaf het maaiveld wordt aangelegd. De verwachting is dat de kosten van het boren van tunnels nog drastisch omlaag kunnen. Zo wordt in Japan op dit moment geëxperimenteerd met een robot die geheel zelfstandig tunnelsegmenten in elkaar zet.

Zowel de verdubbeling van de spoorlijn in Delft als het Sophia-tracé van de Betuwelijn vormen onderwerp van studie van de Stuurgroep Ondergrondse Verkeersinfrastructuur (SOVI), die de minister eind dit jaar moet vertellen welke criteria een rol spelen bij de keuze tussen bovengronds en ondergronds bouwen. De "case-study' voor het Sophia-tracé wordt nu getoetst door een werkgroep binnen de SOVI.