Rechter: beleggers Orco moeten belasting betalen

AMSTERDAM, 19 APRIL. Het gerechtshof in Den Bosch heeft bepaald dat eigenaren van aandelen Orco Bank over 1989 alsnog door de fiscus kunnen worden aangeslagen voor een fictief rendement op hun beleggingen. De uitspraak is de eerste in een proefprocedure die Orco tegen het ministerie van financiën heeft aangespannen. De uitspraak heeft de status van een tussenvonnis.

De bank ligt al een aantal jaren met het ministerie in de clinch over de vraag of Orco al dan niet moet worden aangemerkt als kredietinstelling. De bank, statutair gevestigd in Willemstad op de Nederlandse Antillen, vindt van wel. Het ministerie meent echter dat Orco een beleggingsinstelling is.

Voor beleggers in Orco is dat verschil essentieel. Als aandeelhouder in een buitenlandse bank moeten zij jaarlijks een fictief rendement van maximaal 6 procent bij hun inkomen optellen. Wordt Orco als kredietinstelling erkend, dan is dit niet het geval.

Later zal ook de Hoge Raad zich over deze kwestie buigen. Mocht ook de Hoge Raad de bank in de formele zin van de wet als beleggingsinstelling brandmerken, dan moet het gerechtshof (en wellicht later opnieuw de Hoge Raad) beoordelen of Orco ook in de materiële zin van de wet als beleggingsinstelling functioneert. Pas dan zouden aandeelhouders eventueel alsnog belasting moeten betalen over hun fictieve rendement. De nu gevoerde procedure heeft alleen betrekking op 1989. Voor de jaren daarna zou de hele procedure opnieuw moeten worden herhaald.