Luikse listen; De vuile handen van de Waalse Parti Socialiste

Aan schandaaltjes en affaires in het politieke milieu is België wel gewend. Maar de moord op de Luikse socialistenleider André Cools in de zomer van 1991 en de bizarre nasleep slaan voorlopig alles. Rond de aanschaf van 46 Italiaanse helikopters voor het Belgische leger lijkt in Luik een ongekend web van smeergeld en corruptie gesponnen. Portret van een affaire die alle grenzen overschreed en toch typisch Belgisch bleef. En: waarom het trotse en rebelse Luik zo makkelijk te lijmen is.

Alain van der Biest is weer thuis. Begin deze maand werd de in opspraak geraakte Luikse politicus uit het ziekenhuis ontslagen. Zijn geheugen functioneert niet meer goed. Praten gaat hem moeilijk af. Z'n vocabulaire is hem deels ontglipt; de dokter wist hij alleen met "man in witte jas' aan te duiden. Niemand durft te voorspellen of Alain ooit weer "goed' wordt.

Ruim een week tevoren vonden voorbijgangers hem midden in de nacht liggend op straat voor zijn huis, dronken en bewusteloos. Ze belden aan en Van der Biest werd naar binnen gehesen. Pas een dag later begon het bij zijn vrouw te dagen dat er deze keer iets ergers aan de hand was. Aan zijn dronkenschappen was ze zo langzamerhand wel gewend. Maar nu kwam Alain maar niet bij z'n positieven.

Een arts constateerde een zware schedelbasisfractuur; uit zijn neus en oren stroomde bloed. Alain van der Biest (50), burgemeester van Grâce-Hollogne bij Luik, minister van pensioenen in het voorlaatste kabinet Martens, oud-minister in de Waalse regering, Kamerlid en prominent lid van de Parti Socialiste (PS) bleek levensgevaarlijk gewond. De rijkswacht begon meteen een onderzoek. Is na de moord in 1991 op de Luikse socialistenleider André Cools, nu geprobeerd om de kroongetuige uit de weg te ruimen?

Een paar dagen later neemt het parket de deurknop van de wc van het stamcafé van de burgemeester in beslag. Er zit bloed op. Conclusie: de bezopen Van der Biest is naar de plee gewankeld, daar met z'n hoofd op de klink gevallen, opgeraapt door z'n maats en naar huis gebracht. De politicus wordt op intensive-care opgenomen.

Op de redacties van alle Waalse kranten begint men aan een necrologie te tikken. Aan één van de meest bizarre episodes uit de Belgische politieke geschiedenis lijkt immers een einde te komen. Ieder schrijft hetzelfde. Over de man van eenvoudige afkomst, die zich onder de hoede van de grote partijleider André Cools in Luik, het bolwerk van de PS in Wallonië, wist op te werken. Over de leraar Frans en Italiaans die vier niet onverdienstelijke romans schreef: La Saison des pluies, Un sioux socialiste, Les Genêts de Seraing en Appelez-moi Miller. En één "tragédie heroïque': Les barons ou le Prince de Flémal. Een dankbaar gegeven voor uitgerekend dit In Memoriam.

Over zijn drankgebruik als minister - zijn chauffeur verklaarde nog in een RTBF-documentaire ("La grâce perdue d'Alain van der Biest') dat meneer wel eens "weken' had waarin hij niet zo gedisponeerd was. Maar vooral over zijn definitieve ontluistering vorige zomer. Toen de chauffeur van zijn kabinet werd gearresteerd wegens aandelenzwendel, en justitie mede op diens aanwijzing onderzocht of Van der Biest met de opbrengst wellicht de moord op Cools had gefinancierd.

Slaapwandelaar

Van minister tot "moordenaar'. Het was de hardste val die enige politicus in het naoorlogse België ooit had meegemaakt. Hij werd ontboden op het parket - heel België zag de tv-beelden. De camera's toonden een man in maatpak die als een slaapwandelaar de binnenplaats van het Hof overstak. Bij de voordeur van het parket moest hij in de intercom "Alain van der Biest - rendez-vous' zeggen. Daarmee was z'n carrière beëindigd.

Binnen moest hij middag na middag vertellen over zijn partij en over zijn eigen kabinet. Justitie vermoedde dat zijn medewerkers met zijn medeweten al jaren overheidsgeld stalen. Wellicht had Cools dat ontdekt en legde Van der Biest hem het zwijgen op? Het onderzoekt loopt nog steeds, het bewijs tegen Van der Biest is niet geleverd, maar kapot is hij allang. Om zich te verdedigen zou hij voor justitie de doos van Pandora hebben geopend - de onderzoekers wegwijs hebben gemaakt in de PS en de wirwar van stichtingen, bv's en overheidsbedrijven die André Cools rond de partij bouwde. Hij zou namen hebben genoemd (maar niet allemaal) en relaties hebben aangewezen (maar niet allemaal). De partijboekhouding van de Luikse PS-federatie (stad en banlieu) werd prompt in beslag genomen.

Het onderzoek richt zich inmiddels op de aanschaf van 46 Italiaanse Agusta-helikopters voor het Belgische leger. Er zou smeergeld zijn betaald aan de Luikse Parti Socialiste, maar ook aan anderen. André Cools zou niet tevreden zijn geweest met de opbrengst voor de partij en de stad, zo luidt de nieuwste theorie. Hij zou hebben gedreigd openbaar te maken wie er nog meer geld opstreek van de Agusta-order. Daarmee zou het hele smeergeld-circuit op straat hebben gelegen.

Vlak voor zijn dood had Cools inderdaad aangekondigd "binnenkort' onthullingen te zullen doen. En Cools hàd redenen om ontevreden te zijn over Agusta. Van de beloofde compensatie-orders was niets terechtgekomen. Een onderdelencentrum op de Luikse luchthaven Bierset staat nog steeds leeg. De beloofde order voor elektronische onderdelen bij een Luiks bedrijf werd nooit geplaatst.

Op 18 juli 1991 werd Cools doodgeschoten, op een parkeerterrein bij de flat van z'n vriendin. Aan schandalen is men in België gewend, maar een politieke moord was er nog nooit gepleegd. Meestal waren de affaires uit de hand gelopen uitingen van het "arrangeren', het rommelen met overheidsmacht door politici uit partij- of particulier belang. Wie niet op de wachtlijst voor een telefoon wil, een bekeuring wil "zoekspelen' of een eerste baantje zoekt voor zoon of dochter, die belle in België een bevriend Kamerlid of minister. Iedereen doet het. Maar een politieke afrekening, een moord in mafia-stijl? Daarmee werden alle grenzen overschreden.

Bettino Craxi

Met ingehouden adem volgt België sindsdien de sporen waarop de Luikse onderzoeksrechter Véronique Ancia stuit. De vertegenwoordiger van Agusta in België werd eerder dit jaar gearresteerd en na een paar weken weer vrijgelaten. Steeds vaker reist rechter Ancia naar Italië om er onder meer langdurig de socialistische politicus Bettino Craxi te spreken. Heeft een socialistische regering in Italië via de staatsonderneming Agusta de Luikse PS aan geld geholpen? En heeft de PS de kameraden in Italië in ruil daarvoor een order toegespeeld? Ontdekte Cools dat de Italianen de afspraken niet nakwamen? De aanwijzingen stapelden zich deze week verder op. De Italiaanse Agusta-directeur Roberto d'Alessandro werd in het Paasweekend opgepakt. Hij werd ervan verdacht smeergeld voor een binnenlandse order te hebben verduisterd via een (eigen) Engelse bv. Tegelijk kwam er in België interne Agusta-correspondentie boven water waarin wordt voorgesteld voor de PS een eigen vennootschap op te richten die als sluis voor het smeergeld moet dienen. Alain van der Biest leek steeds minder op de hoofdverdachte in de zaak-Cools en steeds meer op een getuige - een gemiddelde politicus uit het PS-milieu met wat pekelzonden, een kleine krabbelaar die plotseling verdwaalde in z'n eigen heldentragedie.

Na zijn ontluistering liep Van der Biest als een geest door de politiek. Hij was nog nodig als Kamerlid - hij moest als lid van de regeringspartij op tijd in Brussel komen stemmen voor de Belgische staatshervorming. Daar was immers een tweederde meerderheid nodig. Voor het overige werd hij met de nek aangekeken. Tegen wie het maar horen wilde, zei Van der Biest "veel' te weten over "heel veel' politici. Hij had het allemaal op cassettes ingesproken. Mocht hem iets overkomen, dan zou dat automatisch in de openbaarheid worden gebracht. Het was de klassieke tactiek van de machtspoliticus, precies zoals hij Cools dat al zo vaak had zien doen.

In de figuur Van der Biest lijkt de Belgische politiek samen te komen. Het cliëntelisme, dat politici met een zwak normgevoel maakt en breekt. Het parochialisme, dat in het versnipperde België de plaats van de nationale identiteit heeft ingenomen. Een "Belg' is vóór alles groeplid, hij is Vlaming, Waal, socialist, Antwerpenaar, liberaal, syndicalist of Luikenaar. België lijkt een land van louter groeps- en deelbelangen, waar "staat' of "algemeen belang' theoretische begrippen zijn.

Waals wanbeheer

Dat de affaire tot ontbranding kwam in Luik is nauwelijks toeval. De stad wordt in Vlaanderen wel spottend aangeduid als "Palermo-aan-de-Maas'. Daarbij wordt gewezen naar de talrijke affaires in de "één-partijstaat' Luik, waar alles door de handen van de PS gaat. In het clichébeeld van de Vlamingen als belastingbetalers en de Walen als profiteurs, staat het "arrogante' Luik symbool voor het Waalse wanbeheer. Een stad die in het begin van de jaren negentig bijna failliet werd verklaard; waar vorig jaar een deel van het politiekorps wekenlang in hongerstaking ging om salarisverhoging. Vorig jaar werd de oud-burgemeester Edouard Close er veroordeeld wegens corruptie. Deze PS-voorman had in ruil voor de exploitatie van parkeermeters, bushokjes en reclamepanelen in Luik ongeveer 8 miljoen frank bij een Frans bedrijf voor zichzelf opgestreken.

Maar de politicoloog L. de Winter van de Franstalige katholieke universiteit Louvain La Neuve noemt de Luikse excessen ""het meest extreme voorbeeld van een tendens waarop de PS bepaald geen monopolie heeft''. Hij deed onderzoek naar "dienstverlening' door Belgische Kamerleden, en kent het milieu van "donner et recevoir' door en door. De Winter herinnert aan de schandalen rond de christen-democratische ex-premier Van den Boeynants die fiscale fraude pleegde. Bij de aanschaf van kanonnen en munitie voor het Belgische leger raakte begin jaren tachtig een Vlaamse liberale minister bekneld. Hij had "overcompensaties' bij de leveranciers via bankrekeningen op de Kanaal-eilanden binnengehaald. De socialisten en liberalen raakten dan weer in opspraak omdat ze via hun wetenschappelijke instituten dunne, maar zeer dure rapportjes verkochten aan bedrijven die het nuttig vonden om daarvoor te betalen.

""Bij alle partijen heerst dezelfde ziekte - hoe kunnen we de kosten van de campagnes en het apparaat betalen,'' zegt De Winter. Zit een partij op het pluche, dan plegen die bedrijven de overheidsorders te krijgen, ""die de compensaties het best weten te verdelen. Dat hoeven dus niet de goedkoopste aanbiedingen te zijn.'' Integendeel, ""een partij kan de prijs zelfs op deze manier opdrijven.'' De politieke partijen in België worden nauwelijks gesubsidieerd door de staat en maken zich sterk afhankelijk van het bedrijfsleven, merkt hij op. De socialisten zijn kwetsbaarder dan andere partijen omdat ze minder geïntegreerd zijn in de macht; zij zitten vaker in de oppositie. ""Als de socialisten worden gefinancierd, dan wil een bedrijf ook meteen resultaten zien - een contract, een order, wat dan ook. Bij rechtse partijen is er niet zo'n haast. Die betalen terug in beleid over de langere termijn.'' Misschien, aldus De Winter, zijn socialisten ook in cultureel opzicht niet opgewassen tegen het grote geld. ""Wellicht zijn mensen van eenvoudiger afkomst makkelijker te imponeren, sneller te overdonderen.'' Maar dat, zegt hij, kan natuurlijk nooit met zekerheid gezegd worden.

Oriënt Express

In Luik liet de topman van de PS, Philippe Busquin, in januari een voorzitter benoemen die daartegen bestand zou moeten zijn. Het is Michel Daerden, accountant van beroep, bijgenaamd de "socialist met de Porsche'. Hij behoort tot de jongere, beter opgeleiden in de partij; hij kent het bedrijfsleven van binnenuit en kan met geld omgaan. Hij ontvangt in café de Oriënt Express, bij het station. Het is niet moeilijk te vinden, want het is het enige café waarvóór een Porsche dubbel geparkeerd staat. Daerden is omgeven door vrienden, familie en partijgenoten, die gewillig een plaatsje maken en geïnteresseerd vragen waarover het gesprek moet gaan. Ah, Cools, Agusta, Van der Biest en al die andere affaires waar de baas al maanden van zegt dat het heel ernstig is, maar voorlopig allemaal onbewezen.

Als het ijs is gebroken, hoofdzakelijk door Daerden te vertellen dat de partijleiding in Brussel hem als frisse wind ziet, verhuizen we naar een belendend restaurant. Op tien meter trottoir schudt Daerden zeker vijf handen. In het etablissement schiet de patron naar voren. De chauffeur komt vragen of de Porsche verplaatst moet worden. Aan tafel zorgt de partijsecretaris ervoor dat de president nooit om een vuurtje verlegen zit.

""Toen ik gekozen werd heb ik het volgende gezegd'', zegt Daerden, nagenietend van het moment van zijn verheffing. Het komt erop neer dat hij het isolement van de Luikse partijfederatie in de PS wil doorbreken, de richtingenstrijd tot normale proporties wil terugbrengen en vooral de financiën "transparant' wil maken. Een accountant moet de rekeningen van de partij doorlichten, zegt hij, niet geheel onverwachts. Dat geldt ook voor de stichtingen en semi-overheidsbedrijven die rond de Luikse PS zijn opgericht. Daerden doet ze af als "kleine clubjes', maar in de hoogtijdagen van Cools werd er in de partij lovend gesproken over de "socialistische economie' waarmee de chef de recessie in de stad bestreed. Na zijn aftreden als partijvoorzitter was Cools in zaken gegaan, waar hij net als in de partij een eigen koninkrijk opbouwde. Hij bracht het tot beheerder van de publieke elektriciteitsmaatschappij in Luik en voorzitter van het Waalse (staats)verzekeringsbedrijf. Cools had ook de leiding van een grote financieringsholding, Meusinvest. Zo investeerde hij in de conversie van de staalindustrie, de uitbreiding van het Luikse vliegveld, de stadsvernieuwing en onroerend goed.

Waar de overheid begon en de PS ophield, was onduidelijk. Of Cools had er zelf de touwtjes in handen of zijn vertrouwelingen uit de partij. Na zijn landelijke politieke carrière als partijvoorzitter, minister en vice-premier was hij nog gewestminister voor openbare werken gebleven. In die functie liet hij zich opvolgen door zijn beschermeling Van der Biest. Maar echt iemand vertrouwen deed hij nooit - op het kabinet van Van der Biest bleef op cruciale posten personeel van Cools in dienst. Zo wist de chef wat er speelde, hetgeen vooral handig was toen het tussen de twee mannen tot een breuk kwam. Juist daarin zag justitie een mogelijk motief voor Van der Biest - chantage door de PS-topman.

Er zat aan Cools immers ook een donkere kant. Hij wordt beschreven als een godfather, een alleenheerser en potentaat die tegenspraak zag als verraad aan de partij en daarmee aan hemzelf. De PS was voor Cools meer dan een partij, het was zijn huis, z'n leven, z'n identiteit. Tegelijk was hij een charismatisch leider, die door zijn mensen op handen werd gedragen. De ogen van Daerden worden vochtig als hem naar Cools wordt gevraagd. Een "warm mens' die "altijd woord hield', zegt Daerden over de man die ook hem z'n eerste politieke baan bezorgde. Een "grote persoonlijkheid', een man "die van z'n mensen hield', een grand leader. Daerden zucht over de "cycloon' waarin de federatie na de moord is terechtgekomen. ""Ik zeg zo duidelijk als ik kan dat ik, zodra er bewijzen worden geleverd tegen partijleden, de adequate sancties zal treffen.''

Maar het valt te betwijfelen of die bewijzen ooit geleverd zullen worden. Tegenwerking was er al genoeg. De Luikse procureur-generaal Léon Giet probeerde vorig jaar (overigens tevergeefs) de inbeslagneming van de partijboekhouding bij het Hof ongeldig te laten verklaren. Officieel om bij een eventueel proces ingedekt te zijn tegen mogelijke vormfouten van onderzoeksrechter Ancia. Maar in Luik ziet men er politieke druk in. Was procureur-generaal Giet niet ook lid van de PS?

Rebels

Daerdens eerste zorgen betreffen het bedwingen van de broedertwisten in de Luikse PS. De Coolsisten en de kleine groep anti-Coolsisten staan er elkaar al jaren naar het leven. Voor het partijhoofdkwartier in Brussel is deze "fratricide' een groter probleem dan de affaires, waarvan men aanneemt dat de Belgische justitie er wel in zal verdrinken. "Palermo-sur-Meuse' mag Wallonië dan een Vlaamse belediging vinden, dat Luik een "ville des clans' is, willen ook de Walen wel erkennen.

Jean-Pierre Stroobants, politiek redacteur van de grootste Franstalige krant Le Soir, vergelijkt Luik liefst met Marseille. Een Latijnse, "Meditterrane' stad, met een levendig uitgaansleven en sterke Italiaanse invloeden, door de grote groep ex-gastarbeiders. Met een sterk onafhankelijkheidsbesef en een rebelse traditie die teruggaat op het verleden als prinsbisdom. Macht wordt er traditioneel binnen eigen netwerken verdeeld, waarbij naar buiten voor alles de Luikse identiteit wordt hoog gehouden.

""Luik is het Antwerpen van het Zuiden'', zegt de politicoloog De Winter. Luikenaren zijn net zo trots en tevreden met hun stad als de Antwerpenaren. "Eigen volk eerst', had ook in Luik kunnen zijn bedacht. Waar Brussel de stad van het kapitaal, de adel, het katholicisme en de bourgeoisie is, daar staat Luik voor arbeid, zware industrie, socialisme en anti-klerikalisme. Het is de stad van de "Maisons du Peuple' - de volkshuizen, waar generaties partij- en bondsbestuurders vergaderden, protesteerden en dronken. André Cools is er in opgegroeid; zijn moeder was beheerster van een volkshuis. Luik is ook de hoofdstad van de francofonie - de enige stad in België waar op 14 juli de Franse Revolutie wordt gevierd. Een cultureel en economisch centrum, dat zó dominant was dat het geen hoofdstad van het nieuwe Wallonië mocht worden. Dat werd het slaperige Namur. ""Ze hàdden immers al zoveel'', verklaart De Winter.

Luik staat bovendien al eeuwen met de rug naar Wallonië. Het prinsbisdom Luik was tot de Franse Revolutie deel van het (Duitse) Heilige Roomse Rijk. Economisch is Luik veel meer dan andere Waalse steden georiënteerd op Keulen en Aken, meent De Winter. Charleroi en Namur richten zich vooral op Brussel/Antwerpen en op Lille/Pas de Calais.

Eigenzinnigheden

Psychologisch gaapt de kloof nog dieper. Talloos zijn de voorbeelden van Luikse politici die op de partijbureaus in Brussel uit de gratie vallen, op de kieslijst worden gedegradeerd, maar door de Luikse achterban toch worden gekozen. Of het nu socialisten, liberalen of christen-democraten zijn.

Voor de PS, met 36 procent van de stemmen de grootste Waalse partij, is Luik een echt probleem. De Luikse partijfederatie is de machtigste en de grootste afdeling in de PS - 20 procent van alle partijleden woont in Luik. Twee nationale en één gewestelijke PS-minister komen uit Luik en twaalf Kamerleden.

Crisis en corruptie in Luik kunnen de hele PS aantasten en daarmee zelfs Wallonië bedreigen. De Waalse premier Guy Spitaels, die na Cools tot vorig jaar leiding gaf aan de partij, houdt zoveel mogelijk afstand. ""Ik ben er zeker van dat in de nationale kas van de PS geen smeergelden zijn gevloeid'', is steevast zijn commentaar. Na tien jaar eindverantwoordelijkheid voor de hele partij durft Spitaels over de handel en wandel van de Luikse PS nog steeds geen uitspraken te doen. Vorig jaar liet Spitaels' opvolger Philippe Busquin op het partijcongres aan Luik weten dat het ""speelkwartier is afgelopen''. Aan de onderlinge twisten moest een einde komen. De voortdurende stroom affaires moest worden bedwongen. Partijleden die zich misdroegen zouden uit de partij worden gestoten. De accountant met de Porsche moet ervoor zorgen.

Maar Luik heeft een historische traditie om zich niks aan te trekken van welk decreet "van boven' dan ook. De emeritus hoogleraar rechtsgeleerdheid François Perin, éminence grise van de Waalse beweging, somt met zichtbaar genoegen de eigenzinnigheden van zijn stadgenoten op. Al in de veertiende eeuw kende de Luikse burgerij een systeem van "charters' waarbij de onschendbaarheid van het eigen huis werd gegarandeerd. Een "tribunaal van 22' beschermde de bevolking tegen "knevelarij' door dienaren van het prinsbisdom. Luik kende aan de top alleen door de kerksenaat gekozen bisschoppen, meestal Beierse prinsen, die doorgaans niet langer dan een decennium heersten. ""Onderwerping door de bevolking aan een overerfbare dynastie heeft hier nooit bestaan'', zegt Perin.

Dat heeft psychologische sporen nagelaten. Luik is altijd van de Luikenaren zèlf geweest en beroemt zich op de "esprit principautaire'. De anekdote wil dat De Mirabeau, één van de leiders van de Franse Revolutie, na een bezoek aan Luik, zich afvroeg waarom de bevolking eigenlijk meedeed. ""Als wij in Frankrijk de helft van de rechten krijgen die U al eeuwen heeft, was de Revolutie al geslaagd'', moet hij hebben gezegd. De reformatie noch de inquisitie sloeg in Luik erg aan. De decreten van Filips II om de ketters te verbranden verdwenen in een la - afvalligen werd gesuggereerd maar te emigreren. Harde repressie, ook nog afkomstig van een Spaanse vorst, paste niet in het stelsel van burgerrechten in Luik, meent Perin. Hetzelfde gebeurde met de pauselijke verboden om schrijvers als Rousseau en Montesquieu te lezen. Al die boeken werden later teruggevonden, notabene in de bibliotheek van de prins-bisschop zelf. Intellectuele held van de Luikenaren was de vrijzinnige Erasmus, die doceerde in het nabijgelegen Leuven.

Tegelijk was de stad, ooit ontstaan als pelgrimsoord, eeuwenlang diep gelovig. Maar de vroomheid stak niet diep, meent Perin. ""Het was een stad voor monniken en nonnen, voor contemplatieven, niet voor theologen.'' Maria werd zo ongeveer beschouwd als de Moeder Gods van het prinsbisdom en op een ""uitzonderlijk sentimentele manier'' vereerd door de bevolking. Nog altijd wordt er jaarlijks op 15 augustus een speciale Maria-dienst in Luiks dialect gehouden, gevolgd door een optocht die aanleiding geeft tot "dionysische, exuberante volksfeesten'. Een stad ""met een moedercomplex'', zegt Perin gekscherend, ""te dom voor theologie en zeer goedgelovig!'' Luikenaren hebben een hart als een biervat en het verstand van een kersepit, zo memoreert Perin een plaatselijk gezegde.

De heilige Stalin

In menig opzicht is in de Parti Socialiste de rol van de kerk weer zichtbaar, zegt hij. Oude patronen dienden zich opnieuw aan. Arbeidersleiders als André Renard en André Cools als "charismatische prins-bisschoppen van de arbeidersklasse'. De wijze waarop Cools voor Luik een eigen economisch "empire' organiseerde, acht hij kenmerkend voor de Luikse geschiedenis. Het prinsbisdom dat voor zichzelf zorgt. De Luikse PS-federatie kent een compacte structuur met "parochies en pastoors', waar geloof in de partij en trouw aan Cools voorop stonden. ""De partij in Luik is meer een organisatie dan een idee'', zegt Perin. Zelfs bij de plaatselijke communisten ziet Perin "Luikse' karaktertrekjes. ""Dat waren stalinisten! Die geloofden in de heilige Stalin.''

Cools werd vermoord, zo neemt Perin aan, omdat hij ""te veel wist over te veel mensen''. Hij wist z'n eigen machtspositie te handhaven door ""iedereen te bedreigen. Cools was een potentaat die over iedereen "dossiers' aanlegde. Hij had ze allemaal in z'n zak,'' veronderstelt Perin.

Op één na dan. Maar of dat Alain van der Biest was? Eind vorige maand kwam er een nieuw boek van Van der Biest uit: Dagboek van een zondebok, dat ook een "diepte'-interview met de (nog onbeschadigde) politicus bevat door Pascal Vrebos.

Stel dat André Cools u vanuit de hemel toespreekt, wat denkt u dat hij dan zou zeggen?

""Heb je op je donder gekregen, mijn zoon? Ach, denk maar zo, daar word je een man van.''

En wat wilt u dat er op uw begrafenis wordt gezegd?

""Daar moeten ze allemaal hun kop houden.''