Referendum Italië is sprong in het duister

Italië bereidt zich voor op een sprong in het duister. Wat daar wacht, is onduidelijk. Uit de diepte komen tegenstrijdige en soms angstaanjagende geluiden. Maar niemand wil terug naar de beerput van smeergeld en mafia. Erger dan dat kan het nooit worden.

In deze emotionele gemoedstoestand gaan de Italianen zondag naar de stembus, voor acht referenda. Het belangrijkste is dat over de kieswet voor de senaat. Dat is gaandeweg een soort tovermiddel geworden dat alle problemen zou moeten oplossen. Na het referendum begint de vernieuwing, roept Mario Segni, de gangmaker achter de campagne, die vorige maand uit de christen-democratische partij stapte. Hij schetst een land waar een paar politieke hoofdstromingen bestaan, met regelmatige regeringswisselingen in plaats van een onaantastbaar machtsblok, en waar politieke partijen weer vertegenwoordigers van de burgers zijn in plaats van op geldelijk gewin beluste organisaties. “Als op 18 april het ja wint, zullen we in zes maanden een nieuwe republiek hebben,” heeft Segni gezegd.

Het is mogelijk. Maar het wenkend perspectief van Segni is voorlopig een visioen, en dat is ook zijn eigen schuld. Segni belooft nieuwe partijen, nieuwe breed-georganiseerde politieke stromingen. Maar zelf heeft hij maanden geaarzeld om te breken met zijn christen-democratische partij. Pas toen Giulio Andreotti en Antonio Gava, twee kingmakers binnen de partij, werden beschuldigd van banden met de mafia en de camorra, de Napolitaanse variant, verliet Segni het nest. En nog steeds is onduidelijk wat Segni daarna precies wil gaan doen, met wie hij denkt te kunnen samenwerken na het referendum. Segni de grote vernieuwer, de Bill Clinton van Italië? Zijn nieuwe partij bestaat nog niet eens op papier.

Meer op haar plaats is de metafoor van oud-president Françesco Cossiga. Met zijn verbale houweelslagen tegen het versteende politieke stelsel heeft hij veel van de beroering nu mede in gang gezet. Inhoudelijk ben ik niet voor het referendum, heeft Cossiga laten weten. “Maar omdat ik niet geloof dat we zo verder komen, stem ik "ja', op dezelfde manier waarop ik een bom zou plaatsen omdat ik geen andere manier zie om de weg vrij te maken.”

Dat is de essentie van het referendum over een nieuwe kieswet voor de senaat: het opblazen van een vastgelopen systeem dat zichzelf niet meer kan hervormen. De parlementscommissie die plannen moest opstellen voor politieke hervormingen, was de afgelopen maanden een etalage van machteloosheid. Op de dag af 45 jaar na de befaamde verkiezingen van 18 april 1948, toen het land moest kiezen tussen rooms of rood en de christen-democratische heerschappij begon, moet het doek daarover vallen. De heilsboodschap van Segni belooft “een verandering zonder precedenten, of het moet die van de val van het fascisme zijn.”

Het is wat veel voor een simpele verandering van de kieswet, en dan alleen nog van die voor de senaat. Niet meer de evenredige vertegenwoordiging die in de praktijk bestond, maar voor driekwart van de zetels een meerderheidsstelsel zoals in Groot-Brittannië: wie de meeste stemmen krijgt, wint de zetel. Het resterende kwart wordt verdeeld op basis van evenredige vertegenwoordiging. Kleine partijen kunnen zo een luis in de pels blijven, maar niet meer dan dat.

Het ziet ernaar uit dat een meerderheid van de kiezers deze verandering wil. Een meerderheidsstelsel leidt tot de vorming van allianties en verbetert daarmee de bestuurbaarheid. Corrupte politici hebben minder kans hun parlementszetel te houden via een goede plaats op de partijlijst. En het argument dat een meerderheidsstelsel na de oorlog de macht van de christen-democraten alleen nog maar zou hebben versterkt en de opkomst van politieke protestpartijen zou hebben bemoeilijkt, is niet relevant meer: alles is veranderd toen eind jaren tachtig de tweedeling tussen communisten en niet-communisten is verdwenen in Italië.

Die verandering van de kieswet voor de senaat, die automatisch ingaat als het referendum wordt aangenomen, kan niet meer dan een begin zijn. De grootste problemen moeten nog komen. Hetzelfde parlement dat er de afgelopen maanden niet uit is gekomen, moet een nieuwe kieswet opstellen voor de Kamer. Ze hebben geen keus, heeft president Scalfaro gezegd, hopend op een duidelijke uitspraak van de kiezer. Volgens hem kan het parlement straks nog slechts als een notaris uitvoeren wat de kiezer hem opdraagt. Maar diezelfde kiezer wil ook vervolging van corrupte politici, en dat gebeurt mondjesmaat. Waarom zouden de "oude' partijen straks ineens niet meer tegenstribbelen?

Bovendien: welke allianties komen er? Een jaar geleden lagen de kaarten nog duidelijk voor de kiezer. Segni en zijn progressieve katholieken waren vóór een nieuwe kieswet en kregen de steun van iedereen die vernieuwing wilde: de protestpartij Lega Nord, de ex-communisten, de anti-mafiapartij La Rete. Tegen waren de christen-democraten en de socialisten.

Een jaar geleden was het nog oud tegen nieuw. Nu is het oud en nieuw tegen oud en nieuw. Christen-democraten en socialisten zijn officieel vóór, maar dat is uit opportunisme: zij willen straks een deel van de vernieuwing kunnen claimen. En achter de schermen werken de socialist Craxi en de christen-democraat Sbardella hard tegen de officiële partijlijn in. Sbardella vreest de wraak van de kiezer als er niet meer met lijsten gemanipuleerd kan worden. Craxi vreest dat ook, en is bovendien bang dat zijn partij geen kans heeft in een meerderheidsstelsel.

Ook onder de neen-stemmers zijn opportunisten. Leoluca Orlando, leider van La Rete, is bang dat zijn kleine maar groeiende partij in de knop wordt gebroken in een meerderheidsstelsel. Ook hij hoopt op het bom-effect van het referendum, maar dan door een overwinning van het "neen'. Dan wordt helemaal duidelijk dat dit parlement geen toekomst meer heeft en dat er meteen moet worden gestemd, zegt hij.

Wie wil vernieuwen, moet neen stemmen, roept Orlando. Het is een gelegenheidsargument. Als er nieuwe verkiezingen worden gehouden, zou de huidige coalitiepartijen hun meerderheid kwijtraken. Maar dan? Het resultaat zou een gefragmenteerd parlement zijn. Orlando, de neo-fascisten en de communistische hardliners, onwaarschijnlijke bondgenoten in hun verzet, zouden wat meer stemmen hebben. Maar het zou onwaarschijnlijke politieke acrobatiek vereisen om dan een kabinet te vormen. Al een jaar lang is duidelijk dat de huidige coalitie ten dode is opgeschreven. Maar nog steeds is er geen concreet alternatief beschikbaar - niet alleen de regeringspartijen hebben gefaald in Italië.

Het is tekenend voor de morele impasse dat de oplossing wordt gezocht in andere procedureregels. Waar geen cultuur van politieke verantwoordelijkheid bestaat, waar corrupte of van mafia verdachte parlementsleden blijven doen of hun neus bloedt en zich alleen wat minder vaak vertonen, moet worden gezocht naar andere middelen. Dat laat meteen zien dat het referendum niet meer kan zijn dan een eerste stap. Hierna begint het pas. De weerstanden zijn groot, want een heel systeem met 45 jaar oude wortels geeft zich niet zomaar gewonnen. In het scenario van Segni dat uiteindelijk moet leiden naar vervroegde verkiezingen, wordt morgen niet meer dan de eerste bladzij geschreven. De rest is nog blanco.