Peking: Britse "verlakkerij' in zake afspraak Hongkong

PEKING, 15 APR. China heeft Groot-Brittannië vandaag beschuldigd van "verlakkerij', daags na de afspraak om volgende week opnieuw onderhandelingen over politieke hervormingen in Hongkong te beginnen, aangezien Londen meteen de namenlijst van de Britse delegatie heeft bekendgemaakt.

Daarop staan naast de Britse ambassadeur in China, Sir Robin McLaren en twee Britse diplomaten, twee hoge Hongkong-Chinese regeringsfunctionarissen, de minister voor Constitutionele Zaken Michael Sze en diens plaatsvervanger Peter Lai.

De Britse regering stelt met nadruk dat de twee Hongkongers volledige leden van de Britse delegatie zijn, maar China houdt vol dat beide landen slechts een vertegenwoordiger kunnen afvaardigen en dat de overige deelnemers slechts adviseurs of experts zijn. De Chinese versie is dat alleen ambassadeur McLaren en aan Chinese zijde vice-minister van buitenlandse zaken Jiang Enzhu onderhandelaars zijn en dat de overigen geen zelfstandig recht van spreken hebben.

De Chinezen hebben de namen van hun "adviseurs en experts' nog niet bekend gemaakt en zijn uiterst formalistisch in de selectie daarvan omdat die precies dezelfde rang moeten hebben als hun Britse tegenhangers. Op 12 maart ketste een eerder voornemen om na een zenuwenoorlog van vijf maanden weer te gaan praten te elfder ure af omdat de gouverneur van Hongkong, Chris Patten, onverbiddelijk was in zijn eis dat de Hongkong-Chinezen volledige leden van de Britse delegatie zouden zijn.

China is even verbeten in zijn afwijzing daarvan omdat het zich op het standpunt stelt dat Hongkong een kwestie tussen de twee soevereine machten China en Groot-Brittannië is en dat Hongkong geen aparte rol als derde kan spelen. Hongkong wordt immers niet onafhankelijk maar wordt door de historische ontvreemder teruggegeven aan de oorspronkelijke eigenaar.

China wenst alleen van doen te hebben met Hongkong-Chinezen die òf al lang pro-Peking zijn òf opportunistisch en pragmatisch genoeg om zich nu naar Peking te schikken. China beschouwt de meeste Hongkong-Chinezen die voor de Britse autoriteiten werken, vooral in de gepolariseerde sfeer van de laatste maanden als "lakeien van het Britse kolonialisme'. Vooral een man als Michael Sze (47), is een uitgesproken vertrouweling van Patten en heeft geen toekomst in Hongkong na 1997, tenzij er nog voor die tijd een politieke omwenteling in China en Hongkong komt.

China heeft Patten na de mislukking een maand geleden in superlatieve termen veroordeeld, maar niettemin zijn geheime besprekingen in Londen voortgezet tussen de minister voor Hongkong-zaken, Alastair Goodlad, en de Chinese ambassadeur Ma Yuzhen. Deze zijn kennelijk overeengekomen het probleem van de status van de Hongkong-vertegenwoordigers te omzeilen of dubbelzinnig te laten, maar nu blijken beide partijen toch hun eigen interpretatie onmiddellijk in het openbaar te gaan uitvechten.

China zal ook weigeren om de media toe te laten. Gangbare praktijk was dat er honderden journalisten uit Hongkong in Peking rondzwermden en dag en nacht bij de Britse ambassade, het ministerie voor Hongkong en Macau-zaken etc. de wacht hielden om kruimels informatie op te pikken. Zelfs dat zal nu niet worden toegelaten en dat is moeilijk verteerbaar voor Londen en Hongkong omdat de Britten in het verleden telkens met harde beschuldigen van de zijde van liberale politici uit Hongkong geconfronteerd werden dat zij "het weer met Peking op een akkoordje hadden gegooid achter de rug van de bevolking van Hongkong om'.

Chris Patten is juist naar Hongkong gestuurd om China harder aan te pakken en is zijn gouverneurschap begonnen met de belofte van openheid en geen geheime akkoorden met Peking zonder inspraak van Hongkong. Van Britse zijde is meteen de samenstelling van de delegatie bekendgemaakt om te tonen dat Hongkong niet meer als derde op de gang zou moeten wachten om te vernemen wat de sjieke diplomaten en communistische kameraden nou weer bekokstoofd hadden.

Ondanks het huidige gekrakeel zullen de gesprekken volgende week toch doorgaan. De eerste zitting zal vier dagen duren. Behalve de effectenbeurs, die gisteren een nieuw historisch record brak is niemand er echt optimistisch over. De impliciete voorwaarde voor de onderhandelingen is immers ook dat de Wetgevende Raad, zolang er gesprekken gaand zijn, de politieke hervormingsvoorstellen voor verbreding van het electoraat in 1995 niet in behandeling neemt.

Commentatoren vrezen dan ook dat China de onderhandelingen eindeloos zal rekken om te voorkomen dat de hervormingen ooit werkelijkheid worden, of dat zij zo verwaterd zullen worden dat Patten en Londen uiteindelijk toch nog van "uitverkoop' worden beschuldigd. Liberaal-democratische kringen in Hongkong hebben al geëist dat de Britten China meteen moeten manen alle liberale politici die in 1995 gekozen zouden worden na 1997 aan te laten blijven en niet van de zogenaamde "doorgaande trein' te duwen.

China heeft er een breekpunt van gemaakt dat de man die bij de eerste verkiezingen in 1991 het hoogste aantal stemmen haalde, de advocaat Martin Lee Hongkong zal moeten verlaten in 1997 omdat hij de Basic Law waarin de staatsinrichting voor Hongkong na 1997 is vastgelegd heeft verbrand en na het bloedbad in Peking in 1989 in het Amerikaanse Congres opriep tot sancties tegen "zijn vaderland'.

China heeft de banvloek uitgesproken tegen anti-communisten en anti-patriotten of die nou gekozen worden door de bevolking van Hongkong of niet. De kloof tussen beide partijen is dus zeer diep, maar desondanks stemt het feit dat zij weer gaan praten tot enig optimisme. Beiden hebben er immers groot belang bij dat de zenuwenoorlog van het afgelopen half jaar beëindigd wordt, omdat alle lopende zaken stilliggen en de achterstand in de drie gespecialiseerde commissies, de Joint Liaison Group, de Brits-Chinese landcommissie en de Vliegveldcommissie steeds verder oploopt.

De grootschalige economische en financiële interactie tussen China en Hongkong wordt er ook door bemoeilijkt. Het voordeel voor China om het overleg te hervatten is echter vooral psychologisch. Vóór 3 juni moet president Clinton besluiten of de status van Meest Begunstigde Natie (MFN) met of zonder voorwaarden verlengd wordt. De nieuwe onderminister van buitenlandse zaken voor Oost-Azië, Winston Lord, een militante activist voor de mensenrechten, heeft Hongkong tot een van de Amerikaanse zorgen verklaard, die een factor in de presidentiële beslissing zou kunnen worden. Enige ontspanning in Hongkong zou dus positieve invloed kunnen hebben. China heeft er ook een wezenlijke prestige-kwestie van gemaakt dat het in het jaar 2000 gastheer voor de Olympische Spelen zal worden. De stemming van het IOC zal in oktober worden gehouden.