Oost-Europa teleurgesteld in EG-beleid

ROTTERDAM, 15 APRIL. De Oosteuropese landen hebben teleurgesteld gereageerd op de slotverklaring van de conferentie over samenwerking tussen Oost- en West-Europa omdat de grenzen van de EG niet worden opengesteld voor Oosteuropese produkten

De Europese Gemeenschap wil het handelsbeleid jegens Oost-Europa liberaliseren, maar heeft de afgelopen dagen op de conferentie in Kopenhagen geen enkele concrete toezegging gedaan.

“De conferentie hecht belang aan een liberaler handelsbeleid ter bevordering van de overgang naar een vrije-markteconomie en onderstreept de noodzaak daartoe om de huidige economische problemen het hoofd te bieden”, aldus de slotverklaring van de tweedaagse conferentie waaraan dertig landen deelnamen. Alle landen waren het erover eens dat de toegankelijkheid van de Westeuropese markt te wensen overlaat. De Oosteuropese landen vinden de beloften van de EG om handelsbarrières te slechten veel te mager.

De Poolse minister voor Europese integratie J. Saryusz-Wolski verwoordde de kritiek van de Oosteuropese deelnemers door te wijzen op “het gat tussen beloften en prestaties dat in de relaties met de EG constant aanwezig is.” Volgens de Hongaarse minister van buitenlandse zaken G. Jeszenszky betekent de slotverklaring, als ze wordt uitgevoerd, wel “een groot voordeel voor het Oosten.” Jeszenszky benadrukte dat handel belangrijker is dan hulp.

“Ons doel is vooruitstrevende liberalisatie van de handel,” zei N. Helveg Petersen, de Deense minister van buitenlandse zaken. Denemarken is de huidige voorzitter van de EG. Sir Leon Brittan, EG-commissaris voor buitenlandse betrekkingen, zei dat de conferentie heeft geholpen om de kansen voor Oosteuropese landen om snel markttoegang te krijgen, te vergroten.

Verschillende Oosteuropese afgevaarden hekelden het Europese “protectionisme” dat is vastgelegd in de zogeheten Europa-akkoorden. De akkoorden beperken de import in de EG van "gevoelige' produkten zoals staal, textiel en landbouwprodukten. De Poolse staatssecretaris R. Mroziewicz verlangde dat Europa de markt voor deze produkten openstelt, “temeer omdat de produkten slechts 0,7 procent uitmaken van de totale handel tussen Oosteuropese landen en de EG.” De Franse minister van buitenlandse zaken, A. Lamassoure, zei dat markten die worden geherstructureerd, zoals de landbouw, moeten worden ontzien.

Geen oplossing is gevonden voor het geschil inzake de handel in vlees en zuivelprodukten. Vorige week sloot de EG haar grenzen voor deze produkten uit angst voor de verspreiding van de ziekte mond- en klauwzeer. Hongarije, Polen, Bulgarije, Tsjechië en Slowakije sloten daarop hun grenzen voor vee, vlees- en zuivelprodukten uit de EG. (Reuter/ANP)