Kasteel Het Nijenhuis, Heino; Een hond vernoemd naar Jeroen Bosch

T/m 2 mei is in Kasteel Het Nijenhuis de tentoonstelling "Dieren Demonen' te zien: over de belangstelling van 20ste-eeuwse kunstenaars als Herman Kruyder, Constant Permeke, Chaim Soutine en Henk Chabot voor het dier. Tijdens het Nationaal Museumweekend kan men tussen 11-17u op eigen gelegenheid (dus zonder van tevoren een afspraak te maken) de verzameling in het kasteel bekijken. Anders altijd bellen voor een afspraak. Heino/Wijhe. Di t/m zo 11-17u. Inl 05729-1434.

De setting is eenvoudig: een kasteel in de provincie, ruime oprijlaan, weiden vol sloom grazende koeien, ver achter de bomen het wegstervend geluid van een boemeltrein. En dan ineens kunst, veel kunst. Picasso, Picabia, Mondriaan in een oud koetsgebouw. Boven op zolder Japanse tsuba's, monochrome Chinese glazuren en Afrikaanse maskers. In het huis, over de slotgracht, middeleeuwse heiligenbeelden en oude meesters: koraaltakken en nautilusbekers van Willem Kalf, een stilleven met dode zwaan van Jan Baptist Weenix, een allegorie van Laurent de la Hyre en veel toeschrijvingen: Vermeer, Seghers, Fabritius.

Kasteel Het Nijenhuis bij Heino (Overijssel), zijn laatste bewoner en diens hier tentoongestelde verzameling: het zouden met gemak de componenten van een roman kunnen zijn, een spectaculaire roman over collaboratie, kunstvervalsing en gezichtsverlies. Dirk Hannema, een invloedrijke kunstkenner en voormalig directeur van museum Boymans-Van Beuningen, leefde op Het Nijenhuis vanaf 1957 tot aan zijn dood in 1984. Tijdens Hannema's directeurschap verwierf museum Boymans internationale bekendheid met twee tentoonstellingen over Vermeer en Jeroen Bosch in 1935 en 1936. Maar samenwerking met de Duitse bezetters tijdens de oorlog leverde de directeur in 1945 oneervol ontslag op. Hannema werd "weggezuiverd'. Een zo niet nog erger démasqué volgde, toen uitkwam dat "De Emmausgangers', een schilderij van Vermeer dat Hannema in 1938 voor tonnen voor het Nederlandse rijk had aangekocht, door Han van Meegeren was geschilderd en dus een vervalsing bleek. De twee naoorlogse jaren waren zwaar voor Hannema, schreef hij later in zijn memoires. Met zijn eigen kunstcollectie - waaronder nóg een discutabele "Vermeer' - trok hij zich terug in de provincie, eerst op kasteel Weldam bij Goor, later definitief op Het Nijenhuis.

Toch is het niet deze voorgeschiedenis die Het Nijenhuis tot een van de meest bijzondere plaatsen in Nederland maakt waar je kunst kunt zien. Het kasteel met de bijgebouwen herbergt een complete privé-verzameling - waar vind je dat nog tegenwoordig? -, die neergezet en opgehangen is zoals een liefhebber dat doet: de favoriete bezittingen staan of liggen binnen handbereik, op ieder ogenblik van de dag of nacht van de muur te halen of te schuiven, op te pakken, aan te raken, te bekijken, te gebruiken. Schots en scheef hangen de stillevens, landschappen en portretten door elkaar, zonder naambordjes of verwijzingen, op zijn best gegroepeerd rond een eeuw: Troost hangt tussen zijn Italiaanse tijdgenoten Guardi en Magini in de eetkamer; Snyders, Jordaens en Strozzi vullen een deel van "de grote sael'. Antieke meubelen, kastjes en beelden versperren voortdurend de doorgang.

De kwaliteit van het tentoongestelde is niet altijd hoog, want ook in zijn af- en voorkeuren, in zijn vergissingen en miskopen laat de verzamelaar zich kennen. De "Vermeer' - een familiegroep op een balkon, waar Hannema hemel en aarde voor had willen bewegen om de echtheid te bewijzen, maar waarvan men tegenwoordig aanneemt dat het schilderij van Italiaanse afkomst is - is al genoemd. "De Bewening', een doek dat Hannema aan Rembrandt toeschreef, lijkt nu duidelijk niet van deze meester, zo onnatuurlijk is het gelaat van de zielloze Christus afgebeeld. En van Abraham van Beyeren en Jan van Goyen kocht Hannema niet bepaald de beste stillevens en landschappen.

Toch blijft er genoeg over om met bewondering aan te snuiven, al is het maar de sfeer. Van de steriele inrichting die veel museale opstellingen kenmerkt, is in Het Nijenhuis geen sprake. Kunst diende je te gebruiken, voor zover het daar geen schade van ondervond, was Hannema's overtuiging. En wie dit in het verleden dreigde te vergeten, werd er door de lange zwarte haren van hond Jeroen (naar Jeroen Bosch) die op de kostbare sofa's en tapijten kleefden, wel aan herinnerd.