De lange arm van Kim Il Sung

Vandaag is hij 81 geworden, de Grote Leider, de Weergaloze Patriot, de Onoverwinnelijke Commandant met de IJzeren Wil, de Enige Staatsman op Aarde, het Genie van de Revolutie, de Legendarische Held, de Beminde en Gerespecteerde Vader, de Zon van de Natie, het Licht der Wereld. Generalissimo Kim Il Sung, president van Noord-Korea. Ongetwijfeld is zijn volk spontaan naar het Kim Il Sung-plein, het Kim Il Sung-stadion en de Kim Il Sung-avenue getogen om de leidsman te eren. Vorig jaar, toen ik als officieel genodigde mocht aanzitten tijdens de festiviteiten ter gelegenheid van zijn tachtigste verjaardag, viel me al op hoe ongedwongen de inwoners van de Nieuwe Heerlijke Wereld blijk gaven van hun geloof in het orthodoxe communisme en de man die een patent heeft op “de beantwoording van alle vragen die in de loop der eeuwen tevergeefs door filosofen zijn gesteld”.

Onlangs kwam de postbode aansjouwen met The Festivals of The Nation, een 1,5 kilo wegende herinnering aan Het Grootste Feest van de Mensheid. Het boek telt 258 kleurenfoto's: vlaggen in de hoofdstad Pyongyang, modelarbeiders die het geboortehuis van de president bezoeken, een buiging van Norodom Sihanouk, zingende kinderen aan de voet van een twintig meter hoog bronzen standbeeld, het massaballet van de schooljeugd, burgers die "loyaliteitsbrieven' aanbieden, een parade van honderdduizenden soldaten ("Singlehearted Unity is Our Pride'). Wie het werk doorneemt, kan vaststellen dat niet alleen in Noord-Korea juichkreten hebben geklonken. Wereldwijd zijn biografieën als Lodestar of Human Liberation en tractaten in het genre Kim Il Sung, por la Victoria Total del Socialismo de winkels uitgevlogen.

Ontroering maakt zich van mij meester als ik de foto op pagina 175 zie. In een onbekend Afrikaans dorp hebben adepten van de Noordkoreaanse leider in schamele feestkleding zich tussen huizen met golfplaten daken verzameld. Eén man houdt een zwartwit-portret van Kim Il Sung omhoog. De gezichten staan bedrukt. "Celebration meeting', luidt het onderschrift.

Het afgelopen jaar arriveerde méér post uit het Arbeidersparadijs. Nieuwjaarswensen die van een ongebroken geloof in de revolutie getuigden. Pamfletten waarin de internationale gemeenschap de wacht werd aangezegd. Exemplaren van de Pyongyang Times, vol berichten over de crisis die uitbrak nadat Noord-Korea had aangekondigd zich terug te trekken uit het Non-proliferatieverdrag, dat de verspreiding van kernwapens tegengaat. A resolute self-defensive measure, schreeuwt een kop. Young people volunteer for military service, heet het verderop. All are in war readiness, we do not beg for peace.

Kort van stof zijn de schrijvende Noordkoreaanse ambtenaren niet. Ziehier de eerste zin van een brief die begin februari werd verstuurd naar "dierbare vrienden' als ik: “Zoals eerder gerapporteerd hebben de Verenigde Staten en de Zuidkoreaanse autoriteiten - terwijl de stroom van de tijd op het Koreaanse schiereiland in de richting ging van ontspanning en verzoening, te danken aan de acceptatie en effectuering van de overeenkomst over non-agressie, samenwerking en uitwisseling tussen het noorden en zuiden van Korea en de gezamenlijke verklaring over denuclearisering - hun tijdelijk opgeschorte militaire Team Spirit-oefeningen hervat, daarmee de situatie op het Koreaanse schiereiland terugbrengend naar het startpunt van de discussies, en de implementatie van de Noord-Zuid-overeenkomst en de gezamenlijke verklaring over denuclearisering in het nauw drijvend.”

Dat dit soort proza niet dagelijks doordringt tot de kolommen van Westerse kwaliteitskranten is een gegeven waarover Pyongyang zich verbaast. Onlangs namen twee beleefde vertegenwoordigers van het bewind - naar Nederland overgekomen om zich te verstaan met wat resterende geestverwanten - bij mij thuis op de bank plaats om toon en inhoud van reportages in NRC Handelsblad aan een kritische analyse te onderwerpen. Waarom, zo vroegen zij zich af, gaan dagbladen hier niet over tot integrale publikatie van pakweg Order No. 0031 of the Korean People's Army? Hoe kan het dat de paginalange verklaringen van Kim Il Sung worden genegeerd? En wat is de reden dat journalisten zich niet verdiepen in essays als "Enige Problemen Die Rijzen Bij De Produktie Van Grote Werken', geschreven door Kim Jong Il, als zoon van de president, Geliefde Leider en opperbevelhebber toch 's lands toekomstige Richtinggevende Ster?

Een duidelijk antwoord kon ik de bezoekers niet geven. De lange arm van Kim Il Sung zat er dan ook bedremmeld bij. Maar de laatste weken begin ik begrip te krijgen voor mijn verongelijkte gesprekspartners: behandelt de pers Noord-Korea niet te neerbuigend? Is de verslaggeving wel fair? De meeste media wekken de indruk dat het communistische heilstaatje nooit en te nimmer inspectieteams van het Internationale Atoom Energie Agentschap wil toelaten die research verrichten naar de produktie van kernwapens. Feit is echter dat onderzoekers van het IAEA sinds 4 mei 1992 zesmaal de kans kregen nucleaire installaties in Noord-Korea te controleren. Pas toen zij besloten het roemruchte Yongbyong-complex aan te doen, ging de Nieuwe Heerlijke Wereld op slot. En zo is er méér: ten onrechte bagatelliseren commentatoren de dreiging die Noord-Korea voelt als Zuid-Korea en de VS grootscheepse legermanoeuvres organiseren. Ten onrechte wordt de laatste stalinistische staat op aarde gekenschetst als een land waar de bevolking niets te eten heeft. Ten onrechte voorspelt het State Department op korte termijn de ineenstorting van Kims regime.

Bladerend door brochures van het Korean Committee for Friendship with the Dutch People wordt het me zwaar te moede: het lijkt ze nog gelukt óók - ik eindig als verdediger van Kim Il Sung.