ABN Amro hekelt rol van overheid bij ondergang Daf

AMSTERDAM, 15 APRIL. ABN Amro is niet langer de bank die zich timide verdedigd tegen overheidskritiek. De bank gaat in de aanval. Op de burelen van de Amsterdamse Foppingadreef is men het zat om van Economische Zaken de zwarte piet toegespeeld te krijgen voor de teloorgang van bedrijven.

Gisteren haalde ABN Amro-topman mr. R. Hazelhoff bij de presentatie van het jaarverslag fel uit naar de overheid. Hoewel hij het woord "DAF' zorgvuldig vermeed, blijkt uit de reacties dat de bank woedend is over de rol die Economische Zaken heeft gespeeld bij het faillissement van DAF en vooral over de manier waarop minister Andriessen de zaken heeft afgeschilderd.

Volgens Hazelhoff gaat de regering er in toenemende mate vanuit dat wanneer politici in Den Haag een offer brengen, de banken dat ook moeten doen. “In plaats van de normale bancaire voorzichtigheid willen wij wel eens een rekening oprekken, maar dat mag niet tegen ons gebruikt worden”, zei Hazelhoff. Hij zegt zich nu harder te zullen gaan opstellen bij probleembedrijven.

Hazelhoff vindt dat politici het begrip "maatschappelijke verantwoordelijkheden' verkeerd gebruiken. “Wij hebben ook onze maatschappelijke verantwoordelijkheid jegens onze spaarders en onze aandeelhouders. Die maken voor zover ik weet ook deel uit van de maatschappij.”

Kringen van ABN Amro hekelen de voorstelling dat het rijk DAF met vele miljoenen bijsprong, maar dat de banken DAF failliet lieten gaan. Volgens de banken heeft de Nederlandse overheid vooral achtergestelde leningen omgezet in aandelen, waardoor DAF geen nieuw geld binnenkreeg. Economische Zaken zou zelf hebben aangestuurd op de val van DAF.

De aanval van ABN Amro is een onderdeel van een golf van zware kritiek die de financiële sector op Den Haag heeft. President-directeur van de Nationale Investeringsbank Jonkhart, wees onlangs op de discrepantie tussen woord en daad in de industriepolitiek. Zijn collega bij de Nederlandsche Credietverzekeringsmaatschappij Groen viel hem bij door erop te wijzen dat de overheid te weinig geld uittrekt voor voorwaardenscheppend beleid en voor het redden van gezonde bedrijven geen geld over heeft.

Volgens ABN Amro-bestuurder drs. Th.A.J. Meys is de zwakte van Economische Zaken onder meer te wijten aan oud PvdA-leider Den Uyl, die werkgelegenheid heeft gekoppeld aan het ministerie van Sociale Zaken. Volgens Meys hoort werkgelegenheid bij Economische Zaken, omdat daar het scheppen van nieuwe banen moet plaatsvinden.

De rol van criticus van Den Haag is nieuw voor ABN Amro. Vorig jaar ging het pas gevormde concern nog in de verdediging, omdat De Nederlandsche Bank had gewaarschuwd voor een te grote macht van financiële conglomeraten. De bank haastte zich te zeggen dat zij geen industriebeleid wenste te voeren. Die discussie lijkt achterhaald, nu de overheid juist belang heeft bij banken die de industrie door het dal heen helpen.

Meys demonstreerde de verandering door trots te vertellen dat zijn bank een mooie oplossing heeft gevonden voor de grafische sector in Nederland: eergisteren werden de grafische bedrijven van VNU samengevoegd met die van Koninklijke De Boer, waar ABN Amro grootaandeelhouder is. Vorig jaar zou dit een kwestie zijn geweest "die uitleg behoeft'. Dit jaar wordt het gepresenteerd als wapenfeit.